Textielbazen verliezen zwarte miljoenen

De broers Dejager werden betrapt nadat hun rekeninggegevens bij de Liechtensteinse bank LGT waren uitgelekt. ©REUTERS

Wie zwart geld verbergt en met zijn fraudezaak voor de strafrechter belandt, riskeert alles kwijt te spelen. De textielbazen Dejager verloren 48 miljoen euro.

Het Antwerpse hof van beroep heeft de broers Dejager van de West-Vlaamse tapijtenmaker Osta Carpets een gepeperde rekening gepresenteerd. Hun miljoenenfraude was al bewezen, maar het was afwachten hoeveel geld de broers zouden kwijtspelen. Het Hof van Cassatie vernietigde in februari vorig jaar alleen voor dat punt - de verbeurdverklaarde geldsom - het arrest van het Gentse hof van beroep.

Cassatie verwees de kwestie door naar het Antwerpse hof van beroep. Dat heeft nu voor een van de twee broers 22,37 miljoen euro verbeurd verklaard en voor de andere broer nog eens 26,36 miljoen euro. Het totaalbedrag van meer dan 48 miljoen euro is de volle pot geld die de broers uit de fraude haalden. Het is de waarde van de effecten die ze met hun zwart geld kochten en die ze naar België probeerden terug te brengen. Volgens het Antwerpse hof van beroep is dat ‘het vermogensvoordeel’ dat ze probeerden wit te wassen en dat het hof moet verbeurdverklaren.

Liechtenstein

De broers Dejager werden betrapt nadat hun rekeninggegevens bij de Liechtensteinse bank LGT waren uitgelekt. Ze bleken tientallen miljoenen euro’s zwarte inkomsten in Liechtenstein en andere belastingparadijzen verborgen te hebben gehouden.

In 2006 maakten de broers gebruik van de fiscale regularisatie om hun belastingzonden recht te zetten. Maar uit het gerechtelijk onderzoek bleek dat de regularisatie onvolledig was. Via Luxemburg hadden de broers nog meer zwarte inkomsten witgewassen en het gerecht trok daarvoor ook de adviseurs van de broers, Petercam en Tiberghien, mee in het bad. Petercam kocht zijn vervolging af met een minnelijke schikking. Het advocatenkantoor Tiberghien werd later in de rechtszaal vrijgesproken.

Juridische vragen

Het Gentse hof van beroep gaf de broers begin 2016 30 maanden cel, waarvan 18 maanden met uitstel. De verbeurdverklaring van ruim 48 miljoen euro die het Gentse hof ook uitsprak, doorstond de toets van het Hof van Cassatie niet. De rest van de veroordeling wel. Cassatie zag er geen graten in dat het gerecht met gestolen bankgegevens werkte.

Volgens hoogleraar fiscaal recht Michel Maus (VUB) roept de zware verbeurdverklaring juridische vragen op. ‘De rechtspraak zegt dat je na zo’n strafrechtelijke verbeurdverklaring een heffing van de fiscus kan krijgen. Maar zo kan je mensen echt ruïneren. Het is wat anders als je alleen een celstraf en een boete krijgt en dan een heffing van de fiscus. Is het niet van het goede te veel om na zo’n verbeurdverklaring mensen ook nog eens belasten? Brengt dat het recht op eigendom niet in het gedrang? Dat moeten we voorleggen aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud