Advertentie
Advertentie
interview

‘Filosoof-landbouwer, dat wil ik later worden.' - ‘Mooi, dan koop ik met jou zo'n vierkantshoeve.'

©Siska Vandecasteele

Kris Peeters en zijn jongere broer Geert wonen al tien jaar naast elkaar. De ene is politicus voor CD&V, de andere staat aan de top van een Britse retailer. Voor geen geld ter wereld zouden ze een van de gewoonste dingen ter wereld kunnen missen. ‘We rijden dolgraag elkaars gras af.’

Een zomerse vrijdag, net na het middaguur. Kris Peeters (53) en zijn broer Geert (49) genieten na van een portie mosselen met friet en een koele fles droge witte wijn. Het zonnige terras van Hof van Coolhem, een in het groen verscholen Puurse brasserie, nodigt uit tot vakantiebespiegelingen.

‘Als ik ergens van droom, dan is het wel van een leven als filosoof-landbouwer’, zegt CD&V-politicus en vicepremier Kris Peeters. ‘Ik blijf niet tot elke prijs in de politiek.’ ‘Een mooi vooruitzicht’, zegt Geert, chief operating officers van de Britse moderetailer Cath Kidston. ‘Dan koop ik met jou zo’n grote vierkantshoeve.’

Kris en Geert Peeters zijn meer dan vrienden, ze zijn soul brothers. Zelfs in hun toekomstplannen zijn ze onafscheidelijk. Hun loopbanen liggen nochtans mijlenver uiteen. De ene studeerde rechten, klom op tot topman van de zelfstandigenorganisatie Unizo en maakte in 2004 de overstap naar de politiek. De andere studeerde af als industrieel ingenieur en maakte carrière in het internationale zakenleven.

Er is iets ondefinieerbaars dat hen bindt. Ze wonen al tien jaar naast elkaar in het Ruisbroek, een rustige deelgemeente van Puurs, precies op de plek waar ze allebei zijn geboren. ‘Onze grootouders woonden hier al. De band met het land en de grond zit blijkbaar diep in ons DNA.’

Kris Peeters (53) is vicepremier en minister van Werk (CD&V). Hij is licentiaat in de rechten en kandidaat in de wijsbegeerte. Na diverse omzwervingen ging hij aan de slag als adviseur bij de zelfstandigenorganisatie Unizo (toen nog NCMV), waar hij opklom tot de gedelegeerd bestuurder. In 2004 stapte hij over naar de politiek. Hij werd Vlaams miniser en twee keer minister-president.

Vraag hun welke hobby ze delen, en ze beginnen meteen over gras. Ze hebben iets met kunst van het maaien. Het verhaal doet de ronde dat ze daarover wel eens een competitie durven op te zetten.

‘Gras maaien doe je in banen. Zo recht mogelijk. In onze jeugd moesten we van ons vader altijd thuis het gras afrijden. En in alle bescheidenheid: we zijn kenners’, zegt Kris. Zijn jongere broer lacht: ‘Misschien is het daarom dat ik zo vaak het gras van mijn buurman moet afrijden, een taak die ik overigens met veel plezier doe.’

‘We doen het voor de voldoening van de strepen’, zegt de politicus onverstoord. ‘Al moet ik toegeven dat de competitiegeest wat is verwaterd. Vroeger ging het over: wie trekt de mooiste banen? Nu is de kwestie eerder: wie doet het? En Geert beschikt over een grasrobot.’

Is uw broederband altijd zo sterk geweest?
Kris Peeters: ‘We verschillen vier jaar in leeftijd. Geert is naar hetzelfde college geweest in Boom. Dat schept een band. Ook met mijn zus is de relatie uitstekend. Maar ja, ik kan niet naast allebei gaan wonen. Zij woont met haar gezin in Antwerpen.’

Geert Peeters (49) is chief operating officer van de Britse moderetailer Cath Kidston. Hij is industrieel ingenieur textiel/chemie. Zijn carrière begon bij de toenmalige Kortrijkse textielgroep Sofinal. Daarna volgden diverse functies bij internationale multinationals als Levi Strauss (Brussel en San Francisco), Bacardi (Genève) en VF Corp (Brussel).

Geert Peeters: ‘Kris en ik zijn dan wel buren, maar dat betekent niet dat we elkaar elke dag zien. Op maandag neem ik de vroege trein naar Londen en dan ben ik pas tegen het eind van de week terug. Om stoom af te blazen. Die momenten tijdens de weekends koester ik: gewoon wat bijpraten, fietsen of een glas wijn drinken met mijn broer.’

Waarom koos de ene voor de politiek en de andere voor het bedrijfsleven?
Geert: ‘Ik was al van jongs af aan geboeid door elektronica, en dan is de stap naar ingenieursstudies en een job in het bedrijfsleven snel gezet. Toen ik 16 was, was ik al actief met een rockband voor elektronische muziek. Trans Act was wereldberoemd in Ruisbroek.’

Kris: ‘Ja, en ik was de roadie. Ik had een rijbewijs en Geert nog niet. Dus moest ik met dat materiaal om de haverklap naar allerlei optredens rijden. Ik was zijn klusjesman, eigenlijk.’ (lacht)

Klopt het dat u nog op zoek was naar een job, terwijl Geert al volop carrière maakte in het zakenleven?
Kris: ‘Ja, het was wat zoeken. Ik wekte als stagiair-advocaat, was intussen getrouwd en had na twee jaar hard werken amper geld verdiend. Op een dag drukte mijn vrouw me met mijn neus op de feiten. ‘Kris, je bent 28, je hebt diploma’s in rechten, wijsbegeerte en boekhouden, en je maandloon is amper 8.000 frank. Wordt het niet tijd om eens serieus werk aan te nemen?’ Ik sloeg de gazet open en zag toen een vacature voor een fiscaal adviseur bij het NCMV, het latere Unizo. Ik solliciteerde, werd uitgenodigd voor een gesprek met de directeur van de studiedienst, Marianne Thysen, en mocht meteen beginnen. Zo is het gegaan.’

Louter toeval, dus?
Kris: ‘Het toeval speelt bij mij een grote rol, ja. Ik ben ook maar in de politiek gegaan, omdat Yves Leterme, die toen voorzitter van CD&V was, me belde. Er is altijd zo’n voorval geweest dat een kleine of grote draai gaf aan mijn leven. Iets dat me overkwam, en waar ik dan volop voor ging.’

Kris en Geert Peeters: ‘We zijn dan wel buren, maar dat betekent niet dat we elkaar elke dag zien.’ ©Siska Vandecasteele

Geert: ‘Ik weet het nog goed: 11 juli 2004. Ik was in Zeebrugge met de kinderen voor een opendeurdag van de marine. We gingen boten bekijken, en toen kwam die korte telefoon van Kris, die me zei dat hij gevraagd was om minister te worden in de Vlaamse regering. Ik vond dat fantastisch, dat Kris die stap kon zetten. Het is normaal dat je opkijkt naar die grote broer. Hij gaat nooit een uitdaging uit de weg. Op zijn 16de ging hij al een opleiding volgen om parachute te springen. Daarna leerde hij bij Bloso bergbeklimmen. Vond ik knap.’

Hebt u nooit spijt gehad van die overstap?
Kris: ‘Het was eigenlijk een opportuniteit, waarbij de vraag was: ga ik erop in of niet? En indien niet, zou ik dan achteraf spijt hebben dat ik het nooit had gedaan?’

Politiek houdt drama in. Is dat ook zo in het bedrijfsleven?
Geert: ‘Absoluut, veel meer dan je denkt. Het verschil is gewoon dat bij de politiek alles in de schijnwerpers staat. In het bedrijfsleven gebeurt er veel zonder dat mensen daar enig besef van hebben. Als er geen camera of journalist in de buurt is, wordt er niet over gesproken. Een beslissing nemen over de sluiting van een fabriek, dat zijn heftige momenten. Dan zie je meteen de krachtsverhoudingen liggen. Toen ik voor de Europese afdeling van een Amerikaans bedrijf als Levi Strauss werkte, was het duidelijk dat het zwaartepunt in de Verenigde Staten lag. Wat er ook wordt gezegd, de laatste knoop wordt doorgehakt waar het hoofdkantoor van een bedrijf ligt. Maar zulke besluitvorming komt niet aan de oppervlakte. Het blijft achter de schermen.’

Was u een klankbord tijdens de discussie over de taxshift?
Geert: ‘Ik probeer de Belgische politiek zo veel mogelijk te volgen, en dus ook de taxshift. Maar ik zal daarover nooit met Kris direct contact opnemen. Ik laat hem liever gerust als hij bezig is, zeker in het heetst van de strijd. Als het moment er is of als hij nood heeft aan feedback, weet hij me wel te vinden. Discretie is belangrijk in de politiek. En ik heb er 200 procent vertrouwen in dat Kris de juiste beslissingen neemt.’

Kris: ‘In België en Vlaanderen was het bedrijfsleven radicaal tegen een vermogenswinstbelasting. Ik vroeg me dan ook vaak af of mijn standpunten zo wereldvreemd waren. Het was nuttig te horen dat mijn broer over die taxshift erg uitgesproken standpunten had.’

Geert: ‘Er zit veel hypocrisie in het debat. Als je weet dat een belasting op capital gain in de VS, het kapitalistische land bij uitstek, de normaalste zaak van de wereld is, waarom doet België er dan zo moeilijk over? In Californië staat de personenbelasting op eenzelfde niveau als bij ons. Eigenaars van een dure villa in Los Angeles betalen ook nog eens 2 tot 3 procent belasting per jaar op de waarde van hun woning. En toch is die staat een van de innovatiefste en creatiefste plekken ter wereld. Voor mij bewijst dat dat het ene het andere niet uitsluit.’

Wordt het dan niet allemaal wat te veel, die kritiek, zelfs vanuit uw partij?
Kris: ‘De felle kritiek uit ondernemershoek heeft me verrast. Ook de heftige reactie uit mijn vroegere achterban bij Unizo. Ik stond er ook van versteld dat werkgevers in het geval van de speculatietaks renteniers en speculanten stonden te verdedigen. Maar goed, die discussie is voorbij. De taxshift is er. De politiek is de kunst van het haalbare.’

Geert: ‘Ik werk hard in mijn bedrijf. Maar ik denk dat wat mijn broer doet, nog zoveel harder is. En moeilijker. De verhouding tussen input en output staat bij Kris niet in balans. Je kan je in de politiek keihard inzetten, maar dat betekent nog niet dat het resultaat in verhouding zal zijn. In het bedrijfsleven ligt dat anders. Als je daar iets wil realiseren, als je ervoor gaat en de juiste stappen zet, dan is de kans op succes relatief hoog.’

Kris en Geert Peeters: ‘We zijn dan wel buren, maar dat betekent niet dat we elkaar elke dag zien.’ ©Siska Vandecasteele

Wringt het dan niet dat de politicus Peeters minder verdient dan de manager Peeters?
Kris: ‘Dat is juist. Geert verdient veel meer dan ik, en dan druk ik me nog voorzichtig uit. (lacht) Maar ik ben in de politiek gegaan zoals daarnet beschreven. Ik doe dit verschrikkelijk graag. Je moet die job niet doen als je serieus vergoed wil worden. Je moet erdoor gebeten zijn. Ik steek er veel uren in, die niet allemaal even productief zijn, ook weekends en talloze uren van mijn familieleven. De volledige return on investment is negatief. Mensen zien dat vaak onvoldoende. En dan worden we ook nog eens als zakkenvullers neergezet. Ik verdien wat publiekelijk bekend is: 17.600 euro bruto per maand. Met dat inkomen kan ik voldoende van mijn onafhankelijkheid genieten. Maar politiek is ook onvoorspelbaar: van vandaag op morgen kan het gedaan zijn en dan is er geen terugvaloptie. Maar goed, ik heb in 2004 de overstap gemaakt, dus ga ik ervoor.’

Geert: ‘Achteruitkijkspiegels zijn alleen goed voor in het verkeer. Als je voor iets gekozen hebt, moet je ervoor gaan. Dat hebben we allebei van thuis meegekregen. Failure is not an option.’

Kris: ‘Inderdaad, als je opgeeft, dan moet het al heel erg zijn. Dat woord staat niet in ons woordenboek. Tenzij je niet anders kan. Zoals u weet, heb ik ooit de beklimming van de Aconcagua moeten stoppen wegens hoogteziekte.

Dat ligt gevoelig?
Kris: ‘Ja, ik vond dat erg spijtig. Maar hij ligt er nog. Ik kan nog een tweede keer proberen. Vroeg of laat doe ik dat wel eens. Mijn broer raadt me dat trouwens af. Hij is altijd bezorgd over mij. Dat is misschien omdat ik in sommige dingen meer risico’s neem. S oms met faliekante afloop.’

Zoals?
Kris: ‘Samen met mijn broer, zus en alle kinderen waren we ooit eens op zeilvakantie in Turkije. We zaten op een gület, een houten boot waarop je met zo’n twintig mensen kan meevaren, samen met de kapitein. De boot ging voor anker in een mooie kreek. Op zo’n 600 meter daar vandaan lag een ponton met een wapperende Turkse vlag erop. We sprongen in het water en zwommen er met de kinderen naartoe. Het ponton lag verder dan we dachten en er was heel wat tegenstroom. En toen we dichterbij kwamen, verschenen er plots militairen die ons duidelijk maakten dat we niet aan wal mochten komen.

‘Ik, de held van het veld, zei: ‘Weet je wat, ik zwem zo snel mogelijk terug en dan kom ik jullie halen met de reddingsloep.’ Zo gezegd, zo gedaan. In krachtige crawl zwom ik terug naar het schip, ik klom op het achtersteven en liet de sloep snel zakken. Maar mijn vingers bleven steken in de katrol. Met een open kwetsuur tot gevolg. Mijn broer bracht me zo snel mogelijk naar een ziekenhuis, waar de dokters een complexe breuk vaststelden. Ofwel moest ik terug naar België voor de operatie, ofwel moest de ingreep ter plekke gebeuren. Ik koos voor het laatste. Mijn broer, die de Turkse reis had georganiseerd, voelde zich erg verantwoordelijk. Hij was er niet over te spreken.’

Was u toen kwaad?
Geert: ‘Kwaad is niet het juiste woord. Eerder ontzettend bezorgd. Als Kris vandaag opnieuw iets roekeloos onderneemt, zeg ik meteen stop. Want ik weet hoe het afloopt.’

Vanwaar die zucht naar risico’s?
Kris: ‘Ik heb dat altijd gehad. Een combinatie van wat je spanning en uitdaging kan noemen. Zoals uit een vliegtuig springen of een berg beklimmen. Ik vraag me altijd af: zal ik dat wel durven? De drang is iets minder geworden. Blijkbaar word ik wijzer en rustiger met de jaren. Maar bij het fietsen is het nog altijd van dat. Met mijn zoon Karel maken we er altijd een spelletje van. Als iemand sneller rijdt dan wij, proberen we hem niet alleen te volgen. De kunst bestaat erin hem voorbij te steken en uit het wiel te rijden.’

Is er nog een leven na de politiek of het bedrijfsleven?
Kris: ‘In de politiek heb ik nog vier jaar voor mij liggen. Ik ben dus niet bezig met wat er daarna gebeurt. Er zijn nog heel wat dossiers waar ik graag mijn tanden in wil zetten. Maar ik ga niet tot elke prijs in de politiek blijven. Interpreteer het niet zo dat ik op zoek ben naar iets anders. Alleen, in mijn branche weet je nooit.’

Geert: ‘Ook bij mij is er niet meteen een langetermijnplanning. Al zou ik wel graag nog eens terug naar België komen om er een verantwoordelijkheid in het bedrijfsleven op te nemen.’

Hebt u nog dromen?
Kris: ‘Een master in de filosofie halen. En de Aconcagua beklimmen. (lacht) Maar waar ik echt van droom, dat is een boerderij. Ik mag dat eigenlijk niet zeggen, maar ik zou het heerlijk vinden om na de politiek landbouw met filosofie te combineren. Dan kan ik boeken lezen en wijsbegeerte doceren.’

Geert: ‘Bij deze is het dan gezegd.’

Kris: ‘Het is sterker dan mezelf . Nee, ik hoop daar ooit eens op terecht te komen: een eigen veld vol tarwe, waar je ’s avonds door kan rijden met de tractor, op weg naar de barbecue.’

Geert: ‘Als een gentleman farmer..’

Kris: ‘Inderdaad, en met wat paarden en honden erbij. Moeten we toch eens proberen, Geert, samen zo’n hoeve kopen. Want ja, dat is niet goedkoop, en ik reken op jou.’ (lacht)

En als u dan met de pikdorser rijdt, dan moet het in rechte banen zijn.
Kris: ‘Ja, juist!’

Geert: ‘Voor mij zal het dan een robot zijn.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud