Schade voor economie loopt in de miljarden

De iniet-voedingswinkels moeten toe tot 5 april. ©Photo News

De kostprijs van de coronacrisis voor de Belgische economie bedraagt minstens 16 miljard euro, schat de Vlaamse werkgeversorganisatie Voka.

'In onze berekeningen hebben we per sector geraamd hoe de coronacrisis bedrijven raakt', legt Bart Van Craeynest, de hoofdeconoom van Voka uit. 'De horeca, kleinhandel, toerisme en luchtvaart worden bijzonder zwaar getroffen. Maar die sectoren hebben in ons land geen enorm economisch gewicht.'

'Een aantal belangrijke industriële sectoren blijft tot nog toe redelijk gespaard. Net als de bouw- en vastgoedsector.' Al zijn er almaar berichten over bouwwerven die stilgelegd worden en trekken ook landbouwbedrijven aan de alarmbel. 

Daar staat tegenover dat de overheid in brede zin een groot gewicht heeft in de Belgische economie. 'Daar is de impact, in termen van economische activiteiten, miniem.'

De 16 miljard euro schade is het totaal van economische waardecreatie dat verloren gaat. De rechtstreekse oorzaak verschilt van sector tot sector en van bedrijf tot bedrijf. Een aantal ondernemingen wordt onmiddellijk getroffen door de preventieve overheidsmaatregelen, zoals sluitingen en afgelastingen van evenementen, en ziet zijn omzet daardoor afnemen. Sommige bedrijven kampen met personeelstekorten. Andere ondervinden toeleveringsproblemen, of hebben het moeilijker om hun producten te exporteren. 

Voka wijst er ook op dat heel wat bedrijven in de tweede lijn worden getroffen, bijvoorbeeld omdat hun klanten sluiten, omdat opleidingen worden geannuleerd of omdat geen nieuwe projecten meer worden opgestart.

Als een kwart van de werknemers en zelfstandigen in ons land door de coronacrisis geen inkomen verdient, bedraagt de economische kostprijs 5,6 miljard euro. Per maand.

Telewerken kan de pijn wat verzachten. Maar het is geen mirakeloplossing. En in sommige bedrijfsactiviteiten is het allerminst evident.

Het Federaal Planbureau raamde eerder dit jaar dat het bruto binnenlands product - de som van alle geproduceerde goederen en diensten - in 2020 zou uitkomen op 487 miljard euro. Als dat, zoals Voka inschat, 16 miljard euro minder wordt, komt dat neer op een verlies van 3,3 procent in nominale termen.

Inkomensverlies

Een andere manier om de economische schade in te schatten is via een inkomensbenadering. Als een kwart van de werknemers en zelfstandigen in ons land door de coronacrisis geen inkomen verdient, bedraagt de economische kostprijs 5,6 miljard euro. Per maand. Voor twee maanden gaat het dus om 11,2 miljard euro.

Dat een kwart van de werknemers zonder inkomen valt, lijkt misschien te optimistisch. Maar voor wie niet in de privésector werkt, geldt dat risico veel minder. Van de 4,9 miljoen werknemers in België werken er 2,5 miljoen (51,7%) in de privébedrijven, 834.000 bij de overheid of in het onderwijs (17%), en 710.000 (16,7%) in de gezondheidssector en de maatschappelijke dienstverlening (huishoudelijke diensten inbegrepen). Er zijn 819.000 zelfstandigen (16,7%). 

De schatting via de inkomensbenadering houdt geen rekening met de aantasting van de bedrijfswinsten, waardoor bedrijven minder hoge dividenden kunnen uitkeren. Dat leidt ook tot een inkomensverlies voor wie rechtstreeks of onrechtstreeks in die bedrijven heeft belegd.

Iemand zal dat inkomensverlies van 5,6 miljard euro per maand moeten dragen. De werknemers zelf, hun werkgevers, of de overheid, via werkloosheidsvergoedingen of speciale steunmaatregelen.

 

 

 

 

.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud