interview

‘Belgisch federalisme staat nog in kinderschoenen'

©Jonas Lampens

‘Ik begrijp de politieke aantrekkingskracht van het confederalisme, maar laat ons eerst beginnen met onze federale staat te perfectioneren. België is nog altijd een relatief unitaire staat.’ Dat zegt Stefan Sottiaux, grondwetspecialist van de KU Leuven.

Op de nieuwjaarsreceptie van zijn partij zette N-VA-voorzitter Bart De Wever vorige weekend het confederalisme opnieuw op de agenda. Na de verkiezingen wil zijn partij daarover het debat aangaan. De Franstalige partijen gingen meteen op de rem staan. Volgens Sottiaux moet het debat niet over het confederalisme gaan. ‘Een confederatie is een samenwerkingsverband tussen onafhankelijke staten. Ik heb niet de indruk dat men daar echt naartoe wil.’

‘Als men spreekt over confederalisme, bedoelt men eigenlijk het verschuiven van het zwaartepunt naar de deelstaten. Maar dat is het vervolmaken van het federalisme. En dat kan volledig in het federalisme plaatsvinden. Het is dus niet nodig daar de zware term ‘confederalisme’ op te kleven. Voor sommigen is die afschrikwekkend. De term suggereert dat men iets compleet nieuws wil doen, terwijl men eigenlijk het bestaande wil perfectioneren.’

In ons land is iedereen voor alles bevoegd, maar nooit helemaal.
stefan sottiaux
grondwetspecialist Ku Leuven

Samen met Karel Reybrouck werkte Sottiaux 2,5 jaar aan een boek van 700 pagina’s waarin hij alle federale bevoegdheden oplijst. ‘In het verleden zijn wel pogingen ondernomen om dat te doen, maar er is nooit een systematische opsomming van de federale bevoegdheden gebeurd’, zegt Sottiaux. Nochtans is dat niet alleen juridisch, maar ook politiek van belang. ‘Mocht een debat ontstaan over welke bevoegd-heden je nog wil overhouden op federaal niveau, dan moet je tenminste weten waarvoor de federale overheid bevoegd is.’

De belangrijkste conclusie uit het onderzoek is dat ook na zes staatshervormingen België ‘een relatief unitaire staat’ is. Zeker in vergelijking met federale landen zoals de VS, Canada en Duitsland. ‘Het idee dat het politieke zwaartepunt van het federale naar de deelstaten is verschoven klopt niet.’

Dat komt onder andere door de wijze waarop bevoegdheden in ons land worden overgeheveld. ‘De afgelopen vijftig jaar hebben we steeds meer taken toevertrouwd aan de gemeenschappen en de gewesten. Daar zitten belangrijke taken bij zoals onderwijs. Maar op het moment dat iets wordt overgeheveld, wordt vaak in uitzonderingen voorzien. Bovendien komen deelstaten vaak niet verder dan het voortzetten van het bestaande beleid. De grote ideologische keuzes zijn meestal al op het federale niveau gebeurd. Daardoor is de manoeuvreerruimte van de deelstaten beperkt.’

Volgens Sottiaux zitten in onze staatsstructuur constructiefouten. ‘In ons land is iedereen voor alles bevoegd, maar nooit helemaal. Elke bevoegdheidsoverdacht gaat gepaard met federale uitzonderingen, wat leidt tot een vermenigvuldiging van de bevoegde ministers en de administraties. Dat komt omdat bij een overheveling de federale overheid haar bevoegdheid volledig kwijt speelt. Dat verklaart de terughoudendheid om een beleidsdomein volledig over te dragen, met als gevolg dat er almaar meer versnippering is. En dat resulteert in immobilisme (zie inzet).’

De ‘bevoegdheidswaanzin’ in de gezondheidszorg is volgens Sottiaux een schoolvoorbeeld van hoe het niet moet. ‘Als in België drie mensen dat nog begrijpen, is het veel.’ Neem het ziekenvervoer. De gemeenschappen zijn bevoegd voor de verzorging in ziekenhuizen, maar het dringend ziekenvervoer en de verzorging onderweg zijn een federale bevoegdheid. Voor niet-dringend ziekenvervoer zijn de gemeenschappen dan weer bevoegd.

Wat loopt fout in ons land?
Wat loopt fout in ons land?

Staatshervormingen moeten het leven van de burger in principe gemakkelijker maken. Maar dat is niet altijd geval, blijkt uit voorbeelden waarop Stefan Sottiaux en Karel Reybrouck bij hun onderzoek botsten.

1. Personen met een beperking moeten bij verschillende overheidsdiensten aankloppen om te kunnen rekenen op een toelage. Dat komt omdat de federale overheid bevoegd is voor inkomstentoelagen, de gemeenschappen voor ‘kostenvergoedende toelagen’.

2. De gewesten zijn bevoegd voor hernieuwbare energie, maar de windmolenparken op de Noordzee zijn een federale bevoegdheid.

3. De gewesten zijn bevoegd voor snelheidsbeperkingen, behalve op snelwegen. De gewesten zijn bevoegd voor het plaatsen van verkeersborden, maar de federale staat bepaalt wat op de borden staat.

4. De huurwetgeving is sinds de zesde staatshervorming geregionaliseerd. De gewesten zijn dus bevoegd voor regels voor de huur van een woning. Maar dat geldt niet voor garageboxen bijvoorbeeld. Dat kan moeilijkheden opleveren als je een huurovereenkomst moet sluiten voor een appartement met een garagebox.

Om die versnippering tegen te gaan ziet Sottiaux een oplossing. ‘De meeste federale staten werken met gedeelde bevoegdheden. Dat betekent dat de deelstaten volledig bevoegd worden voor een taak, maar dat de federale staat zich kan blijven moeien als er nood is aan uniforme regelgeving.’

Volgens Sottiaux is er nog veel werk om naar een volwassen, efficiënte federale staat te evolueren. ‘Ik wil ervoor waarschuwen dat men de indruk krijgt dat onze federale staat een eindpunt heeft bereikt. Want dat zal sommigen aanzetten om te zeggen dat het te ver is doorgeslagen. Anderen zullen dan weer zeggen dat we nog niet ver genoeg staan en dat een institutionele breuk nodig is om naar iets compleet nieuws te gaan. Dat dreigt als een rode lap op een stier te werken. In werkelijkheid zijn we nog altijd een relatief centralistische staat. En is er dus nog veel ruimte om bevoegdheden over te hevelen naar de regio’s.’

Dat moet een grondige oefening zijn, vindt Sottiaux. ‘We moeten geen zevende staatshervorming doen om daarna een achtste, negende en tiende te krijgen. Het federale huis moet eindelijk worden afgewerkt.’

Dat betekent dat een debat moet plaatsvinden over de overheveling van belangrijke bevoegdheden, met behoud van de solidariteit tussen de Nederlandstaligen en de Franstaligen, vindt Sottiaux. ‘Ons onderzoek toont aan dat de federale overheid niet alleen nog altijd de belangrijkste sociaal-economische hefbomen in handen heeft, maar ook bevoegd is voor tal van andere taken.’

Sottiaux wijst erop dat in de meeste andere federale lidstaten de deelstaten zich zelf organiseren. In meer volwassen federale staten ligt het zwaartepunt op het vlak van gezondheidszorg, justitie, burgerlijk en strafrecht en zelfs ordehandhaving op het niveau van de regio’s. ‘Bij ons is dat niet zo.’ Verder vraagt Sottiaux zich af waarom Vlaanderen niet bevoegd kan zijn voor institutionele thema’s. ‘Waarom kan Vlaanderen niet zelf beslissen wanneer het verkiezingen organiseert of bijvoorbeeld de minister-president rechtstreeks laten verkiezen?’

Karel Reybrouck en Stefan Sottiaux, ‘De federale bevoegdheden’, Antwerpen, Intersentia, 2019.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud