Screenings voor gevoelige jobs schieten tekort

Mensen die een toegangsbadge krijgen voor de luchthaven worden na hun screening te weinig opgevolgd. ©BELGA

De manier waarop onze inlichtingendiensten mensen screenen die een gevoelige job willen uitoefenen, schiet tekort. Dat staat in het nieuwe jaarverslag van toezichthouder Comité I.

Zowel de Staatsveiligheid als de militaire inlichtingendienst moet elk jaar duizenden mensen screenen om na te gaan of ze voldoende betrouwbaar zijn en geen veiligheidsprobleem stellen. Bijvoorbeeld omdat ze willen werken in een kerncentrale of op gevoelige plaatsen op luchthavens. Begin 2018 is de wet aangepast om nog meer screenings te doen, onder andere in de private veiligheidssector en bij het openbaar vervoer. Het Comité I onderzocht tussen januari en april 2018 hoe onze twee inlichtingendiensten omspringen met die duizenden screenings. De resultaten staan in het nieuwe jaarverslag van de toezichthouder, dat vrijdag achter gesloten deuren is besproken in het parlement.

Meer 'uitzonderlijke' inlichtingenmethoden

Zowel de Staatsveiligheid als de militaire inlichtingendienst heeft het afgelopen jaar een recordaantal 'uitzonderlijke' inlichtingenmethoden toegepast. Dat zijn de meest verregaande en privacygevoelige technieken die onze inlichtingendiensten mogen gebruiken om info te verzamelen. De Staatsveiligheid paste die uitzonderlijke methodes vorig jaar 449 keren toe, dubbel zoveel als in 2017. De militaire inlichtingendienst deed dat 76 keer, tegenover 22 in 2017. De Staatsveiligheid heeft vorig jaar 48 toelatingen gekregen om informaticasystemen binnen te dringen, en 255 om privécommunicatie af te luisteren of te onderscheppen. En 95 toelatingen om bankrekeningen en -verrichtingen in te kijken. De Staatsveiligheid heeft vorig jaar 13 woningen of andere privéplaatsen doorzocht.

Vooral de militaire inlichtingendienst behandelt de screenings te stiefmoederlijk, stelde het Comité I vast. Bij de militaire inlichtingendienst is in 2015 een Cel Screenings opgericht. Die cel telde op het moment van het onderzoek maar enkele onderofficieren. Dat is ontoereikend. Er ontstond een achterstand zodra het aantal aanvragen eind 2016 begon toe te nemen. Door de achterstand zijn bepaalde soorten screenings opzijgeschoven. De Cel Screenings besloot op eigen houtje welke screenings niet prioritair waren.

De cel kreeg van hogerhand geen of nauwelijks instructies. Het personeel kreeg ook geen specifieke vorming en moest alles ‘on the job’ leren. De cel beperkt zich tot het nagaan of iemand opduikt in de databank van de militaire inlichtingendienst. Maar de vele databanken bij de dienst maken die screenings veel te tijdrovend. De databanken blijken ook niet altijd de recentste inlichtingen te bevatten. Een centrale registratie van alle screeningaanvragen ontbrak. Daardoor was later geen opvolging mogelijk, met risico’s voor de diensten waar de gescreende persoon werkt. Ook cijfergegevens ontbraken.

Door de mazen van het net

Ook bij de Staatsveiligheid zag het Comité I verschillende tekortkomingen bij de Dienst Veiligheidsverificaties. Onder andere een gebrek aan personeel, waardoor het plafond van het aantal screenings dat de dienst aankan, wordt overschreden. De databank van de Staatsveiligheid blijkt ook niet optimaal voor het uitvoeren van screenings.

Naast het doorzoeken van de databank is er in sommige gevallen nood aan bijkomend onderzoek. Dat is voor de 'collectediensten' van de Staatsveiligheid geen prioriteit, stelde het Comité I vast. Door de hoge werklast bleek het onmogelijk om voor bepaalde screenings vragen te stellen aan buitenlandse diensten. Zo kunnen personen van buitenlandse origine door de mazen van het net glippen, waarschuwt het Comité I.

De screeningopdracht wordt door de militaire inlichtingendienst stiefmoederlijk behandeld.
Comité I
Jaarverslag over 2019

Uit het onderzoek bleek ook dat er geen actieve opvolging gebeurde van de personen die ooit groen licht kregen na een screening. Dat schept risico’s. Iemand kan een toegangsbadge krijgen voor de terreinen van de luchthaven voor een periode van vijf jaar. Hij zal binnen die vijf jaar alleen een nieuwe screening ondergaan als hij een nieuwe functie krijgt.

De Staatsveiligheid geeft liever geen commentaar zolang het jaarverslag van het Comité I niet publiek is. De Staatsveiligheid nam wel al initiatieven om de situatie te verbeteren. N-VA-Kamerlid Peter Buysrogge verwacht dat het Comité I opvolgt of de inlichtingendiensten zijn vele aanbevelingen om de screenings te verbeteren ook uitvoeren.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud