interview

‘Met hun kritiek vertroebelen experts de boodschap’

Sophie Wilmès: 'Er wordt gedaan alsof er geen regels meer zijn, maar dat klopt niet.' ©jonas lampens

‘Beter een soepele regel die veel mensen volgen dan een strenge regel waar iedereen zijn voeten aan veegt.’ Zo verdedigt premier Sophie Wilmès de versoepelingen die de Nationale Veiligheidsraad woensdag doorvoerde.

In een met bladgoud afgewerkte vergaderzaal van de Wetstraat 16 gaat premier Sophie Wilmès (MR) op 3 meter afstand van ons zitten. Zeker nu de onderhandelingen over een Vivaldi-regering voor het beslissende weekend staan, wil ze het coronalot niet tarten. Het is druk, maar met haar gaat alles goed, benadrukt de Franstalige liberale, die behoudens een verrassing van formaat aan haar laatste dagen als eerste minister bezig is.

Op de Nationale Veiligheidsraad woensdag kondigde Wilmès samen met haar federale collega’s en de minister-presidenten van de deelstaten een reeks versoepelingen van de coronaregels aan. Aanvankelijk was het de bedoeling ook een kader vast te leggen voor nieuwe verstrengingen. Op basis van een barometer, die de expertengroep Celeval moest voorbereiden, moet er een mechanisme komen waarbij de coronamaatregelen afhankelijk van het aantal ziekenhuisopnames automatisch worden verstrengd of versoepeld.

Op bepaalde plaatsen zullen we strengere maatregelen moeten invoeren. Wie denkt dat zoiets niet nodig zal zijn, maakt zich illusies.
Sophie Wilmès
Premier

Na de Nationale Veiligheidsraad bleef het echter stil over die barometer. ‘Ik wil hier geen stenen werpen, want de experts hebben hard hun best gedaan. Maar ze hadden niet genoeg tijd om het rapport volledig uit te werken’, zegt Wilmès. ‘Nu zit ons land in fase geel en als we overgaan naar fase oranje, moeten er strengere regels komen. De experts vinden bijvoorbeeld dat we op privéfeestjes met een precies aantal vierkante meter plaats per persoon moeten werken. Sorry, dat gaat niet. Een samenleving organiseer je niet per vierkante meter. Onder meer daarom moet het rapport worden aangevuld.’

Na de Veiligheidsraad waren velen met verstomming geslagen: waarom worden de regels versoepeld als het aantal besmettingen toeneemt?

Sophie Wilmès: ‘Er wordt gedaan alsof er geen regels meer zijn, maar dat klopt niet. Afstand houden blijft de norm en wie geen afstand kan houden, moet een mondmasker dragen. Onder die voorwaarden mogen mensen zo veel anderen zien als ze willen. Daarbovenop vragen we het aantal nauwe contacten te beperken tot vijf. In andere landen gaan ze zo ver niet: daar vragen ze alleen het aantal contacten te reduceren. Psychologen hebben ons verteld dat zoiets geen goed idee is. Wat betekent dat, contacten beperken? Voor de ene persoon is dat helemaal iets anders dan voor de andere. Daarom hebben we er een cijfer op geplakt.’

Er zijn misschien nog wel regels, maar ze voelen minder streng aan. Dat strookt toch niet met de toename van het aantal besmettingen?

Wilmès: ‘Als mensen na woensdag het gevoel hebben dat ze wat meer ademruimte krijgen, is dat goed. Neem de algemene mondmaskerplicht die sommige gemeenten hebben ingevoerd. Ik ga die beslissing niet veroordelen, want de burgemeesters hebben ze met de beste intenties genomen. Maar ik merk dat daar bij een deel van de bevolking heel wat ongenoegen over bestaat. Wie om elf uur ’s avonds zijn hond uitlaat, alleen over straat loopt en toch een masker moet dragen, vraagt zich allicht af of zoiets wel zin heeft. Als je merkt dat zo’n ongenoegen bestaat, moet je de maatregel in vraag stellen.’

‘Wij hebben hetzelfde gedaan met de sociale bubbel. Het zeer strikt beperken van de sociale contacten lijkt epidemiologisch een goede beslissing. Maar als niemand zich er nog aan houdt, is het dat niet. Dan moet je bijsturen. Je kiest beter voor een iets soepeler regel die veel mensen volgen dan een strenge regel waar iedereen zijn voeten aan veegt.’

Als de barometer al was ingevoerd, had u de maatregelen meteen moeten verstrengen. Door het stijgende aantal ziekenhuisopnames zit ons land niet langer in fase geel, maar in fase oranje.

Wilmès: ‘In het rapport van Celeval staat dat we in de gele fase zitten en op basis daarvan hebben we onze beslissing genomen. Ik hoop wel dat de barometer tegen begin volgende week klaar is, zodat we die kunnen invoeren. Als dan blijkt dat verstrengingen nodig zijn, zullen die er komen.’

Je kiest beter voor een iets soepeler regel die veel mensen volgen dan een strenge regel waar iedereen zijn voeten aan veegt.
Sophie Wilmès
Premier

‘Burgemeesters of de provinciegouverneurs kunnen evenwel nu al strengere regels invoeren. Daarvoor moeten ze niet wachten op de Nationale Veiligheidsraad. We hebben een toolbox ter beschikking gesteld waaruit ze maatregelen kunnen kiezen om het virus in te dijken. In de provincie Antwerpen is daar in augustus gebruik van gemaakt. Met succes, want de stijging werd er omgebogen in een daling.’

Na de Nationale Veiligheidsraad waren de virologen weer bijzonder kritisch. Is dat niet het beste bewijs dat het beleid tekortschiet?

Wilmès: ‘Sommige virologen zijn betrokken bij het besluitvormingsproces. Als ze nadien zeggen dat we verkeerde beslissingen nemen, begrijp ik dat niet. Anderen zijn niet betrokken, maar zijn ook heel kritisch. We zijn een democratie en iedereen mag zijn mening geven. Maar met de voortdurende kritiek die sommige experts geven, vertroebel je de boodschap.’

‘Als ik blijf hameren op het belang van de zes gouden regels, krijg ik te horen dat ik niets nieuws zeg. Dat is verkeerd, want de opvolging van die regels is fundamenteel in de strijd tegen het coronavirus. Het zou helpen als die opiniemakers de aandacht die ze krijgen niet alleen gebruiken om het beleid te bekritiseren, maar ook om de boodschap over te brengen dat afstand houden heel belangrijk blijft. We gaan er te gemakkelijk van uit dat iedereen zich daar bewust van is. Dat is niet zo. Bepaalde groepen in de samenleving zijn niet mee. We moeten hen beter bereiken.’

Legt u de schuld voor wat misloopt bij de virologen?

Wilmès: ‘Nee, want ook voor hen zijn het zware tijden. Ik ben bijzonder dankbaar voor alle steun die we vanuit de academische wereld krijgen. De meerderheid van de opiniemakers en de politici handelt in het algemeen belang. Ik hoop dat we nu allemaal in dezelfde richting gaan kijken en we dezelfde boodschappen kunnen geven.’

Dat doen ze niet, want door het uitblijven van strenge maatregelen vrezen ze dat de ziekenhuizen snel weer overvol geraken.

Wilmès: ‘Sommigen zeggen dat we veel te weinig doen, anderen vinden dat we te veel doen. Mag ik u eraan herinneren dat weinig Europese landen strengere regels hebben dan België? En dat er landen zijn, zoals Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk, waar de situatie veel erger is dan in ons land? Ik stel vast dat zij nu maatregelen nemen die wij al lang hebben ingevoerd, zoals het beperken van bijeenkomsten tot maximaal tien personen.’

In het voorjaar was België een van de zwaarst getroffen landen ter wereld, nu doen we het ondanks die strenge regels weer niet goed. Hoe verklaart u dat?

Wilmès: ‘Die vraag stel ik ook en ik krijg geen eenduidig antwoord. Volgens sommigen is het een probleem van draagvlak. Celeval zei daarover: pas de regels over de sociale bubbel aan. Wel, dat hebben we gedaan. De experts zeiden: verplicht geen maskers waar het niet nodig is. Dat hebben we gedaan. Maar daarmee vieren we de teugels niet. Op bepaalde plaatsen zullen we weer strengere maatregelen moeten invoeren. Wie denkt dat zoiets niet nodig zal zijn, maakt zich illusies.’

Misschien heeft de Belg, door jaren van politieke crisissen, zijn vertrouwen in de politiek verloren? U kunt zeggen wat u wilt, maar de mensen geloven het niet meer.

Wilmès: ‘Het klopt dat het vertrouwen in de politiek afneemt. Dat is in België zo, maar het is elders niet anders. Het verklaart het succes van extreme partijen en politici die de bevolking proberen te verdelen. Als je dan bepaalde maatregelen probeert op te leggen, bots je op een groep van mensen die alles wat je doet verwerpen. Daarom zijn experts zo belangrijk: de bevolking vertrouwt hen. Vandaar mijn vraag aan hen om dezelfde boodschap te geven.’

Vindt u dat u voldoende het verschil hebt kunnen maken? Als premier krijgt u het verwijt te weinig leiderschap te tonen.

Wilmès: ‘Dat is eerst en vooral het gespin vanuit een welbepaalde politieke hoek. Het is een aanval zoals een andere. Daarom ga ik er ook niet te veel aandacht aan schenken. Bij alles in het leven, en zeker bij het beheren van een crisis zoals deze, is de ploeg belangrijk. Iedereen moet samenwerken. Als kapitein van het schip is het mijn taak daarvoor te zorgen. Je kan de beslissingen van de Nationale Veiligheidsraad bekritiseren, maar je kan niet zeggen dat er niet goed is samengewerkt. Dat lukte nog nooit zo goed als in de voorbije periode.’

Premier zijn vergt enorm veel offers. Het is niet het summum, het is een opdracht.

Hoopt u premier te kunnen blijven in Vivaldi?

Wilmès: ‘Ik ben niet met die vraag bezig. Mijn politieke DNA is proberen een positieve dynamiek te creëren in een groep. Ik wil deel zijn van de oplossing, ik hoef de oplossing niet te zijn. Premier zijn vraagt enorm veel offers. Het is niet het summum, het is een opdracht. Niet meer, niet minder.’

Wat vindt u van de Vivaldi-plannen?

Wilmès: ‘Over de inhoud van de onderhandelingen ga ik niets zeggen. Ik kan alleen herhalen wat ik eerder al heb gezegd: België heeft nood aan een regering met volheid van bevoegdheid die over een meerderheid beschikt.’

U vindt teamwerk belangrijk, maar uw partijvoorzitter Georges-Louis Bouchez (MR) wordt door uw toekomstige coalitiepartners uitgespuwd. Kan met hem nog worden gewerkt?

Wilmès: ‘Ik stel vast dat op een constructieve en positieve manier wordt onderhandeld. Dus het antwoord is ja.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud