Vooral Brussels gewest melkt de kantoren van de bedrijven

©Dries Luyten

De belasting die bedrijven betalen voor hun kantoren varieert sterk van gemeente tot gemeente: van 18,01 procent op het kadastraal inkomen in Sint-Martens-Latem tot 71,66 procent in Schaarbeek.

De fiscale druk op kantoren is in Brussel beduidend hoger dan in Vlaanderen en allesbehalve transparant. Dat blijkt uit een analyse van de situatie in de 589 Belgische gemeenten door het adviesbureau Ayming.

De belastingen op het kantoorvastgoed worden in de eerste plaats berekend op het kadastrale inkomen, een federale materie. Het zijn wel de overheden op de lagere niveaus die er een stevig graantje van meepikken, vooral onder de vorm van de onroerende voorheffing.

Gewesten

Vlaanderen krijgt 2,5 procent van het (geïndexeerd) kadastraal inkomen, in Brussel en Wallonië is dat maar 1,25 procent. Daarop worden nog eens de opcentiemen ten voordele van de provincies en de gemeenten berekend.

Die belastingen zijn maar een peulschil van de bedragen die rechtstreeks worden binnengehaald door de gemeenten via de onroerende voorheffing. Die kunnen van gemeente tot gemeente sterk verschillen. Sint-Martens-Latem in Oost-Vlaanderen heeft de laagste onroerende voorheffing voor kantoren (18,01 procent), Aat in Henegouwen heeft de hoogste (64,94 procent).

De gemiddelde onroerende voorheffing in de Vlaamse gemeenten (28,75 procent) bedraagt nauwelijks iets meer dan de helft van die in Brussel (50,08 procent) en Wallonië (54,85 procent).

In Vlaanderen heeft twee op de drie ondernemingen een fiscale druk van minder dan 30 procent van zijn kadastraal inkomen. De twee grote Vlaamse kantoorsteden Antwerpen (2,1 miljoen vierkante meter kantoren) en Gent (1,3 miljoen vierkante meter) scoren met een onroerende voorheffing van respectievelijk 27,38 procent en 29,04 procent niet slecht. De onroerende voorheffing in de aangrenzende gemeenten liggen zeker niet lager. ‘Het hoeft dan ook niet te verbazen dat  deze steden bedrijven aantrekken’, benadrukt Alexandra Dryjski van Ayming.

In Wallonië ligt voor vier van de vijf bedrijven de fiscale druk boven de 50 procent. De 30 gemeenten met de hoogste onroerende voorheffing zijn allemaal terug te vinden in de Waalse provincies Henegouwen, Namen, Luxemburg en in mindere mate Luik. Het zijn vooral arme gemeenten die zich zwaar financieren via de onroerende voorheffing.

De onroerende voorheffing in de Waalse kantoorsteden ligt met 60,50 procent in Luik, 60,25 procent in Charleroi en 56,25 procent in Namen wel beduidend hoger dan in de Vlaamse steden. Ze trekken ook minder bedrijven aan.

Brussel

In het Brussels gewest hebben zeven op de tien bedrijven een onroerende voorheffing van meer dan 50 procent. Binnen Brussel zijn er belangrijke verschillen, gaande van 38,49 procent in Oudergem tot 55,99 procent in Schaarbeek.

Heel wat gemeenten rond het Brussels gewest, vooral in Vlaams-Brabant, hebben een zeer lage onroerende voorheffing. De twintig gemeenten rond Brussel met de laagste onroerende voorheffing (van Zaventem met 18,96 procent tot Machelen met 24,46 procent) liggen allemaal in Vlaams-Brabant.

‘De voorbije jaren hebben veel bedrijven Brussel verlaten. Natuurlijk speelt niet alleen de belasting op het kantoor een rol. Maar onderschat het belang niet van de vastgoedbelastingen. Er zijn bedrijven die 2 of 3 miljoen euro vastgoedbelasting betalen’, aldus Alexandra Dryjski.

Toch is de leegstand in de Brusselse kantoorwijken beduidend lager dan in de rand rond Brussel. Veel van die kantoren zijn moeilijk bereikbaar, vooral met het openbaar vervoer. Als bedrijven Brussel verlaten trekken ze vaak naar toplocaties. Recent zijn Deloitte en KPMG verhuisd naar de luchthaven.

Gewestelijke taks

Brussel is bovendien het enige gewest met een bijkomende gewestelijke taks op de niet-residentiële gebouwen. Die is niet onbelangrijk en vertegenwoordigt gemiddeld 28 procent van de onroerende voorheffing.

Door die bijkomende heffing stijgt de fiscale druk in Brussel van 50,08 procent naar 64,08 procent. 17 van de 19 Brusselse gemeenten zitten met een fiscale druk van meer dan 60 procent. Schaarbeek is kampioen van België met een fiscale druk van 71,66 procent.

Kantooroppervlakte

Met uitzondering van Koekelberg heffen alle Brusselse gemeenten ook nog eens een extra belasting op de kantooroppervlakte van gemiddeld 14,55 euro per vierkante meter. Op zo’n 6,5 vierkante meter kantoorrruimte kan dat tellen. Die extra taks is het hoogst in Ganshoren (30 euro per vierkante meter).

Nog eens negen Brusselse gemeenten heffen belastingen op de parkeerplaatsen. In de ambitie om de auto in de stad terug te dringen wordt ook de fiscale druk op de parkeerplaatsen opgevoerd en wordt hun aantal drastisch beperkt.

De belastingen op de kantooroppervlakte en op de parkeerplaatsen bestaan soms ook in Vlaamse en Waalse gemeenten maar zijn lang niet zo hoog. Vooral in Schaarbeek, Sint-Joost-Ten-Node, Evere en Sint-Agatha, Berchem loopt de fiscale cumul van de verschillende taksen goed op.

Zoek hieronder hoeveel belasting elke gemeente op kantoren heft. Als de tabel niet zichbaar is, klik dan hier.



Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud