Advertentie
Advertentie
nieuwsanalyse

De 'provocatieve pressing' van Bart De Wever

©Photo News

Met zijn feilloos gevoel voor timing en voor het buikgevoel van Vlaanderen zet de N-VA-voorzitter de politieke tegenstand op achtervolgen.

N-VA-voorzitter Bart De Wever scoort door de tegenstand uit zijn tent te lokken. Hij is een meester in de provocatieve pressing, de tactiek die Louis van Gaal op het laatste WK voetbal met Nederland succesvol hanteerde. Met een feilloos gevoel voor politieke timing en voor het buikgevoel van de gewone Vlamingen zet hij de rest op achtervolgen. De Wever communiceert zelden zonder te provoceren met een welgekozen, controversiële uitspraak. Het gevolg is dat hij na elk media-optreden, die hij steeds selectiever kiest, in het midden van het politieke speelveld staat. De Wever spreekt. De rest reageert.

Vluchtelingen

De vluchtelingenstroom was hét politieke item van de voorbije zomer. De lange wachtrijen van asielzoekers voor de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) was al die tijd geen inzet van hevig politiek debat. De bevoegde staatssecretaris Theo Francken (N-VA) trad op als een pragmatische rentmeester en liep een feilloos parcours door duizenden nieuwe opvangplaatsen aan te boren. De Wever liet de Wetstraat woensdagavond ontwaken uit de rustige vastheid.

In zijn rentree-interview na het zomerreces klonk het dat hij erkende vluchtelingen niet langer het leefloon en het kindergeld wil toekennen waarop de Belgen recht hebben. Hij denkt aan een apart sociaal statuut, waarbij asielzoekers ook na hun erkenning alleen materiële en geen financiële steun krijgen. Het sloeg in als een bom. De oppositie schreeuwde voltallig moord en brand, en van de coalitiepartners gingen ook de MR en CD&V zwaar op de rem staan. Enkel Open VLD-voorzitster Gwendolyn Rutten was genuanceerder. Zij maakte een opening voor meer maatwerk in de aanpak van het vluchtelingenprobleem.

In een reactie op de uitspraken van zijn voorzitter onderstreepte vicepremier Jan Jambon de rol van de N-VA als trouwe coalitiepartner. ‘Het regeerakkoord is geen kopie van ons politiek programma. Een partijvoorzitter moet de ruimte hebben om buiten het regeringswerk zijn mening te geven.’ Een aanpassing van het sociaal statuut lijkt daarmee niet meteen op de regeringstafel te belanden. De ploeg van Charles Michel heeft de komende maanden genoeg andere katten te geselen.

Onderstroom 

Maar het punt van De Wever was gemaakt. Hij capteerde perfect de Vlaamse onderstroom, zoals een peiling van Het Laatste Nieuws een dag na zijn uitspraken duidelijk maakte. Een ruime meerderheid van Belgen leeft mee met vluchtelingen, maar vindt tegelijk dat we er al genoeg opvangen, wil extra grenscontroles uit vrees voor de influx van terroristen en heeft grote twijfels bij de economische meerwaarde van migranten. Dat ligt perfect in lijn met de koers die de N-VA vaart. Er is draagvlak voor solidariteit, maar er zijn grenzen. De N-VA kadert de uitspraken in een zoektocht naar een evenwicht tussen migratie en de bescherming van de sociale zekerheid. ‘De welvaartsstaat moet de toestroom aankunnen, of het draagvlak erodeert en dan wil de bevolking straks helemaal niemand meer opvangen.’

Misnoegdheid 

De Wevers uitspraken zijn ook politieke strategie. Er is groeiende misnoegdheid, ook bij de eigen N-VA-achterban, over de vluchtelingenstroom. De partij worstelt met de perceptie dat Francken opendeurdag houdt. De Wever haalde de megafoon boven om dat beeld bij te stellen. Een groot deel van de Vlaams Belang-kiezers is overgelopen naar de N-VA. De Wever is in geen geval van plan de rechterdeur van zijn partij open te zetten voor de sirenenzang van extreemrechts.

Hij slaagt er steeds weer in de juiste snaar bij zowel vriend als vijand te raken. Toen hij België in 2010 in een interview met het Duitse magazine Der Spiegel de ‘zieke man van Europa’ noemde, oogstte hij een storm van protest. Hij werd weggezet als een pyromaan die met vuurstokjes speelt, op een moment dat België onder vuur lag van de financiële markten. De kritiek klinkt zo mogelijk nog harder als hij gevoelige maatschappelijke thema’s aankaart. In de discussie over de hoofddoek in overheidsfuncties zei hij dat homo’s evenmin met regenboogshirt achter het loket gaan zitten. Toen het debat over de Syriëstrijders woedde, kreeg hij het verwijt van racisme na uitspraken over Marokkanen en Berbers die zich amper zouden integreren. Het leidde telkens tot een dagenlang verhit publiek debat tussen voor- en tegenstanders.

Vermoorde onschuld

De Wever speelt daarna graag de vermoorde onschuld. ‘Het is mijn schuld niet. Ik word gevraagd door de media en geef gewoon mijn mening. Ik kan het niet helpen dat mijn tegenstanders daarover vallen.’

Maar De Wevers optredens gebeuren nooit uit de losse pols. Hij is een van de weinige Vlaamse politici die nooit improviseert. Het script van zijn media-optredens is tot in elk detail uitgekiend. Hij houdt zich consequent aan de steekkaarten die hem aangereikt worden door de studiedienst. Elk interview of debat heeft hij op voorhand al tien keer nagespeeld, waarbij rechterhand Pol Van Den Driessche in de rol van zijn politieke tegenstanders kruipt. Bij elke brandbom die hij gooit, is hij de pyromaan van een gecontroleerde veenbrand.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud