Begroting, de kwetsbare flank van de regering-De Croo

©BELGA

Evergreens zoals fraudebestrijding, besparingen op de overheid en duurdere tabak stutten de begroting. Dat en het gebrek aan arbeidsmarkthervormingen vormen de kwetsbare flank van de regering-De Croo.

Meer dan 21 uur en een nachtje onderhandelen hadden de formateurs Alexander De Croo (Open VLD) en Paul Magnette (PS) nodig om het regeerakkoord van Vivaldi definitief af te kloppen. Centraal in die marathonsessie stond de begroting. Er lag een wensenlijst van 11 miljard euro aan nieuw beleid op tafel. Op het einde van de avond bleef er, onder druk van de liberalen, nog 3,2 miljard euro over.

Dit is de regering-De Croo

Met de MR-namen vielen de laatste puzzelstukjes van de Vivaldi-regering. En die bevat toch wel enkele verrassingen. Ontdek via dit interactieve overzicht de regeringsploeg van De Croo.

De uitgaven in de gezondheidszorg mogen jaarlijks met 2,5 procent boven op de inflatie stijgen. Dat is budgettair ingecalculeerd. Daardoor is de verhoging van het minimumpensioen de duurste maatregel. Tegen 2024 stijgt het geleidelijk naar 1.500 euro voor wie een volledige loopbaan heeft. De verhoging geldt zowel voor werknemers als voor zelfstandigen.

Met alle begeleidende maatregelen - zo gaat ook het maximumpensioen omhoog - kost de hervorming ongeveer 1,4 miljard euro. Volgens de socialisten volstaat dat om tegen 2024 te landen op een minimumpensioen van 1.500 euro netto. De andere partijen twijfelen daaraan. ‘Het zal eerder 1.500 euro bruto zijn en netto wellicht wat minder’, is te horen.

©Mediafin

De verhoging van de minimumpensioenen wordt gekoppeld aan strengere voorwaarden. Nu heeft iedereen met minstens 30 loopbaanjaren op de teller er recht op. Het pensioen wordt dan wel aangepast aan het aantal loopbaanjaren. Voor wie 30 loopbaanjaren heeft gewerkt, komt het tegen 2024 op 1.000 euro te liggen.

Nu tellen voor die loopbaanjaren zowel gewerkte jaren als gelijkgestelde periodes zoals werkloosheid en ziekte mee. Vivaldi wil de voorwaarde inbouwen dat minstens een aantal van die 30 loopbaanjaren gewerkte jaren moeten zijn. Dat moet vermijden dat wie vooral werkloos is geweest recht zou hebben op het minimumpensioen. De hervorming past in een nog uit te werken bredere pensioenhervorming. Die moet leiden tot de ‘sociale en financiële houdbaarheid van het pensioenstelsel’, staat in het regeerakkoord te lezen.

Naast de hervorming van de minimumpensioenen valt de terugkeer van de pensioenbonus op. De regering-Michel schafte dat mechanisme, waardoor wie langer werkt dan de leeftijd waarop hij met vervroegd pensioen kan gaan extra pensioenrechten opbouwt, af. De Vivaldi-partijen gaan ervan uit dat de pensioenbonus op korte termijn geld oplevert: doordat mensen langer werken, moeten minder pensioenen worden betaald.

De verhoging van de laagste uitkeringen, wat 700 miljoen kost, haalt ook een grote hap uit de begroting. Anders dan vooropgesteld was, zullen niet alle uitkeringen tot boven de armoedegrens kunnen stijgen.

Naar de herfinanciering van justitie, de politie, de brandweer en asiel en migratie vloeit 500 miljoen. Dat zal onder meer dienen om jaarlijks 1.600 agenten aan te werven.

Voor de bedrijven zit er de verlenging van de lastenvrijstelling op het aanwerven van de eerste werknemer in, wat ruim 250 miljoen euro kost.

Begrotingsklassiekers

Om het nieuwe beleid te financieren, moest geld worden gezocht. Tijdens de hele onderhandelingsperiode hielden de partijen hun kaarten daarover tegen de borst. Uit de begrotingstabel die De Tijd kon inkijken, blijkt dat vooral enkele begrotingsklassiekers de begroting moeten stutten. Het meest in het oog springend is de strijd tegen de sociale en fiscale fraude, die fors wordt opgedreven. Dat moet 1 miljard euro opleveren.

Net als de strijd tegen de fraude zijn besparingen op de overheid een begrotingsevergreen. Tegen 2024 hoopt Vivaldi 600 miljoen te beknibbelen op het apparaat. Hetzelfde geldt voor besparingen op de farma. De zeven partijen hopen 250 miljoen te besparen op de geneesmiddelenfactuur. Ook rokers moeten het budget mee helpen rondkrijgen. De accijnzen en btw gaan fors omhoog, wat bijna een half miljard euro moet opleveren.

Voorts rekenen de Vivaldi-partijen op 400 miljoen euro aan terugverdieneffecten doordat door hun beleid meer mensen aan het werk gaan, komt er een minimumbelasting voor bedrijven (300 miljoen) en een digitaks voor internetspelers (100 miljoen), moet het activeren van langdurig zieken (200 miljoen) geld opleveren en wordt beknibbeld op de sociale zekerheid (170 miljoen euro) en de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (100 miljoen). Daarmee lijkt Vivaldi terug te grijpen naar de begrotingsrecepten van de regering- Michel. Die bediende zich van voluntaristische begrotingstechnieken, die niet bleken te werken, waardoor het budget ontspoorde.

Toch gaan de Vivaldi-partijen ervan uit dat met hun maatregelen tegen 2024 4 miljard euro kan worden bespaard. Dat is 800 miljoen euro meer dan wat aan structureel nieuw beleid wordt gepland, waardoor het gat in de begroting iets wordt teruggedrongen. 800 miljoen euro staat voor een begrotingsinspanning van 0,2 procent van het bruto binnenlands product (bbp).

De 0,2 procent is de minimale besparing die de Vivaldi-partijen vanaf 2021 jaarlijks willen doorvoeren. Dat moet het gat in de begroting, dat in 2021 zo’n 5 procent van het bbp zal bedragen, doen krimpen. Afhankelijk van de economische groei kan daar vanaf 2022 nog een jaarlijkse inspanning van 0 tot 0,5 procent bijkomen.

Voor die bijkomende budgettaire inspanning zal bij de jaarlijkse begrotingscontrole nog geld moeten worden gezocht. Daarvoor is in het regeerakkoord een verdeelsleutel vastgelegd: een derde moet komen uit nieuwe inkomsten, een derde uit besparingen en een derde uit diverse maatregelen. Dat is Wetstraatjargon voor klassieke stoplappen zoals de strijd tegen de fraude.

Naast het nieuwe beleid en de daaraan verbonden budgettaire inspanning komt Vivaldi nog met een relance- en klimaatplan. Het gaat om tijdelijke maatregelen die buiten de begroting worden gehouden. Voor de relance gaat het over de verlenging van de verhoogde belastingaftrek voor kmo’s die investeren. Ondernemingen kunnen tussen 2022 en 2024 op een fiscaal gunstige manier hun reserves versterken die door de coronacrisis zijn aangetast. De opvallendste klimaatmaatregel is het veralgemenen van het btw-tarief van 6 procent voor sloop en heropbouw.

Tot slot plant Vivaldi nog 1 miljard euro nieuwe investeringen. Centraal staan investeringen in het spoor en de digitalisering van justitie en de politie. ‘Een toename van de overheidsinvesteringen is een belangrijk instrument om de economie weer aan te zwengelen. Voor die investeringen moet materiaal worden aangekocht en arbeid worden ingezet’, staat in het regeerakkoord. Voor de financiering, die buiten de begroting wordt gehouden, wordt onder meer gemikt op Europees geld en op constructies van publiek-private samenwerking (pps).

De oppositie reageert sceptisch op de Vivaldi-plannen. De N-VA had de pancartes voor de sociale media al klaar: ‘Vlaanderen mag betalen, maar niet bepalen.’ N-VA-voorzitter Bart De Wever liet al verstaan dat hij grote twijfels heeft over het budgettaire plaatje. ‘Ofwel moet dit worden goedgemaakt met belastingen, ofwel met meer schulden.’

Morrende werkgevers

Ook bij de werkgeversorganisaties heerst een zekere teleurstelling. Ze ondersteunen de ambitie om de werkzaamheidsgraad te verhogen naar 80 procent, maar missen de ambitieuze arbeidsmarkthervormingen om dat mogelijk te maken. ‘In plaats van grondige hervormingen zien we vooral recurrente uitgaven die de facturen voor de toekomst verzwaren’, zegt de Vlaamse werkgeversorganisatie Voka.

In plaats van grondige hervormingen zien we vooral recurrente uitgaven die de facturen voor de toekomst verzwaren.

In het regeerakkoord zijn weliswaar een reeks arbeidsmarkthervormingen opgenomen, maar ze blijven behoorlijk vaag. De socialisten hebben verkregen dat aan de werkloosheidsuitkeringen of aan het brugpensioen niet geraakt wordt. Daarom wordt de focus gelegd op extra opleidingen en het wegwerken van de drempels om werken met een uitkering te combineren. Nu is dat vaak onmogelijk, waardoor mensen met een uitkering passen voor een baan omdat ze amper meer overhouden.

Bij het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) is grote ongerustheid over de competitiviteit van onze bedrijven. Aan de hervormingen van de regering- Michel, zoals de lastenverlagingen, de hervorming van de vennootschapsbelasting en de verstrenging van de loonwet, wordt niet geraakt. Maar via een achterpoortje kan de deur wel worden opengezet voor extra loonsverhogingen en dus een uitholling van de loonwet.

Via een omzendbrief kan de minister van Werk hogere lonen toestaan. ‘Uitermate bezorgd’, toont het VBO zich. Vivaldi sust: er is afgesproken dat de loonontwikkeling die in de buurlanden moet blijven volgen. Bovendien moet de minister van Werk de toestemming hebben van de volledige regering, wat een extra drempel vormt.

Met de begroting die openstaat voor kritiek en het gemor uit werkgevershoek op de arbeidsmarkthervormingen is Vivaldi kwetsbaar op haar centrum-rechtse economische flank. Voor de liberalen wordt het dan ook zaak die te verdedigen. De verdedigingslinie is alvast klaar. Open VLD en de MR hebben een meerwaardebelasting of een effectentaks tegengehouden. Het was de toegeving die de N-VA wilde doen om een paars-geel project met de PS van de grond te krijgen. Toen botste dat op het veto van… de liberalen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud