Advertentie
nieuwsanalyse

De vijf lessen van de OESO voor België

De OESO maakt haar aanbevelingen over aan België. ©Photo News

'De diagnose van de regering loopt grotendeels gelijk met die van de OESO'. Premier Charles Michel was zichtbaar opgelucht na het positieve rapport van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling. Dat rapport geeft een huizenhoge voorzet voor een taxshift.

 

'De vorige keer dat u een Belgische premier ontmoette, hebt u die achteraf gerekruteerd'. Een ontspannen sfeer heerste aan het begin van de ontmoeting tussen premier Charles Michel (MR) en Angel Gurria, secretaris-generaal van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Michel is niet van plan  in de voetsporen te treden van Yves Leterme, die na zijn periode als premier aan de slag ging bij de OESO.

'Ik ben hier niet om te dicteren wat u moet doen', maakte Gurria duidelijk. 'Wij maken een internationale vergelijking, wat toelaat om België te situeren tegenover de rest. Daarna is het aan u te beslissen wat er moet gebeuren.' Maar Gurria schetste wel vijf belangrijke lessen voor België. En hij gaf een huizenhoge voorzet richting een taxshift, een verschuiving van de belasting op arbeid naar consumptie, milieu en vermogen. 'Daarmee kan België aansluiting vinden met het Europese peloton.' 

Les 1: België is goed bezig

De OESO toont zich in zijn rapport opvallend positief over de Belgische aanpak van de crisis. 'België heeft de crisis goed doorstaan', aldus Gurria. Om die bewering te staven, verwijst Gurria naar de evolutie van het bbp tussen 2008, toen de crisis losbarstte, en 2014. België is samen met Frankrijk, Oostenrijk, Duitsland en Luxemburg een van de weinige bestudeerde OESO-landen die haar bbp sinds het begin van de crisis zag toenemen. 

België heeft de crisis relatief goed doorstaan.

De groei, die in 2014 afklokte op 1 procent, is vooral te danken aan een aardige consumptie door de gezinnen. Maar dat neemt niet weg dat er nog gevaren zijn voor de Belgische economie. Als open economie is België gevoelig voor het zwakke vertrouwen in de eurozone. Het groeitempo van 1 procent blijft dan ook achter tegenover het tempo van voor de crisis. 'Een onzekere groei', besluit de OESO in haar rapport. 

Les 2: De OESO steunt een taxshift

België is dus goed bezig, maar dat neemt niet weg dat de OESO ons land enkele lessen te spellen heeft. Vooral de hoge loonkosten in ons land blijven een heikel punt. 'In tegenstelling tot landen zoals Ierland, Portugal en Spanje worstelt België niet met een tijdelijke diepgaande crisis', aldus Gurria. 'Maar er is wel een structureel gebrek aan concurrentiekracht door de hoge loonkosten.' De loonbevriezing kan helpen om terrein te winnen, maar de automatische loonindexering blijft de gebeten hond. 

De Belgische loonhandicap weegt zwaar.

De loonkosten moeten omlaag en - hoewel hij het woord niet zelf in de mond nam - Gurria is het idee van een 'taxshift' genegen. In dat geval verschuiven de lasten op arbeid naar lasten op vermogen, milieutaksen of een hogere btw. 'Als België dat doet, sluit het aan bij een internationale tendens en zal het qua concurrentiekracht aansluiting vinden bij het Europese peloton.'

Les 3: U zal langer moeten werken 

Naast de hoge loonkosten is de zware Belgische schuldgraad van 107 procent van het bbp een tweede doorn in het oog van de OESO. Volgens de internationale instelling kan die schuldgraad alleen maar teruggedrongen worden als de federale overheid zware pensioenhervormingen op de rails zet. 'De pensioenslasten bedreigen de begroting en het bredere financiële kader', klonk het bij Gurria. Tussen nu en 2060 kan de pensioenlast met 5 procent van het bbp gaan oplopen, als het beleid niet wijzigt.

107 procent
De hoge Belgische schuldgraad blijft de OESO een doorn in het oog.

De nieuwe federale overheid heeft sowieso een verhoging van de pensioenleeftijd op de agenda staan. Tegen 2025 gaat de drempel naar 66 jaar, tegen 2030 naar 67 jaar. Maar naast de wettelijke pensioenleeftijd moet ook de 'feitelijke' leeftijd naar omhoog. België staat bekend als land waar de actieve bevolking veel te snel de deur van de werkvloer achter zich dicht slaat. 

Les 4: Zet allochtonen aan het werk

België sukkelt ook nog altijd met een relatief lage werkgelegenheidsgraad onder immigranten, die ook de algemene werkgelegenheidsgraad laag houdt. Dat resulteert in hoge overheidsuitgaven. In 2013 was in België 52 procent van de geïmmigreerde beroepsbevolking aan de slag. Dat is erg laag tegenover het gemiddelde van 61 procent in de Europese Unie. Er moeten dus meer immigranten aan de slag en de oplossing daarvoor ligt zowel op de werkvloer als in het onderwijs. 

België scoort slecht in activering immigranten.

In Vlaanderen bijvoorbeeld scoren de allochtone leerlingen - de kinderen van immigranten - beduidend minder op de PISA-toets, de internationale onderwijstoets van de OESO, dan hun autochtone collegae. Het verschil loopt op tot 97 punten. Dat is in geen enkel OESO-land zo hoog. Maar ook op de werkvloer is er nood aan diversiteits- en integratieplannen, stelt het rapport. 

Les 5: De huizenmarkt is overgewaardeerd

De OESO ziet tot slot ook een overwaardering van de Belgische huizenmarkt. 'De stijging van de huizenprijzen in het afgelopen decennium, gevoed door fiscale stimuli, heeft geleid tot een overwaardering.'

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud