Advertentie

'Brussels Gewest is ondergefinancierd'

Brussels minister van Financiën Sven Gatz. ©BELGA

Brussel was met een tekort van 25 procent en een schuld van 180 procent van de ontvangsten vorig jaar het zieke broertje van de deelstaten. Minister van Financiën Sven Gatz pleit voor een herziening van de Bijzondere Financieringswet in 2024. 'Als we degelijk willen investeren in ons openbaar vervoer, dan is het wenselijk dat we dat zelf kunnen doen zonder ons in de schuld te steken.'

Van alle deelstaten in België ogen de begrotingscijfers van Brussel het minst fraai. In het tropenjaar 2020 liet het Brussels Gewest een tekort van 1,2 miljard euro optekenen, wat overeenstemt met bijna 26 procent van de inkomsten. Dat is aanzienlijk meer dan Vlaanderen en het Waals Gewest, die een tekort van respectievelijk 10,9 en 15,4 procent van hun ontvangsten hadden.

'Onze begroting staat stevig onder druk', erkent Brussels minister van Financiën Sven Gatz (Open VLD). 'Ik maak me daar zeker zorgen over.' Ook in 2021 zou de stad 941 miljoen euro meer uitgeven dan er binnenkomt. Bovendien herstelt Brussel het slechtst van de coronatik.

In 2024 zal het Hoofdstedelijk Gewest volgens ramingen van het Federaal Planbureau nog altijd een tekort van 12,2 procent van de inkomsten hebben, bijna vier keer meer dan Vlaanderen en ruim twee keer meer dan het Waals Gewest. Met de schuld is het hetzelfde verhaal. In 2020 bedroeg die 180 procent van de ontvangsten, in 2024 zal dat nog altijd zo zijn.

Niettemin heeft Brussel de budgettaire situatie volgens Gatz onder controle. 'Als je het tekort afzet tegenover het Brusselse bruto binnenlands product (bbp), valt de situatie veel beter mee', zegt hij. 'Wij hebben een begroting van om en bij 6 miljard, terwijl ons bbp aanleunt tegen 80 miljard. Dat is ergens wel een levensverzekering.'

Bovendien gebeurde volgens de minister een belangrijk deel van de schuldopbouw door investeringen. 'Brussel doet voor 500 miljoen strategische investeringen per jaar. Daarmee financieren we de derde metrolijn gedeeltelijk, vergroenen we het aanbod van de MIVB en komen er nieuwe tramlijnen.' Dat het de schuld doet aangroeien, is volgens hem een 'berekend risico', zeker gezien de lage rente. 'De rentelasten bedragen in onze begroting zo'n 1,9 procent van de ontvangsten. Dat is houdbaar, al moeten we zien wat er gebeurt als de rente stijgt.'

Bijzondere Financieringswet

Hogere belastingen om de begrotingsput te vullen, zijn voor Gatz evenwel uitgesloten. 'Ik ben daar niet tuk op. We hebben de laagste personenbelasting van het land en er is geen reden om daar verandering in te brengen. Om de begroting op orde te zetten, kijk ik in eerste instantie naar besparingen', zegt hij.

We hebben de laagste personenbelasting van het land en er is geen reden om daar verandering in te brengen. Om de begroting op orde te zetten, kijk ik in eerste instantie naar besparingen.
Sven Gatz
Brussels minister van Financiën

Maar Brussel hoopt nog op een andere manier zijn inkomsten te boosten. Het zal in 2024 meer geld eisen uit de Bijzondere Financieringswet (BFW). Door een aanpassing van de wet te vragen, kan het ook vermijden dat het gewest vanaf 2025 jaarlijks 10 miljoen euro minder uit het overgangsmechanisme van de BFW krijgt.

'Ons gewest is ondergefinancierd. Als we degelijk willen investeren in ons openbaar vervoer, dan is het wenselijk dat we dat zelf kunnen doen zonder ons in de schuld te steken', zegt Gatz. Hij wil ervoor zorgen dat Brussel meer van de welvaart die de hoofdstad creëert, ziet terugvloeien naar de overheidskas. Dankzij de aanwezigheid van veel bedrijven en de grote stroom aan pendelaars is Brussel een belangrijke motor van de Belgische economie, maar het plukt daar volgens Gatz te weinig de vruchten van.

Gatz pleit ervoor een deel van de inkomsten uit de personenbelasting toe te kennen op basis van waar mensen werken.

Hij kijkt vooral naar de personenbelasting. De BFW kent de dotaties uit de personenbelasting momenteel toe op basis van waar mensen wonen. Dat is in het nadeel van Brussel, waar veel mensen werken die er niet wonen. Gatz pleit ervoor een deel van die inkomsten toe te kennen op basis van waar mensen werken, 'zoals dat ook in andere landen gebeurt'. 'Als we bijna een vijfde van het bbp uitmaken, dat mede gecreëerd wordt door de pendelaars, dan is het tijd om over andere verdeelsleutels te spreken', zegt hij. Al is het de vraag of dat politiek haalbaar is.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud