Internationale corruptie door Belgische bedrijven amper bestraft

©AFP

België laat de corruptie door Belgische bedrijven in het buitenland grotendeels ongemoeid. Er zijn in ons land nog maar drie veroordelingen uitgesproken.

Het is deze week twintig jaar geleden dat het internationale Verdrag tegen Omkoping van kracht werd. België en de 42 andere landen die dat OESO-verdrag hebben goedgekeurd, engageren zich hun bedrijven te straffen als die in het buitenland corruptie plegen.

Wat heeft ons land gedaan om internationale corruptie door Belgische bedrijven aan te pakken? Tot nu zijn in België nog maar drie vonnissen over internationale corruptie geveld. Dat vernam Open VLD-senator Martine Taelman van minister van Justitie Koen Geens (CD&V).

7
In 2016 en 2017 opende ons gerecht 7 dossiers over internationale corruptie. Amper een leidde tot een gerechtelijk onderzoek.

Twee van de drie veroordelingen gingen dan nog over dossiers die de Europese antifraudedienst OLAF doorspeelde aan ons gerecht omdat de EU-instellingen zich hier bevinden. Een van die twee zaken ging over de omkoping van een EU-ambtenaar uit Nederland door niet-Belgen en niet-Belgische bedrijven. Die ambtenaar had vertrouwelijke info over de graanprijzen gelekt tegen betaling. De veroordeling dateert al van 2013.

De andere Europese corruptiezaak ging over miljoenen euro’s om EU-kantoren te kunnen verhuren en beveiligen. Die veroordeling dateert van 2015.

De enige echte veroordeling van Belgische bedrijven voor internationale corruptie dateert nog maar van juni vorig jaar. Toen zijn de eigenaar van de Belgische rubber- en palmoliegroep Socfin en drie kaderleden veroordeeld tot zes maanden cel met uitstel en boetes tot 6.000 euro. Ze hadden in Guinee de minister van Landbouw omgekocht die ook het overheidsbedrijf leidde dat tal van plantages in Guinee bezit. Die minister zou tussen 2004 en 2009 4 miljoen euro aan smeergeld hebben gekregen. De minister, Mariama Camara, is ook veroordeeld tot 12 maanden cel met uitstel.

Geen cijfers

Tot voor kort hield justitie zelfs geen statistieken bij over dit soort corruptiezaken. Vóór 2016 had justitie geen aparte registratiecode voor internationale corruptie. Pas in november 2015 hebben de procureurs-generaal een algemene rondzendbrief uitgebracht over corruptie, waarin ze ook de corruptie in het buitenland als een prioriteit bestempelden.

Ons land mag meer ambitie tonen. Omkoping vervalst de concurrentie en ondermijnt de democratie.
Martine Taelman
senator (Open VLD)

Sinds 2016 zijn er hooguit vier nieuwe dossiers van internationale corruptie per jaar, blijkt uit de cijfers van Geens. In 2016 waren er vier nieuwe dossiers en in 2017 drie. Maar drie van die zeven dossiers zijn al zonder gevolg geklasseerd en drie andere zitten nog altijd in ‘vooronderzoek’. Slechts één dossier leidde tot een gerechtelijk onderzoek dat nog loopt. Dat draait rond een Ukkels bedrijf dat biometrische paspoorten mocht leveren aan de Congolese overheid. Het is opgestart na een bericht van het persagentschap Reuters in 2017.

Geens vindt het glas halfvol omdat ‘de meeste andere lidstaten van de conventie van de OESO (de denktank van de rijke landen, red.) nog geen enkele veroordeling’ kenden. Maar als we kijken naar het aantal nieuwe onderzoeken zit ons land vooral bij de slechte leerlingen.

Taelman vindt dat België meer ambitie mag tonen. ‘Eerlijke handel is belangrijk voor zowel de maatschappij als ons bedrijfsleven. Omkoping ondermijnt het economisch bestel: het vervalst de concurrentie en ondermijnt de democratische samenleving.’ Taelman vindt bijvoorbeeld dat ons land een bredere klokkenluidersregeling moet uitwerken.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud