België wil profiteren van goedkope Deense windenergie

Minister van Energie Tinne Van der Straeten. ©Photo News

Als alles volgens plan verloopt, komt er tegen 2030 een kabel van 500 kilometer onder de Noordzee die België en Denemarken rechtstreekse toegang geeft tot elkaars windenergie. Federaal minister van Energie Tinne Van der Straeten (Groen) heeft daarover een deal met haar Deense evenknie gesloten.

Van der Straeten kondigt de plannen woensdag aan in haar speech voor de Davos Energy Week. Normaal gezien zou de groene energieminister op het evenement spreken, maar door de coronacrisis wordt dat vervangen door het inlezen van een speech vanop het eigen kabinet en hopen dat de digitale boodschap opgepikt wordt.

Haar aankondiging is best stevig. Van der Straeten legde zelf de contacten met haar Deense collega en binnenkort tekenen de twee een ‘memorandum of understanding’ (MOU) om tot een onderzeese interconnector tussen beide landen te komen. De deal kadert in een beweging die al enige tijd bezig is. Zo loopt er sinds 2018 een stroomkabel tussen België en het Verenigd Koninkrijk en nog maar sinds november zijn ook het Belgische en Duitse stroomnet met elkaar verbonden. Maar een rechtstreekse onderzeese kabel naar Denemarken - door Britse en Nederlandse wateren - is van een andere grootteorde.

Als we ook in 2030 de bevoorrading willen verzekeren en in 2050 op 100 procent hernieuwbaar energie willen rekenen, moeten we daar vandaag aan beginnen.
Tinne Van der Straeten
Federaal minister van Energie

‘Het zal gaan om een hybride project, waarbij stroom in beide richtingen kan vloeien en ook de windmolenparken van beide landen met elkaar verbonden worden. Het voordeel voor ons land is dat wij toegang krijgen tot de goedkope Deense windenergie. Denemarken is wereldkampioen voor offshore windenergie en België de Europese nummer vier. Aangezien Denemarken veel overschotten heeft en België door ruimtegebrek op zijn limieten botst, zijn dergelijke verbindingen noodzakelijk om onze klimaatdoelstellingen te halen en ook om de knowhow van ons land te kunnen blijven exporteren’, aldus Van der Straeten.

Capaciteit kerncentrale

De MOU engageert zich in eerste instantie tot het voeren van een haalbaarheidsstudie. Die moet tegen eind 2021 duidelijk maken of het project technisch en financieel haalbaar is. De link tussen België en het VK kostte 650 miljoen euro voor een afstand van 140 kilometer. Een kabel van 500 kilometer met een beoogde capaciteit van 1 à anderhalve gigawatt - dezelfde productiecapaciteit als een van de jongste Belgische kernreactoren - zal vermoedelijk een veelvoud kosten. De vraag is dus hoe rendabel de operatie is, als ze ook nog eens tot lagere stroomprijzen moet leiden.

‘Verbindingen van die afstand zijn er al’, stelt het kabinet-Van der Straeten. ‘Sinds 2008 is er een interconnector tussen Nederland en Noorwegen en in 2025 opent er een tussen Frankrijk en Ierland. Bovendien is offshore wind de goedkoopste energievorm, na onshore wind. En doordat de stroom in beide richtingen kan vloeien, is het de bedoeling tot een benuttingsgraad van 80 tot 90 procent te komen, wat de maatschappelijke kosten verlaagt.’ De Europese Green Deal legt extra interconnectiviteit tussen landen ook op in het kader van de bevoorradingszekerheid.

Van der Straeten: ‘Dit project is nog niet voor morgen, maar je moet durven vooruit te kijken. Als we ook in 2030 de bevoorrading willen verzekeren en in 2050 op 100 procent hernieuwbaar energie willen rekenen, dan moeten we daar vandaag aan beginnen. Dit project is een belangrijk puzzelstuk en op termijn kunnen we evolueren naar een volledig geïntegreerd Europees offshore net’, aldus de minister, die in 2025 alle Belgische kerncentrales wil sluiten. Ook daardoor is meer interconnectiviteit een must.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud