interview

De Wever: ‘Ik heb enkele keren gedacht dat het niet zou lukken'

N-VA-voorzitter Bart De Wever is moe maar opgelucht dat ‘zijn’ centrumrechtse coalitie vandaag de eed kan afleggen. ‘Ik heb enkele keren gedacht dat het niet zou lukken.’ Het zal de komende vijf jaar geen wandeling door het park worden, maar de burgemeester van Antwerpen is er vrij gerust op. ‘De regering laten vallen vooraleer de vruchten kunnen worden geplukt, is politieke zelfmoord.’

Na twee dolle weken, tijdens dewelke de federale regeringsonderhandelaars zich naar de finish sleepten, oogt N-VA-voorzitter Bart De Wever moe. ‘Ik merk dat ik geen jonkheid meer ben’, geeft hij ootmoedig toe. ‘In mijn studententijd kon ik in één week vlotjes twee nachten doortrekken, maar dat begint nu zwaar tegen te vallen.’ Van rusten zal er de komende dagen echter niet veel in huis komen, want de burgemeester van Antwerpen vliegt vandaag naar China om er zijn stad te promoten. ‘Ik hoop dat de jetlag van de reis mijn andere jetlag opheft en dat ik daar fris aankom, maar ik vrees dat zoiets niet onderbouwd is door rationele bevindingen.’

Door alle vermoeidheid heen toont De Wever zich een tevreden man. Hij stuurde zijn partij in een centrumrechtse regering, waardoor de PS voor het eerst in 25 jaar op de oppositiebanken belandt. ‘De regering-Michel is mijn ideale coalitie’, zegt de N-VA’er. ‘Ik bestuur in Antwerpen niets voor niets met CD&V en Open VLD, hoewel die laatste daar mathematisch niet nodig is. Bovendien is het een droom om de MR als enige Franstalige partij om de tafel te hebben.’

De steun van uw achterban is massaal, wees het N-VA-congres uit. Maar denkt u dat al uw kiezers achter dit regeerakkoord staan?
Bart De Wever: ‘Dat weet ik niet. We nemen de maatregelen die vorige regeringen al in gang hadden moeten trappen, maar dat niet hebben gedaan. We moeten zoveel doen dat we onszelf dreigen tegen te komen. Ik heb het grote voordeel dat ik tijdens de campagne voor de lijn van de eerlijkheid heb gekozen. Ik heb niet verzwegen dat het pijn zou doen. Ik heb altijd gezegd dat er een indexsprong zou komen, dat we langer zullen moeten werken en dat er een taxshift komt. Niemand kan zeggen dat hij of zij zich bekocht voelt door de N-VA. Anderen (CD&V’er Kris Peeters, red.) hebben nochtans gezegd dat ze ons niet moesten geloven.’

Partijvoorzitters zijn de ruimerkes van de politiek. Bij ons is het altijd stank voor dank. Want we komen alleen als het slecht ruikt.

Toen het regeerakkoord eergisteren uitlekte, leek iedereen boos. De vakbonden vinden dat het veel te ver gaat en de werkgevers zijn boos omdat ze een zieke werknemer twee maanden loon in plaats van een maand moeten uitbetalen.
De Wever: ‘Dat was te verwachten. Wie voor 8,3 miljard euro bespaart, moet niet denken steun te krijgen van de belangenorganisaties. Voor de werkgevers is het niet leuk dat ze langer het gewaarborgde loon moeten uitbetalen, maar ik hoop dat ze het hele plaatje voor ogen houden. Als hun loonlasten met 3,6 miljard euro dalen, moeten ze aanvaarden dat hun kosten iets zullen stijgen. Door de taxshift zullen ook anderen iets meer moeten betalen. De N-VA heeft, bijvoorbeeld met de doorkijktaks, zelf voorgesteld om mensen met heel grote vermogens te laten bijdragen. We zijn er immers van overtuigd dat maatregelen die hen treffen, de economische groei niet fnuiken.’

Van die doorkijktaks, waarmee u mensen wilt belasten die geld hebben in belastingparadijzen, wordt nu al gezegd dat hij niet de 120 miljoen euro zal opbrengen waarop hij begroot is.
De Wever: ‘Begroting is papier, dus zeker over de inkomsten ben je nooit. Maar het is geen maatregel die we plots tijdens de laatste uren van de onderhandelingen uit onze mouw hebben geschud. We hebben zelfs een ingehuurde deskundige meegebracht naar de onderhandelingstafel om het plan toe te lichten. Uiteindelijk denk ik dat we zelfs een groter bedrag in de begroting hadden kunnen inschrijven.’

De eerste die belt naar Elio en vraagt reviens, kan beter van de achtste verdieping naar beneden springen.

De vakbonden vinden de taxshift veel te beperkt en noemen het regeerakkoord sociale horror. Begrijpt u hen?
De Wever: ‘Ik wil veel kritiek aanvaarden, maar dat wij alles ten laste van de werknemer doen en dat we rijken ontzien, is onzin. We verschuiven 2,8 miljard euro aan belastingen. Zo maken we geld vrij om een lastenverlaging door te voeren, om de belastingen te verlagen en om de laagste pensioenen te verhogen. Ik hoor de vakbonden nu al roepen, maar ze leggen geen alternatieven op tafel. Behalve dan het Franse voorbeeld, maar zitten we daar op te wachten? President François Hollande weigerde de pensioenleeftijd op te trekken en hij voerde een miljonairstaks in. Het Franse voorbeeld van de socialisten leidt tot een sociaal-economisch kerkhof. Wie wil groeien, moet richting Duitsland kijken.’

De bonden sturen aan op een hete herfst vol protest. Maakt u zich zorgen?
De Wever: ‘In het regeerakkoord steken we de hand uit naar de vakbonden en de werkgeversorganisaties. We willen de geplande hervormingen met hen bespreken om zo, in de mate van het mogelijke, tot akkoorden te komen. Lukt dat niet, dan zal de regering beslissen. Maar het aanbod ligt wel op de tafel. De bonden kunnen dat natuurlijk negeren, maar zijn ze dan bezig met onze welvaart of met de sociale verkiezingen in 2016? Ik denk eerder dat laatste.’

Sommigen vinden dat de meerderheidspartijen kiezersbedrog pleegden, want niemand sprak tijdens de campagne over een verhoging van de pensioenleeftijd.
De Wever: ‘Ik heb altijd gezegd dat we de pensioenleeftijd in de komende legislatuur niet zouden verhogen. Dat heeft ook geen zin, want de feitelijke pensioenleeftijd ligt in ons land op 59,6 jaar. We moeten die eerst omhoog krijgen. Maar ik heb ook altijd gezegd dat het verhogen van de pensioenleeftijd op de langere termijn onvermijdelijk is. Daarom hebben we afgesproken om hem tegen 2030 op te trekken tot 67 jaar. Dat is overigens ook waar de Pensioencommissie onder leiding van professor Frank Vandenbroucke op aanstuurde, al heeft ze dat niet met zoveel woorden gezegd.’

‘Als we niets doen, gaan we door de meeruitgaven voor pensioenen op termijn naar een schuldgraad van meer dan 400 procent. Dat voorkomen we en in die zin vind ik het niet erg al eens een tomaat naar mijn hoofd te krijgen van een of andere oververhitte Rudy De Leeuw. Een goede pensioenhervorming moet zo’n tien jaar op voorhand worden ingezet, omdat ze dan meer gespreid kan worden in de tijd en omdat mensen zo niet voor verrassingen komen te staan.’

©Dries Luyten

Veel mensen beseffen dat ze langer moeten werken, maar ze vrezen dat ze hun huidige baan niet tot hun 67ste kunnen uitoefenen. Wat gaat de regering daaraan doen?
De Wever: ‘We moeten de komende jaren werk maken van een ander loopbaanmodel. De basisprincipes staan in het regeerakkoord en we gaan de gesprekken met de sociale partners daarover opstarten. We raken nooit aan verworven rechten, dus duurt het zo’n 45 jaar vooraleer een hervorming van het loopbaanmodel volledig is doorgevoerd. Zo moeten we afstappen van de anciënniteitsverloning. We moeten evolueren naar een soort middenloon, dat voor jongeren iets hoger ligt dan wat ze vandaag krijgen en voor ouderen iets lager.’

De regering-Michel wil zo’n 5 miljard euro besparen in de sociale zekerheid. Dat zal pijn doen.
De Wever: ‘In elk geval komt het bloedbad, waarvan sommigen zeiden dat we het wilden aanrichten, er niet. De uitgaven in de gezondheidszorg blijven omhoog gaan, zij het iets minder snel dan vroeger. De uitgaven mogen de komende jaren stijgen met 1,5 procent, wat ons een besparing oplevert tegenover het huidige beleid. Ook in de pensioenen besparen we een beetje, onder meer door de voorwaarden voor het vervroegd pensioen op te trekken. Voorts verdwijnt het brugpensioen grotendeels, gaat de uitkering voor het niet-gemotiveerde tijdskrediet eruit en gaan we snijden in de wachtuitkering voor jongeren. Wie ouder is dan 25 jaar zal niet langer zo’n uitkering kunnen aanvragen en wie jonger is dan 21 jaar zal moeten bewijzen dat hij ten minste een diploma middelbaar onderwijs op zak heeft.’

Een net afgestudeerde universitair die op zijn 25ste geen werk heeft gevonden en de uitkering voor het eerst aanvraagt, zal ze dus niet krijgen?
De Wever: ‘In geen enkel ander land staat men toe dat mensen al gebruik kunnen maken van de sociale zekerheid vooraleer ze er geld hebben ingestopt. Dat inperken is voor mij geen sociaal bloedbad. Integendeel, door zulke maatregelen af te schaffen moedigen we mensen net aan om nog harder naar een baan te zoeken of om langer te werken. Zo dragen meer mensen bij aan onze sociale zekerheid, waardoor die robuuster wordt.’

We moet afstappen van de anciënniteitsverloning. We moeten evolueren naar een soort middenloon, dat voor jongeren iets hoger ligt en voor ouderen iets lager.

Hebt u voor de competitiviteit binnengehaald wat u wilde binnenhalen? De werkgevers hadden meer van verwacht.
De Wever: ‘We fietsen de loonkostenhandicap die we sinds 1996 tegenover de buurlanden hebben opgebouwd dicht. Een indexsprong komt neer op een devaluatie. Natuurlijk zal een werkgever zeggen dat er nog een historische handicap overblijft. Fair enough, maar we wilden tegen 2018 ook een begrotingsevenwicht boeken. Natuurlijk konden we nog verder snijden in de uitgaven, maar zo dreigden we voorbij de pijngrens te gaan. Enkel een taxshift en een indexsprong bleven over als instrumenten om onze concurrentiekracht op te krikken. We zijn tijdens de campagne zwaar bekritiseerd geweest wegens die indexsprong, maar de kiezer heeft zich niet zot laten maken. Deep inside, he knew I was right. Al gaan we die indexsprong natuurlijk sociaal corrigeren: hij geldt niet voor de laagste inkomens. Ik ga ervan uit dat de maatregelen die op tafel liggen, voldoende zijn om onze economie opnieuw te laten groeien. Als dat lukt, dan komt geld vrij om nog meer loonlasten te verlagen.’

Blijkbaar kent u ook de truken van de foor. De belastingen stijgen niet, maar dat komt enkel doordat u het geld van de welvaartsenveloppe gebruikt om de belastingen gericht te verlagen.
De Wever: ‘Da’s meer dan een truc! Het is geld dat we uit de staatskas weghalen en via een fiscale weg laten terugvloeien naar wie het nodig heeft. Dat is iets anders dan mensen gewoon wat bijgeven, want het laat ons toe het budget meer te richten op de groepen die we belangrijk vinden. Ik steek niet weg dat voor ons de lage lonen en de lage pensioenen prioritair zijn. Dat zijn twee groepen die je via de fiscale weg bij uitstek kan bedienen.’

Nu maakt u mensen ongerust. Wie een werkloosheidsuitkering trekt, zal die niet zien stijgen?
De Wever: ‘Dat zeg ik niet. We willen ook de uitkeringen die onder de Europese armoededrempel zitten, optrekken. Maar dat is via de fiscale weg niet eenvoudig.’

Gaat deze regering participaties, bijvoorbeeld in Belfius of BNP Paribas, verkopen?
De Wever: ‘Ik heb daar tijdens de onderhandelingen niet op ingezet, want het risico is dat iedereen daar dan op focust. Sinds de regeringen-Verhofstadt is er een soort allergie ontstaan over dingen verkopen, want mensen hebben toen geleerd dat zelfs de meubelen worden verkocht om de begroting rond te krijgen.’

‘Er zijn geen plannen om bepaalde participaties te verkopen, maar we hebben evenmin afgesproken om dat niet te doen. Iedereen is doordrongen van het idee dat we niets moeten verkopen om te verkopen, maar iedereen beseft wel dat we dat moeten doen als de omstandigheden juist zijn. Belangrijk daarbij is dat we het dividend op zo’n participatie afzetten tegenover de rente die we op de staatsschuld betalen.’

Wat vindt u het beste onderdeel van het akkoord?

‘Regeringen hebben er in het verleden steevast voor gekozen de overheidsuitgaven te saneren met twee derde besparingen en een derde nieuwe inkomsten. Voor het nieuwe beleid werd vers geld gezocht, waardoor uiteindelijk meer dan de helft van de budgettaire inspanning wordt gedaan met nieuwe inkomsten. Wij doen het anders, want we werken het begrotingstekort weg en we financieren het nieuwe beleid met 75 procent aan besparingen en 25 procent aan nieuwe inkomsten.’

Wat vindt u het slechtste deel van het regeerakkoord?

‘Ik had veel verder willen gaan in onze arbeidsmarkthervormingen. Ik had graag de werkloosheidsuitkeringen beperkt in de tijd en de wachtuitkeringen voor werkloze jongeren afgeschaft. We hebben dat deels opgelost door de gemeenschapsdienst voor langdurige werklozen in te voeren. Wie lang werkloos is, zal twee halve dagen per week moeten werken.’

‘We moeten het systeem vanaf nul opbouwen en we hebben daarvoor de medewerking van de regio’s nodig. In Vlaanderen zal dat wel lukken, maar daar waar er meer langdurig werklozen zijn - in Wallonië - zal dat iets moeilijker worden.’

Veel mensen vrezen dat deze regering 2019 niet haalt. Is dat terecht?
De Wever: ‘Eenvoudig wordt het niet, maar ik ben toch optimistisch. We zijn gebonden aan een regeerakkoord dat gigantische hervormingen vooropstelt. Voor Gerhard Schröder, die in Duitsland de moedige hervormingen heeft ingezet, kwam het herstel net te laat en hij verloor in 2005 de verkiezingen. Je kan dus al het goede doen en niet beloond worden. De regering laten vallen en naar de kiezer stappen vooraleer de vruchten van het beleid kunnen worden geplukt , is politieke zelfmoord. Dat is hetzelfde als van hieruit, op de zesde verdieping, naar beneden springen. Wat ook helpt, is dat niemand een alternatief heeft. De eerste die belt naar Elio en vraagt reviens, kan beter van het achtste naar beneden springen. Deze regering blijft volgens mij dus minstens tot 2019 aan. Al kunnen we, met Harold Macmillan (gewezen Britse premier, red.) in het achterhoofd, één gevaar niet uitsluiten: Events, my dear boy, events.’

Events? Zoals communautaire heibel?
De Wever: ‘We hebben de andere partijen beloofd dat er de volgende vijf jaar een communautaire pauze komt. De vorige regering heeft de grondwet niet voor herziening vatbaar verklaard, dus we kunnen deze legislatuur ook niets doen. Voorlopig is een regering zonder de PS al een staatshervorming op zich. Maar dat is geen structurele oplossing. Als de kiezer ons verplicht om een coalitie te vormen met de PS, dan zal het communautaire terugkeren.’

Wat heeft u tijdens de formatie het meest verrast?
De Wever: ‘Bij het begin van de onderhandelingen hebben we een gentleman’s agreement gesloten. In mijn memoires leg ik het hoe en het waarom nog wel eens uit. In elk geval is toen afgesproken dat ik zou passen voor het premierschap, omdat dat moeilijk lag voor de MR, en dat die functie naar Kris Peeters zou gaan. Dat CD&V iets later koos voor een post in de Europese Commissie en het premierschap liet schieten, was dan ook een grote verrassing, en dat heeft lang nagezinderd. Daardoor werd het moeilijk om het Zweedse huis af te krijgen, al bleek het gelukkig solide genoeg om het niet te laten instorten. Maar het heeft bij momenten écht aan een zijden draadje gehangen.’

Hebt u gedacht dat het allemaal nog zou mislukken?
De Wever: ‘Ja. De weken na de beslissing van CD&V waren heel moeilijk en heb ik enkele keren gedacht dat het niet zou lukken. Je kan niet één heipaal weghalen en denken dat de rest zonder probleem overeind zal blijven. Mais ces moments là, j’ai pris mon bâton de pèlerin. Ik heb mijn verantwoordelijkheid opgenomen. Dat kon, omdat we altijd het basisakkoord hebben gerespecteerd en er zo weinig wantrouwen was tegenover ons. Men wist dat ik niet om de tafel zat om het premierschap in onze richting te laten vallen.’

De échte baas van deze regering is dus niet Charles Michel, maar Bart De Wever?
De Wever: ‘Dat is een verkeerde perceptie. Er zijn destijds artikels geschreven over de rol die ik speelde, maar dat kwam mij eigenlijk heel slecht uit. Iedereen denkt dat je zelf de pers zulke dingen influistert om gezien te worden als de grote architect, terwijl dat absoluut niet het geval was. Aan de onderhandelingstafel betaal je zulke artikelen cash.’

‘Trouwens, ik ben geen freak die alles en iedereen wil controleren. We leveren nu de minister-president en enkele belangrijke ministers in de Vlaamse regering, maar vraag me nu om naar drie van de vier te gaan en ik zou niet weten waar ze zitten. Geert Bourgeois zit nog altijd in dat vreselijk kot...’

Woordvoerder Joachim Pohlmann (onderbreekt): ‘Nee, die is daar weg. Dus eigenlijk weet je niemand zitten.’

Partijvoorzitters zijn de ruimerkes van de politiek. Bij ons is het altijd stank voor dank. Want we komen alleen als het slecht ruikt.

De Wever: ‘Jawel, het Martelaarsplein, waar Bourgeois zijn ambtswoning heeft, weet ik liggen. Maar al de rest? Vraag me niet om ernaar toe te gaan, want ik weet niet waar ze zitten. Ik bemoei me niet met wat ze doen. Als ze om mijn advies vragen, zal ik dat geven en als het ongelooflijk fout loopt, kom ik af. Maar dat is de rol van een partijvoorzitter. We zijn de ruimerkes van de politiek. Bij ons is het altijd stank voor dank. Want we komen alleen als het slecht ruikt.’

Blijft u overigens op post als partijvoorzitter?
De Wever: ‘De regering legt zaterdag (vandaag, red.) de eed af en ik vertrek een uur later op vrijwillige ballingschap naar China - zij het enkel voor één week. Ik heb dus tot zaterdagmiddag om na te denken over wat ik doe.’

Maar eigenlijk weet u het al. U blijft toch gewoon voorzitter?
De Wever: ‘Ik ben nog niet 100 procent zeker. Nu de regering gevormd is en de posten verdeeld zijn, heb ik dus nog even de tijd nodig om één heel zware beslissing te nemen. Welke dat is, ga ik u niet in de krant laten zetten. Maar ik zal hier in elk geval niet zitten tot ze deejay Jos moeten vragen om me op de tonen van de Gipsy Kings buiten te jagen, zoals andere partijvoorzitters momenteel te beurt valt.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud