analyse

Beperkte loonmarge dreigt De Croo kopbrekens te bezorgen

Als de vakbonden en de werkgeversorganisaties geen akkoord kunnen sluiten over hogere lonen, komt de bal in het kamp van de regering van premier Alexander De Croo te liggen. ©Photo News

De lonen kunnen de komende twee jaar met maximaal 0,4 procent stijgen boven op de index. Veel te weinig, vinden de vakbonden, die pleiten voor vrije loononderhandelingen. De tweespalt tussen bonden en werkgevers dreigt de regering te besmetten.

De komende twee jaar is er nauwelijks ruimte voor collectieve loonsverhogingen. De Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB), een van de overlegorganen van de sociale partners, heeft berekend dat de lonen in de privésector in 2021 en 2022 met maximaal 0,4 procent boven op de index mogen stijgen.

Om de concurrentiepositie van de Belgische bedrijven te beschermen schrijft de wet van 1996 voor dat de loonkosten in ons land niet sneller mogen stijgen dan in de buurlanden. De verwachting is dat de lonen in Nederland, Frankrijk en Duitsland de komende twee jaar gemiddeld met 3,65 procent omhoog gaan. Trek daar de verwachte indexering van 2,85 procent en een wettelijk verplichte veiligheidsmarge van af en er blijft een maximale loonsverhoging van 0,4 procent over.

De vakbonden en de werkgeversorganisaties moeten zich nu in de Groep van Tien buigen over die loonmarge. Het cijfer kan in principe niet naar boven, maar wel naar beneden worden bijgesteld. Dat laatste zal allicht niet gebeuren, want in vergelijking met de vorige onderhandelingsrondes is de ruimte voor hogere lonen al uiterst beperkt. De loonakkoorden van 2017 en 2019 lieten nog loonsverhogingen van 1,1 procent toe.

Aalmoes

Een aalmoes van maximaal 0,4 voor de komende twee jaar is voor de werknemers onaanvaardbaar.
ACV, ABVV en ACLVB

In een gemeenschappelijk persbericht maken het ACV, het ABVV en de ALCVB alvast duidelijk dat ze ‘deze marge niet kunnen onderschrijven’. De 0,4 procent noemen ze een ‘aalmoes' dat ‘onaanvaardbaar is voor de werknemers'. Ze eisen een hogere opslag om de mensen na de moeilijke coronamaanden iets extra's te kunnen geven. En dat zeker in de bedrijven die de voorbije maanden ondanks de crisis goed hebben geboerd, zoals in de distributiesector.

Maandag is een vergadering van de Groep van Tien gepland. De vakbonden zullen er eisen dat de loonnorm enkel ‘indicatief’ is. Normaal volgt op de onderhandelingen op nationaal niveau overleg in de sectoren, waar een minimale sectorale loonstijging wordt vastgelegd. In de bedrijven moet dan een collectieve loonsverhoging worden afgesproken die tussen dat minimum en dat maximum in zit. Als de loonnorm indicatief is, is dat maximum echter niet afdwingbaar en kunnen de ondernemingen meer geven.

Voor de werkgeversorganisaties is zo’n indicatieve loonnorm onbespreekbaar zolang de lonen automatisch geïndexeerd worden. Bovendien wijzen het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO), Unizo en de Boerenbond erop dat door de onzekere economische situatie de sowieso al beperkte marge niet in alle sectoren haalbaar zal zijn. ‘Het overleven van bedrijven en het behoud van jobs is in de huidige omstandigheden de absolute prioriteit.’

Het overleven van bedrijven en het behoud van jobs is in de huidige omstandigheden de absolute prioriteit.
VBO, Unizo en Boerenbond

Gepolariseerd klimaat

De vraag is of een loonakkoord in zo’n gepolariseerd klimaat haalbaar is. Te meer omdat de tafel behoorlijk vol komt te liggen. Naast hogere lonen eisen de vakbonden ook een substantiële verhoging van de minimumlonen en de lage lonen en een betere eindeloopbaanregeling. Bovendien moet ook nog een akkoord worden gesloten over het verhogen van de uitkeringen en de pensioenen. 'Maar als de werkgevers niet boven 0,4 procent willen gaan, is het overleg afgelopen', zegt een vakbondstopper.

Als de vakbonden en de werkgeversorganisaties er niet uit geraken, komt de regering aan zet. De bonden hopen dat een vage passage uit het regeerakkoord over een omzendbrief hen kan helpen. De socialisten hebben die passage erin gesmokkeld om via een achterpoortje toch op de een of andere manier extra loonmarge te creëren. Ze kijken daarvoor naar minister van Werk en Economie Pierre-Yves Dermagne (PS), maar die heeft daarvoor het fiat van de voltallige regering nodig.

Sjoemelsoftware

Het liefst van al zien de vakbonden de verstrengingen die de regering-Michel aanbracht in de wet van 1996, de 'sjoemelsoftware zoals ACV-voorzitter Marc Leemans het noemt, sneuvelen. Die strengere regels kwamen er omdat de lonen in ons land ondanks de opgelegde beperkingen toch jarenlang sneller stegen dan in de buurlanden. Er was een lange periode van loonmatiging nodig om de sinds 1996 opgebouwde loonkostenhandicap weg te werken.

Tijdens de regeringsonderhandelingen probeerden de socialisten die grendels, zoals de ingebouwde veiligheidsmarge, weg te halen. Ze botsten echter op een veto van de liberalen. Als de sociale partners er zoals verwacht niet uit geraken, krijgen Dermagne en premier Alexander De Croo (Open VLD) het loondossier op hun bord. Het is potentieel dynamiet dat de socialisten - die ijveren voor meer koopkracht - en de liberalen - die de bedrijven willen beschermen - uiteen kan drijven.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud