Gerecht negeert beurscriminelen

Het Brusselse justitiepaleis.

Wie in België knoeit op de beurs, hoeft niet te vrezen dat hij ooit op de beklaagdenbank belandt. Liefst 97 procent van de dossiers over misbruik van voorkennis, manipulatie van aandelenkoersen en andere ‘beursdelicten’ wordt zonder gevolg geklasseerd. Dat blijkt uit cijfers die minister van Justitie Annemie Turtelboom (Open VLD) opvroeg bij het college van procureurs-generaal.

De voorbije vijf jaar kreeg het Brusselse parket, het aanspreekpunt bij uitstek voor dit type misdrijven, 133 dossiers over ‘beursdelicten’, zoals het verhandelen van aandelen met voorkennis, het manipuleren van aandelenkoersen en andere soortgelijke financiële misdrijven. Liefst 129 dossiers kregen geen gevolg. Het gros van de dossiers komt nochtans van de beurswaakhond FSMA.

De desinteresse van het gerecht kan men afleiden uit de code die het openbaar ministerie nog altijd gebruikt voor beursmisdrijven: ‘74A: Beurs van Brussel en Antwerpen’. De Antwerpse effectenbeurs bestaat sinds 1997 nochtans niet meer.

Bij het openbaar ministerie zijn ook nooit bijzondere richtlijnen opgesteld om te beslissen welke beursmisdrijven moeten worden vervolgd, laat de minister weten.

‘Het merendeel van de zaken die het Brusselse parket de voorbije vijf jaar ontvangen heeft, is zonder gevolg geklasseerd, maar die beslissing is altijd voorlopig’, nuanceert Turtelboom. ‘Het vooronderzoek is dan wel beëindigd en er wordt afgezien van vervolging, maar zolang de strafvordering niet vervalt, kan de zaak heropend worden.’

‘Uit de motivering van het parket blijkt dat 126 zaken geklasseerd zijn omdat ‘er geen misdrijven konden worden vastgesteld’. In twee gevallen was er een gebrek aan speurders en in één geval waren er ‘andere prio­riteiten’. Er zijn twee vooronderzoeken en twee gerechtelijke onderzoeken geopend.

Het gros van de dossiers die het parket in handen kreeg, was afkomstig van de FSMA (de vroegere CBFA).

Minstens 97 zaken kwamen van de beurswaakhond. Die springt toch niet lichtzinnig om met het doorspelen van dossiers? ‘Alle dossiers over martktmisbruik die het voorwerp uitmaken van een pro­cedure voor de sanctiecommissie brengen we systematisch ter kennis van het parket. Dat is sinds 2008-2009 het beleid van ons directie­comité’, reageert FSMA-woordvoerster Veerle De Schryver. ‘De Belgische wet bevat nu eenmaal een tweesporenbeleid om financiële misdrijven aan te pakken. Dat sluit volledig aan bij de Europese benadering. Zowel de administratieve procedure als de strafrechtelijke procedure heeft haar eigen doelstelling, procedure en bewijslast.’

‘Beursmisdrijven zoals misbruik van voorkennis zijn nu eenmaal geen prioriteit voor de politie. Er is in ons land dan ook nog maar één persoon strafrechtelijk veroordeeld voor misbruik van voorkennis (lees hiernaast)’, vertellen Jean-Pierre ­Devuyst en Veronique De Mets, gespecia­liseerde speurders van de federale politie. ‘Misschien moeten we onze strategie toch veranderen. Nu werken de FSMA en het gerecht te veel naast elkaar. De FSMA is duidelijk het best geplaatst om misbruiken te detecteren. Maar er worden te weinig afspraken gemaakt. Daarom zou er een ‘una via’-aanpak moeten komen, zoals voor belastingfraude. We moeten meteen ­af­-spreken wie wat zal doen: welke dossiers via de administratieve weg afgehandeld worden en welke strafrechtelijk. Nu hebben we als politie geen zicht op de dossiers die de FSMA heeft.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud