‘Op café zijn discussies eindig, online stopt het nooit'

De zoektocht naar de voortvluchtige militair Jürgen Conings blijft duren. ©REUTERS

De vlucht van de zwaarbewapende en extreemrechtse militair Jürgen Conings leidt tot massa’s steun- en dreigberichten op sociale media. Hoe ernstig moeten we die nemen? ‘Het zijn heus niet allemaal extremisten, maar we mogen het niet onder de mat schuiven.’

‘Jürgens life matters’, ‘als 1 achter Jürgen’, 'fanclub Jurgen Conings', 'Soutien à Jürgen Conings', mensen die Jürgen Conings een warm bad, douche of onderduikplek aanbieden: het is maar een greep uit de honderden berichten en steungroepen die deze week op sociale media als paddenstoelen uit de grond schoten. Ze werden gretig aangeklikt.

De essentie

  • Op sociale media is de steun voor de voortvluchtige militair Jürgen Conings groot.
  • Extreemrechts is in opmars, maar de sympathisanten van Conings zijn volgens radicaliseringsexpert Christophe Busch niet allemaal over dezelfde kam te scheren.
  • De laagdrempeligheid van sociale media vergroot de visibiliteit van extremistisch gedachtegoed.

Hoe komt het dat de voortvluchtige militair - die het antiterreurorgaan OCAD als een potentieel gevaar beschouwt, die met oorlogstuig aan de haal ging en bedreigingen uitte aan het adres van virologen en politici - zoveel sympathie opwekt? Iedereen over de kam van het rechts-extremisme scheren heeft volgens experts weinig zin. 'De waaier aan motieven voor die steun kan heel breed zijn', zegt Christophe Busch, criminoloog en directeur van het Mechelse Hannah Arendt Instituut.

Laagdrempelig

'Voor veel mensen is het een manier om hun frustraties te uiten, bijvoorbeeld over de coronamaatregelen. Door de laagdrempeligheid van de sociale media zijn ze minder geremd. Een groot deel van de bevolking zit trouwens niet op sociale media. En dan zijn er nog de mensen die die indrukwekkende troepenmacht zien en gewoon niet willen dat Conings doodgeschoten wordt.'

Extreemrechts is in opmars, ook in het buitenland
Christophe Busch
Directeur Hannah Arendt Instituut

Virologen en politici worden in de steungroepen de meest gewelddadige bedreigingen toegespuwd. 'Dat moeten we niet onder de mat schuiven', zegt Busch. 'Extreemrechts is in opmars, ook in het buitenland. In de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen werd vorig jaar een extreemrechts netwerk opgerold binnen de politiediensten. Ook in de VS zien we infiltratie bij de politie.'

Busch maakt een onderscheid tussen wie moedwillig het vuur oppookt en wie vatbaar is voor een vorm van extremisme die door sociale media almaar meer mainstream wordt. 'Die eerste groep moet met man en macht bestreden worden, zodat ze geen klimaat kan creëren waar de tweede groep vatbaar voor is. 15 jaar geleden zou een betoging tegen zoiets als 'omvolking' amper opgepikt zijn, vandaag sluipt dat via sociale media de mainstream binnen. Daardoor trappen mensen met legitieme noden en vragen vaker in die val.'

Versnelling

Daarom is het cruciaal haat- en dreigberichten in kaart te brengen. Het taaltechnologiebedrijf Textgain, een spin-off van de Universiteit Antwerpen, doet dat in opdracht van de Europese Commissie met artificiële intelligentie. 'Ons algoritme herkent bepaalde patronen, waardoor we berichten kunnen categoriseren als racistisch, seksistisch, jihadistisch, enzovoort', zegt Tom De Smedt van Textgain. Uit een analyse van Textgain blijkt dat het aantal racistische en bedreigende berichten op de Belgische sociale media de afgelopen vijf jaar maal drie ging, seksisme verdubbelde in hoeveelheid.

Op sociale media zou je denken dat iedereen altijd enorm boos is.
Tom De Smedt
Textgain

'We zien dat corona tot een versnelling heeft geleid', zegt De Smedt. 'Mensen zaten massaal thuis, waardoor ze de weg naar het internet vonden. Discussies in het echte leven, op café bijvoorbeeld, worden aan het einde van de avond afgesloten, maar het internet stopt nooit. Op sociale media zou je denken dat iedereen altijd enorm boos is.'

Correctioneel

Almaar meer politici - zoals minister van Justitie Vincent Van Quickenborne (Open VLD) - pleiten ervoor haatberichten strafbaar te maken. Door grondwetsartikel 150 te herzien, hoeven politieke en drukpersmisdrijven niet langer voor het hof van assisen te verschijnen - wat zo goed als nooit gebeurt - maar kunnen ze naar de correctionele rechtbank.

'Er liggen meerdere herzieningsvoorstellen ter tafel, maar of daarvoor een tweederdemeerderheid wordt gevonden lijkt voorlopig onzeker', zegt Jogchum Vrielink, professor recht aan de Université Saint-Louis in Brussel. 'Als je haatspraak correctioneel vervolgbaar maakt, dreig je bovendien de vrijheid van meningsuiting in het gedrang te brengen. Het lijkt niet erg logisch om voor haatspraak een ander grondwettelijk regime te hebben dan voor andere strafbare meningsuitingen.'

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud