analyse

De moeilijke zoektocht naar een taks voor de 1 procent rijkste Belgen

Een villa in Sint-Martens-Latem, de gemeente met het hoogste gemiddelde inkomen. ©www.irres.be

De nieuwe regering wil van de 1 procent rijkste gezinnen een grotere bijdrage vragen. Een optie is een heffing op grote financiële transacties. Is dat een goede maatregel?

‘De overheid zal streven naar een eerlijke bijdrage van die personen die de grootste draagkracht hebben om bij te dragen, met respect voor het ondernemerschap’, staat in het regeerakkoord. Omdat een meerwaardebelasting taboe is voor de liberalen denkt de Vivaldi-coalitie aan een heffing op financiële transacties van meer dan 1 miljoen euro. Ze mikt op een opbrengst van 150 tot 300 miljoen euro.

Wie behoort tot de top 1 procent?

Ongeveer 1 procent van de gezinnen of 50.000 huishoudens hebben een nettovermogen van minstens 3 miljoen euro. Dat blijkt uit de jongste studie van de Nationale Bank, die betrekking heeft op het jaar 2017. Zowat 5 procent van de gezinnen of 250.000 huishoudens hebben een nettovermogen van minstens 1 miljoen. Het nettovermogen omvat de waarde van al het spaargeld, financiële beleggingen en vastgoed en daarvan worden de schulden afgetrokken.

Critici van extra belastingen voor rijke Belgen merken op dat die nu al veel belastingen betalen. In 2016 verdienden de 1 procent gezinnen met het hoogste inkomen 7,7 procent van het totale netto belastbare inkomen en betaalden ze 12,2 procent van de personenbelasting. De gezinnen met de hoogste inkomens zijn vaak ook de gezinnen met de hoogste vermogens.

Kan een transactietaks 150 tot 300 miljoen opleveren?


Dat hangt af van de modaliteiten. Wat bedoelt de regering met een financiële transactie? De regering denkt wellicht aan de aan- en verkoop van aandelen en obligaties. De aan- en verkoop van woningen van meer dan 1 miljoen wordt wellicht niet geviseerd. Ook de verkoop van familiale kmo’s en effecten op naam zou buiten beschouwing worden gelaten.

De aan- en verkoop van woningen van meer dan 1 miljoen euro wordt wellicht niet geviseerd.

Maar het is nog niet duidelijk of de koper betaalt, de verkoper of beiden. Evenmin duidelijk is of alleen particulieren of ook vennootschappen de heffing moeten betalen.

Als het belastingtarief 0,5 procent zou bedragen, moeten elk jaar voor 30 tot 60 miljard euro grote financiële transacties gebeuren in de veronderstelling dat alleen de koper of de verkoper moet betalen. Indien het tarief slechts 0,15 procent bedraagt, zoals bij de effectentaks, moeten voor 100 tot 200 miljard euro transacties gebeuren.

Overigens bestaat al een taks op financiële transacties: de beurstaks. Particuliere beleggers moeten beurstaks betalen als ze aandelen- of obligaties kopen of verkopen of beleggingsfondsen van het kapitalisatietype verkopen. Het belastingtarief bedraagt 0,35 procent voor aandelen, 0,12 procent voor obligaties en 1,32 procent voor fondsen. De taks is begrensd. De maximumtaks per transactie bedraagt 1.600 euro voor aandelen, 1.300 voor obligaties en 4.000 euro voor fondsen.

Wat zijn de gevolgen van zo’n heffing?


Een heffing op grote financiële transacties treft maar een deel van de rijke Belgen. Als een multimiljonair geen grote financiële transacties doet, betaalt hij niets.

Rijke Belgen zullen proberen transacties op te splitsen.

Rijke Belgen zullen proberen transacties op te splitsen om de heffing te omzeilen. Investeerder Jurgen Ingels verkocht op 25 september 60.000 aandelen van Unifiedpost Group voor 1,2 miljoen euro, blijkt uit een melding op de website van de financiële toezichthouder FSMA. Als de heffing al was ingevoerd, had Ingels wellicht twee keer 30.000 aandelen verkocht om geen heffing te moeten betalen.

Als ook financiële instellingen de heffing moeten betalen, zullen banken, verzekeraars en pensioenfondsen veel van hun transacties verhuizen naar het buitenland.

Zijn er andere manieren om de rijkste Belgen extra te belasten?


Een eerste mogelijkheid is een vermogensbelasting voor personen of gezinnen met een vermogen van bijvoorbeeld minstens 1 miljoen euro. Een vermogensbelasting vereist de opmaak van een vermogenskadaster. Maar daarover bestaat geen eensgezindheid in de regering. Open VLD verzet zich tegen de oprichting van een vermogenskadaster.

Fiscalisten merken op dat de regering wel een stap zet naar een vermogenskadaster. De regering zal de banken verplichten niet meer alleen het nummer en de titularis van bankrekeningen mee te delen aan het Centraal aanspreekpunt van de Nationale Bank. De banken zullen ook het saldo van bankrekeningen moeten meedelen.

Voor een meerwaardebelasting is geen vermogenskadaster nodig.

Een alternatief voor een vermogensbelasting is de invoering van een meerwaardebelasting met een belastingvrije som. Daarvoor is geen vermogenskadaster nodig. Maar Open VLD verzet zich ook tegen een meerwaardebelasting. Een andere optie is een (vlak)taks op alle inkomens uit vermogen. Een dergelijke belasting kan gezinnen met een bescheiden inkomen uit vermogen vrijstellen door een belastingvrije som te voorzien.

Ook een belasting van reële huurinkomsten kan leiden tot een hogere bijdrage van rijke gezinnen. Verhuurders betalen nu belastingen op basis van het lagere kadastraal inkomen.

Een vermogens- of meerwaardebelasting zal leiden tot kapitaalvlucht, omdat sommige rijke inwoners zullen verhuizen. Het is moeilijk te voorspellen hoe groot die kapitaalvlucht zal zijn.

Hoe belasten buurlanden hun rijke inwoners?


In Nederland bestaat een vermogensrendementsheffing. Inwoners betalen er een heffing van 30 procent op een fictief rendement van dat vermogen. Een grote groep Nederlanders betaalt die taks, want het heffingsvrij vermogen bedraagt 30.846 euro voor wie geen fiscale partner heeft en 61.692 euro voor wie wel zo’n partner heeft. Boven die vrijstelling is het fictief rendement en dus ook de taks afhankelijk van de grootte van het vermogen. Het fictief rendement bedraagt 1,79 procent voor een eerste schijf tot 72.798 euro, 4,19 procent op de schijf tussen 72.798 en 1.005.573 euro en 5,28 procent voor de hoogste schijf. De regering heeft beslist de heffing in 2021 te verhogen van 30 naar 31 procent.

Nederland heft een taks op een fictief rendement van vermogen.

In Frankrijk betalen gezinnen een vermogensbelasting als ze een onroerend vermogen hebben van meer dan 1,3 miljoen euro. Vroeger viseerde de vermogensbelasting ook het financiële vermogen, maar dat deel van het vermogen is sinds 2018 vrijgesteld.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud