interview

Rutten: ‘We staan federaal al verder dan iedereen denkt'

Gwendolyn Rutten: ‘Een welvarende regio als Vlaanderen moet kunnen garanderen dat mensen er beter van worden als ze werken. ©katrijn van giel

‘Je ‘frak afdraaien’ en toch amper rondkomen, daar zit de bron van onbehagen bij veel mensen.’ Voor Open VLDvoorzitster Gwendolyn Rutten is het essentieel dat België het Vlaamse activerings- en inburgeringsbeleid versterkt. ‘Daarom geloof ik echt dat de N-VA federaal wil meedoen.’

Tranen op een congres: het is de voorzitster van de Vlaamse liberalen nog niet vaak overkomen. ‘Van alle macho’s bij Open VLD is Gwendolyn de taaiste’, wordt intern wel eens gegrapt. Rutten kan erom lachen. ‘Er knapte iets toen Bart Somers me bedankte voor de samenwerking en mij een goede voorzitter noemde. Ten dele kwam dat door de vermoeidheid. Ik had 48 uur niet geslapen. Maar het deed ook gewoon deugd. We moeten er niet flauw over doen: er is de voorbije weken veel gezegd en geschreven over de partij en over mij. Als je dan na maanden keihard onderhandelen vaststelt dat een congres zich bijna unaniem achter de vrucht van dat werk schaart, doet dat wel iets.’

Sinds 26 mei staat geen rem meer op de racistische praat. Voor én na de verkiezingen neen zeggen tegen het Vlaams Belang was de juiste keuze.

Is de nieuwe Vlaamse regering-Jambon echt iets om liberalen blij te maken? De vingerafdrukken van het Vlaams Belang zitten op het regeerakkoord.

Gwendolyn Rutten: ‘Dat slaat nergens op. De lijn van het regeerakkoord is helder en liberaal: als je deel wil uitmaken van onze samenleving, ben je meer dan welkom. Maar het is niet vrijblijvend. Voor wat hoort wat. Sommigen denken nog altijd dat ze goed doen als ze iemand een uitkering geven, maar dat werkt niet. Het Vlaams Belang wil daarentegen twee categorieën van burgers maken. Dat is racisme en daarom heb ik ook voor en na 26 mei gezegd dat ik nooit met die partij kon regeren. Ik heb daar heel veel bagger voor moeten slikken, maar ik heb daar niet de minste spijt van. Als ik zie hoe sinds 26 mei geen enkele rem meer staat op de racistische praat, weet ik dat we goed hebben gehandeld.’

Volgens onderhandelaars van CD&V en Open VLD hebben de gesprekken zo lang geduurd omdat jullie eerst ‘de zotternijen van Theo Francken’ van tafel moesten krijgen. Zoals: pas een studiebeurs na tien jaar verblijf.

 Rutten (ontwijkend): ‘Dat Bart De Wever zijn startnota publiek heeft gemaakt, heeft als voordeel dat je duidelijk kan zien hoe tijdens de onderhandelingen een heldere visie is ontstaan die door drie partijen is gedragen. Die visie is dat het toegangsticket wat duurder wordt, maar helemaal geen hindernis mag zijn. Alles wat we vragen, draagt net bij tot een vlottere integratie. We willen dat mensen zo snel mogelijk aan het werk gaan. Vandaar dat ze binnen de drie maanden in contact moeten staan met de VDAB. We vragen dat mensen zo snel mogelijk de taal leren. Vandaar dat we fors op onderwijs inzetten. Een goede scholing is de beste garantie op een betere toekomst. Als dus al iemand het idee zou gehad hebben nieuwkomers uit te sluiten van studiebeurzen, was dat een slecht idee.’

Jan Jambon zei dat het gevoel dat nieuwkomers direct alle rechten krijgen tot onbehagen heeft geleid. Deelt u dat?

 Rutten: ‘Ik heb een ander onbehagen gevoeld. Namelijk bij mensen die elke dag hun ‘frak afdraaien’ en op het einde van de maand niet genoeg overhouden. Denk aan alleenstaande ouders. Dat los je niet op door A- en B-burgers te maken, maar door naar de kern van dat onbehagen te gaan. Een welvarende regio als Vlaanderen moet kunnen garanderen dat mensen er beter van worden als ze werken of de stap naar werk zetten. Dat pakken we aan met een jobbonus van 600 euro netto voor de laagste lonen. Een op de drie Vlamingen zal van die nieuwe korting kunnen genieten. Ik ben daar trots op.’

Is dat de les na 26 mei? Dat het wat socialer moet? 

 Rutten: ‘Voor een stuk. Maar anderzijds is het uitdiepen van het verschil tussen werken en niet werken via lagere loonlasten gewoon een liberale evergreen.’

Die jobbonus weegt niet op tegen het afschaffen van de woonbonus.  

Rutten: ‘Voor wie een lopende lening heeft, verandert er niks. Voor wie straks een huis koopt, komt het fiscale voordeel bij de aankoop, in plaats van over 20 jaar te worden gespreid.’

Dat voordeel is veel beperkter.

Rutten: ‘Tot 2 jaar geleden bedroegen de registratierechten 10 procent. In twee trappen brengen we die nu terug naar 6 procent. Mag ik ook opmerken dat in het verleden andere systemen dan de woonbonus bestonden? Die stond niet in steen gebeiteld. De woonbonus was een verdedigbaar systeem bij hoge rentes. Maar met hypotheekrentes van 1 procent is het geen stimulans meer om een huis te kopen en niet de allerbeste besteding van belastinggeld.’

Geef toch toe dat de afschaffing een besparingsmaatregel is. 

Rutten: ‘Ten dele is dat zo. Omdat we dat geld nuttiger kunnen inzetten. En omdat we de begroting op orde willen krijgen. Tijdens de onderhandelingen is de indruk ontstaan dat Vlaanderen de budgettaire teugels zou vieren, maar voor mij is dat nooit een optie geweest. Dus moet je keuzes maken. Dat doen we. We besparen opnieuw op het overheidsapparaat. En we halen Vlaanderen een beetje af van het subsidie-infuus.’

Geeft Jambon daarom zijn begrotingscijfers nog niet vrij? Omdat de hakbijl in het middenveld gaat?

Rutten: ‘Neen. Er wordt helemaal niet gehakt. Het is alleen niet verkeerd alles eens door te lichten en te bekijken wat efficiënter kan. Dat geldt ook voor de subsidies aan bedrijven.’

Federale keuzes

Vreest u niet dat u in een vechtregering bent gestapt? N-VA-minister Ben Weyts begint nu al de communautaire trom te roeren over de artsenquota.

Rutten: ‘Nee, hij heeft gewoon gezegd dat we opnieuw zelf gaan bekijken wat de noden zijn in Vlaanderen. Wij staan daar achter, omdat de Franstalige kant weigert tot een gemeenschappelijke visie te komen. Ik denk niet dat de N-VA uit is op vechtfederalisme. Als de verkiezingen iets duidelijk hebben gemaakt, is het dat de mensen geen boodschap hebben aan ruziemakende politici of bestuursniveaus. Ze willen dat bestuurd wordt en dat de problemen worden aangepakt.’

Gelooft u echt dat de N-VA en de PS bereid zijn met elkaar te besturen?

Rutten: ‘Kijk, doordat de bevoegdheden in België nogal versplinterd zijn, is het essentieel dat de federale keuzes inzake activering en inburgering aansluiten bij wat we op Vlaams niveau hebben beslist. Als morgen een federale regering aantreedt die de lasten op arbeid verhoogt, sta je daar schoon te blinken met je Vlaamse jobbonus. Ik denk dat de N-VA dat ook beseft. We hebben nu een zeer coherent project voor Vlaanderen. Nu moet er een coherent project voor België komen.’

Bonne chance.

Rutten: ‘Als je voorbij de symbolen kijkt, is er volgens mij een ‘common ground’ mogelijk tussen de PS en de N-VA. De uitdagingen zijn duidelijk. Zo moeten we de werkzaamheidsgraad optrekken en onze klimaatdoelen halen. De informateurs zijn al maanden bezig met het tonen van die ‘common ground’. We staan federaal al verder dan iedereen denkt of zegt. Het zou dan ook goed zijn dat ze volgende week een echte informateursnota neerleggen, zodat iedereen dat ook kan zien.’

Ja, ook wij hebben de verkiezingen verloren. En ja, we moeten onszelf tegen het licht houden. Maar dat moet dieper gaan dan een ‘toerke’ in de media.

Uw mandaat loopt in maart af. Waarom trekt u zelf naar federale onderhandelingen die nog maanden kunnen duren? Vertrouwt u Alexander De Croo niet?

Rutten: ‘Natuuurlijk wel. Alleen hebben we afgesproken dat we ons pas volgend jaar- naar aanleiding van de voorzittersverkiezingen - met de partij gaan bezighouden. Ja, ook wij hebben op 26 mei verloren. En ja, we moeten onszelf grondig tegen het licht houden. Maar dat moet dieper gaan dan een ‘toerke’ in de media. In een ideale wereld doe je dat werk eerst en beslis je dan of je in een regering stapt. Alleen kon dat nu niet. We hebben Vlaamse onderhandelingen gehad en we zijn zeer tevreden over de uitkomst. Net zoals ik Vlaams met Bart Somers heb onderhandeld, is het logisch dat ik die lijn doortrek met onze federale kopman Alexander. Op basis van de inhoud zal het partijbestuur oordelen of Open VLD een rol te spelen heeft in wat federaal uit de bus komt.’

Bij de N-VA zijn ze stomverbaasd dat u geen Vlaams minister bent geworden. Jan Jambon ging er van uit dat zowel Wouter Beke als uzelf in zijn regering zou springen.

Rutten: ‘Ik heb vooraf altijd gezegd dat ik dat niet zou doen. Ik moet toegeven: als je wekenlang samen onderhandelt, groeit er wel een hechte band. Dan is het logisch dat het aanbod komt en dat je daar dan ook over nadenkt. Maar na een nachtje slapen was het mijn gevoel dat dat voor de partij niet de beste optie was.’

Bent u niet gewoon van menig veranderd toen u op het congres voelde dat u toch nog veel steun kreeg? Genoeg om door te gaan als voorzitter?

Rutten: ‘Maar ik ben die steun altijd blijven voelen.’

Wat als federaal paars-geel mislukt? Dan hebt u de sleutel tot paars-groen in handen.

Rutten: ‘Paars-geel is al niet simpel, paars-groen is dat nog veel minder.’

Toch doet u nooit helemaal de deur dicht.

Rutten: ‘Omdat wij ons niet willen laten opsluiten in een taalroldiscussie. Als wij net als de N-VA zeggen dat er geen regering zonder Vlaamse meerderheid kan komen, blokkeert alles. Ten eerste zou dat hypocriet zijn, na een legislatuur met één Franstalige partij in de federale regering. En ten tweede wil ik mijn coalitiepartners niet beoordelen op hun taal, maar op hun ideeën. Die van Ecolo liggen heel ver van de onze.’

Welke sjerp draagt de burgemeester van Aarschot voortaan?

Rutten: ‘De driekleur. Met trots!’ (lacht)

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect