België schond mensenrechten door Soedanees in 2017 uit te wijzen

Het Maximiliaanpark in Brussel, waar in 2017 de Soedanees werd opgepakt die nadien naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens trok. ©Kristof Vadino

België is dinsdag veroordeeld door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens omdat het in 2017 een vluchteling terugstuurde naar Soedan, zonder grondig uit te zoeken of er een risico op foltering was. De bredere kwestie leidde in de regering-Michel tot hoogspanning tussen de MR en de N-VA.

Stuurt België vluchtelingen terug naar Soedan, in het besef dat ze daar wellicht worden gefolterd? De kwestie leidde in 2017 tot hoogspanning in de regering tussen staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken (N-VA) en de MR van premier Charles Michel.

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft België dinsdag veroordeeld voor de uitwijzing van een Soedanees in die periode, omdat ons land niet grondig genoeg heeft onderzocht of er een risico op foltering was.

De zaak gaat over een 24-jarige Soedanees die in de zomer van 2017 samen met honderden anderen in het Maximiliaanpark aan het Brusselse Noordstation sliep, om van daaruit naar het Verenigd Koninkrijk door te reizen. Tijdens zo'n poging werd hij opgepakt door de politie, kreeg hij het bevel het grondgebied te verlaten en werd hij diezelfde dag nog overgebracht naar een detentiecentrum nabij de luchthaven van Zaventem. Daar maakte hij duidelijk dat hij Soedan was ontvlucht, omdat de overheid hem daar zocht.

De man vroeg op 6 september asiel aan. Kort daarop werd in de pers en op sociale media bekend dat de Belgische overheid samenwerkte met de Soedanese overheid om illegale Soedanezen te identificeren. De man trok zijn asielaanvraag terug. Enkele dagen later had hij in het detentiecentrum alsnog contact met mensen van de Soedanese ambassade en het identificatieteam uit dat land.

De Soedanees vroeg bij de rechtbank van eerste aanleg in Leuven om zijn vrijlating uit het detentiecentrum, maar werd nog voor de zaak voorkwam verwittigd dat hij op een vlucht naar Khartoum zou worden gezet. De Leuvense rechtbank verbood die uitzetting, maar de man werd alsnog naar de luchthaven gebracht. Hij beweert dat een man in uniform hem daar in het Arabisch bedreigde dat hij kalmeringsmiddelen zou krijgen als hij niet vrijwillig op het vliegtuig stapte. Hij ondertekende een document waarin hij akkoord ging met zijn vertrek en ging aan boord.

De Soedanees daagde daarna België voor het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg, omdat niet was onderzocht of hij risico liep in zijn land. Het hof merkt op dat het bekend was dat de situatie in Soedan problematisch was. De gesprekken daarover met de Soedanees verliepen zonder tolk, ook al sprak hij alleen Arabisch.

Het hof oordeelde daarom dat België niet grondig heeft onderzocht of de man risico liep, wat een schending is van artikel 3 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens. Dat stelt dat niemand mag onderworpen worden aan folteringen of aan onmenselijke of vernederende behandelingen of bestraffingen.

Het hof vindt ook dat de man geen eerlijke kans kreeg om bij de rechtbank zijn zaak te bepleiten en onder druk werd gezet om het land te verlaten. Tegen het arrest is nog beroep mogelijk.

Francken en Michel

Dat België Soedanezen naar hun land terugstuurde, veroorzaakte in 2017 grote politieke spanning. Francken sloot toen een diplomatiek akkoord met Soedan dat toeliet reisdocumenten op te stellen, mensen te identificeren en ook terug te sturen. Dat leidde tot de discussie of een regime dat foltert een vrijgeleide kreeg om mensen uit België terug te halen die voor die folteringen waren gevlucht.

'De Dienst Vreemdelingenzaken neemt de beslissing om iemand uit te zetten', zei premier Charles Michel daarover in januari 2018. 'Daarbij moet de DVZ een analyse maken van het risico op schending van artikel 3 van het Europese Verdrag van de Rechten van de Mens.'

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud