analyse

Bart De Wever doorbreekt migratietaboe

©BELGA

Terwijl de traditionele partijen het liefst zwijgen, zegt N-VA-voorzitter Bart De Wever wat hij denkt over het migratieprobleem, radicalisme en racisme. Al begeeft hij zich op glad ijs, want ook De Wever heeft geen pasklare antwoorden.

Bij de voorstelling van het boek ‘Radicalisme, extremisme, terrorisme’ van Bilal Benyaich, politicoloog aan de VUB, haalde De Wever uit naar het ‘gefaalde migratie- en integratiebeleid’ van de voorbije jaren. ‘Mochten wij een ander migratie- en integratiebeleid hebben gevoerd, mochten wij de problemen van racisme eerder hebben aangepakt, dan hadden we er vandaag niet zo slecht voor gestaan.’

De Wevers kritiek kwam als een boemerang terug. Er werd al gauw opgemerkt dat de N-VA al tien jaar deel uitmaakt van de Vlaamse regering. De N-VA-voorzitter moest dan ook bijsturen. Hij ontkende dat zijn kritiek op het gefaalde migratie- en integratiebeleid een kritiek inhield op de vorige en huidige Vlaamse regering. ‘Die regeringen hebben een kentering ten goede ingezet. Ook het migratiebeleid is intussen omgegooid in de juiste richting.’

De Wever weerlegde voorts nog de stelling dat racisme de oorzaak zou zijn van de radicalisering van moslimjongeren, net zoals ook Vlaams viceminister-president Liesbeth Homans (N-VA) zo’n oorzakelijk verband afwijst. Voor De Wever is racisme, net als radicalisering, een gevolg van het mislukte integratiebeleid, en niet de oorzaak ervan. ‘Dat Vlaanderen buitenproportioneel veel Syriëstrijders telt, is zo’n gevolg, net als de discussie rond racisme en discriminatie waar we in Vlaanderen zo mee worstelen’, aldus de N-VA-voorzitter.

Volgens De Wever moet niet worden weggestoken dat racisme bestaat, maar het is wel ‘relatief’. In zijn ogen kan niet worden ontkend dat er ‘reële problemen zijn met bepaalde bevolkingsgroepen’, zoals de mensen van Noord-Afrikaanse afkomst, en dan vooral de Marokkaanse Berbergemeenschap. ‘Dat zijn gesloten gemeenschappen, met een wantrouwen tegenover de overheid’, aldus De Wever. ‘Ik heb nooit een Aziatische migrant ontmoet die zegt slachtoffer van racisme te zijn. Ook in de criminaliteitscijfers zie ik hen nauwelijks.’ Dat schoot Antwerps oppositieleidster Yasmine Kherbache (sp.a) in het verkeerde keelgat. ‘Een burgemeester kan echt niet én de mond vol hebben van ‘gedeeld burgerschap’ én uithalen naar Marokkaanse Berbers. Echt niet’, tweette Kherbache, wiens vader van Algerijnse afkomst is.

Ook vanuit de meerderheid werd kregelig gereageerd. De liberale partijvoorzitters Gwendolyn Rutten (Open VLD) en Olivier Chastel (MR) wezen het discours van De Wever af. ‘Als liberalen verzetten wij ons tegen de stigmatisering en de stereotypering van mensen’, zei Rutten. Uit CD&V-hoek werden tweets gepost, met getuigenissen van jongeren met een Aziatische achtergrond die hier ook slachtoffer zijn geweest van racistische opmerkingen.

Het is wel duidelijk dat De Wever op een slappe koord balanceert, als hij het heeft over oorzaak en gevolg van racisme. Zijn discours over integratie en migratie is gespierd, maar niet aangebrand, zoals dat wel het geval was en is bij Filip Dewinter van het Vlaams Belang. Maar het is geen geheim dat De Wever de kiezers van het Vlaams Belang die naar de N-VA zijn overgestapt geregeld bedient met gespierd taalgebruik.

Er valt wel wat te zeggen voor het uitgangspunt van De Wever dat het integratie- en migratiebeleid heeft gefaald, met alle gevolgen vandien. Paradoxaal genoeg heeft de opmars van het Vlaams Blok/Belang de traditionele partijen ervan weerhouden om werk te maken van de integratie van allochtonen. Zelfs erover spreken was politiek lange tijd taboe. Het zou het Vlaams Belang alleen maar groter maken, was de redenering. Of om het met de woorden van gewezen sp.a-voorzitter Steve Stevaert te zeggen: ‘Door het gat in de haag uit te knippen, maak je het alleen maar groter.’ Het probleem was dat geen van de traditionele partijen een pasklare oplossing had, waardoor ze liever de ogen sloten, zelfs al verloren ze in de steden hele wijken aan het Vlaams Belang, dat goed garen spon bij de ‘verzuring’ rond het migrantenprobleem. En het is nog maar de vraag of De Wever nu wel echt een antwoord heeft.

Flagrante gevallen van racisme moeten volgens hem worden aangepakt, maar structureel kan volgens De Wever enkel een opwaartse sociale mobiliteit het racismeprobleem in Vlaanderen oplossen. ‘Maatschappelijk zijn we er niet in geslaagd het talent dat in elke gemeenschap zit voldoende te exploiteren. Ik ben geen racist, dus ik ga ervan uit dat elke mens en elke gemeenschap evenveel talent heeft.’

Maar hoe het dan verder moet, is maar de vraag. Want De Wever stelt meteen vast dat ‘het voor sommige migrantengroepen heel goed gaat, voor andere minder goed, en voor andere ronduit slecht. Kijk wie er in onze gevangenissen zit.’ Waardoor meteen weer de vraag kan worden gesteld welk beleid er dan wel moet worden uitgestippeld.

Volgens de N-VA-leider is de samenleving maar deels maakbaar. Wel kan de overheid negatieve ervaringen counteren met positieve ervaringen met migranten. En het door hem bestuurde Antwerpen geeft daarin het goede voorbeeld, merkte hij op. ‘18 procent van het stadspersoneel is van allochtone origine. Ik denk dat ik de grootste werkgever ben van mensen van allochtone origine in heel het land.’

Herbekijk De Wever in het VRT-programma Terzake op maandag 23 maart 2015.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud