portret

De sfinx die te lang bleef zitten

Tijdens de 20 jaar die hij voorzitter was, heeft Elio Di Rupo de PS naar hoge toppen maar ook naar diepe dalen geleid. De voorbije vijf jaar klampte hij zich vast aan zijn troon in de Brusselse Keizerslaan, waarmee hij zijn partij geen dienst bewees.

Het is 2014, de PS is er bij de verkiezingen op achteruitgegaan en Elio Di Rupo is ontslagnemend premier. Als zijn kroonprins en interim-voorzitter Paul Magnette tijdens een vergadering het hoge woord voert, komt Di Rupo tussen. ‘C’est quand-même moi, le président’. Voor iedereen is het duidelijk dat de voorzitter, die al sinds 1999 de plak zwaait bij de Franstalige socialisten, niet van plan is te wijken. Elio, dat is het verleden, het heden en de toekomst van de partij, schijnt het.

Nochtans was de nu 68-jarige Di Rupo op dat moment al lang niet meer de almachtige voorzitter. Als premier moest hij moeilijke compromissen slikken, zoals het inperken in de tijd van de uitkeringen van jonge werklozen, en die hebben de PS pijn gedaan.

‘Achteraf gezien was Di Rupo in 2014 beter Waals minister-president geworden en had hij het voorzitterschap als wissel op de toekomst beter aan Magnette gelaten. Het omgekeerde gebeurde omdat Di Rupo hoopte premier te kunnen blijven’, zegt de Franstalige politicoloog Pascal Delwit, die de PS goed kent. Van het plannetje kwam niets in huis. De Zweedse regering-Michel werd gevormd en voor het eerst sinds de jaren 80 belandde de PS in de oppositie.

Elio Di Rupo als kersvers PS-voorzitter, in 1999 ©IMAGEGLOBE

Hoewel zijn voorzittersstoel gecontesteerd werd, wilde Di Rupo van geen wijken weten. Dat is zowat de rode draad door zijn loopbaan. Hoewel de carrière van de politicus met de strik als een komeet omhoogschoot, kreeg hij aanvankelijk weinig cadeau van zijn partij.

Toen hij in 1982 adjunct-kabinetschef werd van de Waalse minister Philippe Busquin, protesteerde de PS-federatie van zijn eigen regio omdat hij geen socialistische stamboom had en van Italiaanse komaf was. Toen hij zich kandidaat stelde voor de Kamer, werd hij eveneens tegengewerkt.

Net als toen hij in 1996 als federaal vicepremier valselijk werd beschuldigd van pedofilie, kwam het vuur uit eigen rangen. Op televisie laakte Maurice Lafosse, de PS-burgemeester van Bergen, de ‘aparte moraal’ van de homoseksueel Di Rupo. Elke keer zette Di Rupo door en kwam hij er sterker uit.

Flair

Di Rupo’s gezichtsuitdrukking is vaak ondoorgrondelijk en over zijn privéleven is haast niets geweten, waardoor hij een sfinx wordt genoemd. Op straat heeft hij met zijn Italiaanse flair een soort magnetiserend effect. Dat hij voorzitter werd, heeft hij te danken aan die flair, zijn eigengereidheid en ook aan Busquin. Toen de PS midden de jaren 90 op haar grondvesten daverde door het Agusta-schandaal schoof Busquin, toen voorzitter, zijn relatief onbekende protegé naar voren als vicepremier. Later volgde Di Rupo Busquin op diens aangeven op als voorzitter.

Di Rupo heeft de PS de 21ste eeuw ingeloodst. Ze werd een brede partij die niet enkel op de arbeidersklasse inzette.
Pascal Delwit
politicoloog

Met Di Rupo waaide een nieuwe wind door de PS. Hij heeft geen wortels in de vakbond, heeft een migratieachtergrond en is homoseksueel. Met zijn heldere communicatie en zakelijke en sobere aanpak - geen alcohol tijdens de onderhandelingen, geen zware diners maar lightproducten - week hij evenzeer af van de PS-traditie.

‘Als voorzitter heeft hij de PS de 21ste eeuw ingeloodst’, zegt Delwit. ‘Het lot van de arbeidersklasse was tot dan het enige dat telde. Onder Di Rupo werd de PS een bredere partij. Hij zette in op progressieve thema’s zoals het homohuwelijk en het migrantenstemrecht.’

Anders dan bij de sp.a in Vlaanderen waakte Di Rupo er nauwgezet over dat de relatie met de socialistische zuil - de vakbond en het ziekenfonds - innig bleef. Dat hield hem niet tegen in te zetten op verjonging en vervrouwelijking.

Zijn aanpak bleek succesvol. Bij de verkiezingen van 2003 zette de PS met 36 procent van de stemmen haar beste resultaat in jaren neer. Guy Verhofstadt (Open VLD) werd opnieuw premier van een paars kabinet van liberalen en socialisten, maar die laatsten haalden heel wat slagen binnen.

Di Rupo liet het niet na zijn macht te laten gelden. In een interview maakte hij duidelijk dat hij de regering met een vingerknip kon laten vallen. Hoewel hij zich nooit liet betrappen op anti-Vlaamse retoriek, werd hij in Vlaanderen een boeman. Zo voerde de N-VA in 2007 campagne met de slogan ‘laat je niet strikken’, verwijzend naar Di Rupo’s vlinderdas en almacht.

Elio Di Rupo en zijn opvolger als PS-voorzitter, Paul Magnette ©BART DEWAELE/ID

Het beeld van Di Rupo als vernieuwer kreeg een serieuze knauw toen in 2005 een schandalengolf losbarstte in Charleroi. De lokale sterke man en Waals minister-president Jean-Claude Van Cauwenberghe moest ontslag nemen.

‘J’en ai marre des parvenus’, fulmineerde Di Rupo en hij beloofde grote kuis te houden. Al bleek dat veel moeilijker dan buitenstaanders dachten. Zijn greep op de lokale afdelingen was beperkt en de vernieuwde PS bleek sterk op de oude te lijken. De kiezer knapte af op de schandalen, de partij zakte in 2007 onder de psychologische grens van 30 procent en moest de MR laten voorgaan als grootste Franstalige partij.

‘In het voetbal zou een coach na zo’n resultaat ontslag nemen, maar geen haar op het hoofd van Di Rupo heeft daar ooit aan gedacht’, zegt Delwit. De PS heeft ook geen traditie van interne staatsgrepen en niemand stelde de positie van de roerganger openlijk in vraag. Drie jaar van politieke instabiliteit en communautair gehakketak volgden. De PS heroverde bij de verkiezingen van 2010 terrein en na langste formatie uit de geschiedenis werd Di Rupo in december 2011 premier.

‘Na het slechte resultaat van 2007 had niemand nog gedacht dat Di Rupo ooit nog eerste minister zou worden, maar het is hem toch gelukt’, zegt Delwit. ‘Maar het is uitgerekend op dat moment dat hij de grip op zijn partij begon te verliezen.’ De kritiek op zijn beleid zwol aan, de donkerrode achterban was teleurgesteld en met de PTB stond opnieuw een uitdager op de linkerflank op.

Helletocht

Alsof er niets aan de hand was, eiste Di Rupo zijn troon na zijn premierschap weer op. ‘Hij heeft altijd oppositie gekend in eigen rangen, maar hij is erin geslaagd die te verdelen’, weet Delwit. Daar komt bij dat de man met de bevroren glimlach al jarenlang onafgebroken in de top drie van de populairste Franstalige politici staat. Het maakt dat hij bij zijn terugkeer naar de Keizerslaan in 2014 het voorzitterschap kon opeisen.

Het laatste mandaat van Di Rupo als voorzitter was zijn mandaat te veel.
Pascal Delwit
politicoloog

De afgelopen vijf jaar waren evenwel een helletocht. Hoewel hij genoeg had van de parvenu’s, brak in Brussel en Wallonië opnieuw een schandalengolf uit. Di Rupo beloofde opnieuw grote kuis te houden en werkte in stilte aan de ideologische vernieuwing van de partij. Met beperkt succes: de gemeenteraadsverkiezingen van 2018 vielen tegen en in de provincies viel de partij terug op 25 procent, het slechtste resultaat ooit. Bij de verkiezingen van 26 mei deed de partij het even slecht.

Na de verkiezingen twijfelde Di Rupo nog even of hij moest proberen federaal iets te forceren. Maar als hij bleef wachten, dreigde hij met lege handen achter te blijven. Er werd hem duidelijk gemaakt dat hem geen nieuw mandaat zou worden gegund, waardoor hij voor het Waalse minister-presidentschap koos en de leden Magnette dit weekend tot voorzitter kunnen verkiezen.

‘Als minister-president zal hij een prominente rol blijven spelen’, zegt een insider. ‘Maar Magnette wordt heel duidelijk de baas van de partij. Hij bepaalt vanaf nu de inhoudelijke koers en is verantwoordelijk voor het personeelsbeleid.’

‘Het laatste mandaat van Di Rupo was zijn mandaat te veel’, stelt Delwit vast. ‘Hij klampte zich vast aan de macht en in een reactie op de kritiek omringde hij zich enkel nog met ja-knikkers.’ Het beeld dat overblijft, is gemengd. Di Rupo is er als een van de weinigen in Europa in geslaagd de socialisten te handhaven als dominante speler. Hij heeft de PS gemoderniseerd, maar hij heeft - hoewel hij zelf nooit in enig schandaal werd genoemd - de socialisten niet schandaalvrij gekregen.

Door te lang te blijven zitten, liet hij bovendien de klad in de partijorganisatie komen. Oude getrouwen vertrokken, waardoor het ooit zo geroemde Institut Émile Vandervelde, de studiedienst van de PS, slechts een schim is van de instelling die ze ooit is geweest.

De relaties met de zuil zijn verzuurd en een deel van de vakbond FGTB is overgelopen naar de PTB. De federaties hebben van de situatie gebruikgemaakt om meer macht naar zich toe te trekken. Dat de schandalen rond Publifin en de uitlopers bij opvolger Nethys niet raken opgelost, is volgens sommigen het gevolg van Di Rupo’s geërodeerde macht.

Het vervelendste is dat hij ondanks alle beloftes en plannen Wallonië onvoldoende uit het economische moeras heeft kunnen trekken. Op het vlak van tewerkstelling, werkloosheid en economische performantie blijft het verschil tussen Vlaanderen en Wallonië groot. In 2005 merkte hij op dat een regimecrisis dreigde als de kloof tussen de twee regio’s zo groot zou blijven. Het bleken, gezien de huidige politieke toestand, profetische woorden te zijn.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect