Externe consultant moet zwakke stiptheid NMBS doorlichten

De stiptheid van de treinen is het grote zorgenkind van spoorbaas Sophie Dutordoir. ©BELGA

De spoortop gaat een studie bestellen om de stiptheid van het spoor gevoelig te verbeteren.

De spooruitbater NMBS en de netbeheerder Infrabel krijgen steeds luidere kritiek over de stiptheid van de treinen. Daarom lanceren ze een grote studie om te kijken hoe ze die gevoelig kunnen verbeteren. Dat stellen beide bedrijven in het parlement. Daar wordt Sophie Dutordoir, de topvrouw van de NMBS, samen met de CEO van de netbeheerder Infrabel, Luc Lallemand, op de rooster gelegd. Vorig jaar daalde de officiële stiptheid van 88,3 procent in 2017 naar 87,2 procent, een pak onder de 92 procent die het afgelopen beheerscontract eiste.

Dutordoir wil stiptheid anders meten

NMBS-topvrouw Sophie Dutordoir wil bij de berekening van de stiptheid van treinen rekening gaan houden met gemiste aansluitingen en afgeschafte treinen. Het huidige model berekent of treinen op tijd in het eindstation aankomen. Dat is op maat van netbeheerder Infrabel, dat opereert als een B2B-bedrijf voor NMBS. Die laatste werkt direct voor de consument, waardoor Dutordoir naar een meting wil die veel meer de klantbeleving in kaart brengt. Nu wordt een trein die op tijd rijdt tussen Brugge en Eupen met tussenstop in Brussel, als op tijd wordt gerekend. Maar het kan perfect dat de trein in alle andere  tussenstations vertraging heeft, zoals in Leuven. Dat heeft grote impact, omdat er in Leuven heel wat aansluitingen zijn, met gevolg dat vertraging in Leuven reizigers in transit grote problemen bezorgt. Vier op de tien treinreizigers gaf de NMBS in 2018 een tevredenheidsscore van minder dan 7 op tien. De NMBS is volop bezig met de ontwikkeling van een nieuwe stiptheidsmeter.

De bedrijven halen de mosterd bij een vergelijkbare studie uit 2011 van de consultant Arthur D. Little. De spoortop wil nu nieuw onderzoek omdat de context sindsdien volledig is veranderd. Er zijn meer en vaker werken door een verouderd netwerk, doordat het treinpark verouderd raakt en doordat er een veel hoger aanbod is met veel meer reizigers. De punctualiteitsstudie zal de periode 2019-2022 overspannen.

Vertragingen

In het parlement geven beide bedrijven achtergrond bij de redenen voor de vele vertragingen. Die komen onder meer door een stevige stijging van spoorlopen, zelfdodingen en kabeldiefstallen. Die zijn verantwoordelijk voor 41,5 procent van de vertragingen, een stijging met 8 procent sinds 2014.

'Spoorlopen heeft een gigantische impact op de treinen. Eén voorbeeld: toen in de Brusselse Noord-Zuidas 's morgens om 7 uur een spoorloper was, leidde dat tot 8.636 minuten vertraging op 412 treinen. Dat trof in totaal 350.000 tot 400.000 treinreizigers', stelt Ann Billiau van Infrabel. Dat is niet de hele verklaring. De cijfers van Infrabel die de netbeheerder presenteerde in het parlement tonen dat het aantal zelfdodingen en spoorlopers vorig jaar gedaald is.

De bedrijven wijzen ook op het hoge aantal defecte treinstellen. Dat is mee een gevolg van het verouderde treinpark, dat gemiddeld 23 jaar oud is. In vergelijkbare landen is dat 17 jaar. De indienstneming van de nieuwe M7-treinen vanaf de tweede helft van dit jaar en de afdanking van treinen ouder dan 50 jaar moeten de gemiddelde leeftijd tegen 2023 op het niveau van buitenlandse spoorbedrijven brengen. Daarnaast telt de NMBS treinen van 17 types. De bedoeling is te wieden in dat kluwen en tot een harmonisering te komen.

Er wordt ook gewezen op de complexiteit van het Belgische net. De bekende Brusselse Noord-Zuidverbinding is een flessenhals, waar door het gestegen aanbod (+5 procent) alleen maar meer treinen door moeten. Bovendien zijn er 550 stations en stopplaatsen op een net van in totaal 11.000 kilometer. In Nederland zijn er 250 stations.

Daarnaast is het doel de werken beter te coördineren tussen Infrabel en de NMBS. Dat is ook nodig door een steeds verzadigder net. Sinds 2004 kwam er de helft meer reizigers bij, tot 240 miljoen.

Echte cijfers

Pijnlijk is dat net vandaag in De Tijd de echte, ongepubliceerde stiptheidscijfers uitlekten. Het officiële cijfer telt treinen die op tijd zijn of een vertraging van minder dan zes minuten hebben. Zonder die extra marge valt de stiptheid - die reëel wordt ervaren door de treinreiziger - terug tot een dramatisch niveau. Dan rijdt minder dan de helft van de treinen op tijd. Tijdens de piekuren 's ochtends en 's avonds rijden zelfs minder dan vier op de tien treinen op tijd.

Dutordoir krijgt de situatie voorlopig niet rechtgetrokken. Zij staat veel meer in de picture dan haar collega Lallemand van Infrabel, omdat de NMBS het vervoer voor de reizigers organiseert. Op sociale media regent het al lange tijd klachten van treinreizigers over een lawine aan vertragingen.

Dat treft Dutordoir midscheeps, omdat ze bij haar aantreden in maart 2017 betere stiptheid, communicatie en klantvriendelijkheid beloofde. Ze stelde toen dat ze hoopte tegen eind 2017 de stiptheid op te trekken tot 90 procent, wat nooit lukte.

Ondertussen zet ook minister van Mobiliteit François Bellot (MR) druk. Hij riep Dutordoir en Lallemand vorige week op het matje en eiste een actieplan om de stiptheid te verbeteren. De twee toplui stellen in het parlement een pakket maatregelen voor.

Het is opvallend dat beide bedrijven een gezamenlijke presentatie hebben gemaakt, omdat ze elkaar graag de zwartepiet toeschuiven als het foutloopt bij het spoor.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect