Advertentie

Vivaldi-symfonie begint zonder dirigent

Voorzitter Egbert Lachaert (links) van Open VLD en koning Filip ©Photo News

‘Vertrouwen en respect’ heet de basis waarop zeven partijen een regering gaan vormen die in Vlaanderen vier jaar rechts mortiervuur te wachten staat. Maar de na-ijver tussen de MR en de PS over wie Vivaldi’s dirigent mag worden, tekent meteen voor een valse noot.

Meer dan 460 dagen na de verkiezingen van 26 mei 2019 kan het met bijna- zekerheid worden gezegd: dit land krijgt opnieuw een volwaardige regering. Met 87 zetels op 150 in de Kamer, geleverd door de PS, de sp.a, de MR, Open VLD, Ecolo, Groen en CD&V. En met een onuitgegeven Vlaams duo - Egbert Lachaert (Open VLD) en Conner Rousseau (sp.a) - als preformateurs. Ze mikken op een regeerakkoord tegen 17 september, wanneer de regering-Wilmès het vertrouwen verliest, maar achten begin oktober realistischer.

Twee zaken ontbreken: een echte formateur en dus een toekomstige premier. En vooral: een meerderheid aan Vlaamse kant. ‘Een ramp voor Vlaanderen’, noemde Bart De Wever (N-VA) het deze week al dat er een regering komt zonder zijn partij. Koninklijk onderhandelaar Lachaert, die eerder het akkoord tussen De Wever en Paul Magnette (PS) afschoot, beseft de gevoeligheid, maar weerlegt de kritiek. ‘Het slechtste voor de Vlaamse economie is de stilstand. Men kan discussiëren over wie er bij moet zijn, maar immobilisme maakt de burger ook moedeloos.’ Niettemin heeft hij het meest te bewijzen. De partijbasis is niet onverdeeld gelukkig met dit project.

De spanningen tussen de MR en de PS doen erg denken aan die tussen CD&V en de N-VA in de regering-Michel. Als het maar goed afloopt met dat ‘vertrouwen en respect’.

‘Een project voor tien jaar’

Opvallend is hoe Lachaert het verschil met het akkoord van De Wever en Magnette in de verf zet. Gingen zij nog uit van een regering met een levensduur van twee jaar en een beperkte agenda, dan spreekt Lachaert van een relanceproject met een horizon tot 2030. Ook de termen ‘structurele hervormingen’ en ‘investeringen’ vallen meermaals in zijn betoog, onder andere op het vlak van de sociale zekerheid, de arbeidsmarkt, het klimaat, justitie en de politie, fiscaliteit en de staatsstructuur.

Dat klinkt veelbelovend, maar de realiteit is niet die van 1999-2003. Toen kon Guy Verhofstadt (Open VLD) als premier de fundamentele meningsverschillen in zijn paars-groene regering afkopen door tegen een achtergrond van economische groei de uitgaven de vrije loop te laten. Vandaag duwt corona het begrotingstekort naar 12 procent van het bruto binnenlands product (bbp) en de schuldgraad voorbij 120 procent van het bbp, terwijl het aantal werkenden daalt. De optelsom is dat het ofwel vele kleine hervorminkjes worden of dat de begroting het kind van de rekening wordt.

Dat laatste beweert Lachaert te willen vermijden. Hij moet wel, want het is dat wat hij Bart De Wever verweet: dat er niet eens een budgettaire tabel was. ‘Het monitoringcomité zegt dat het tekort tegen het einde van de legislatuur weer naar 5 procent zakt. Je moet proberen dat weer naar 3 procent te brengen. Maar we laten dat afhangen van de groei. Als de economie aantrekt, kan je sneller gaan. Als het coronavirus weer toeslaat, niet.’

Dat het een zeer zware oefening wordt, lijdt geen twijfel. Niet alleen wegens de economische toestand, maar ook wegens de gespletenheid van de ploeg. In Franstalig België komen de PS, de MR en Ecolo alleen maar tegenover de marxistische PTB te staan, waardoor ze naar links zullen trekken. Aan Vlaamse kant zal de oppositie met de N-VA, het Vlaams Belang en de PVDA overwegend rechts tot zeer rechts zijn. Dat wordt voor Open VLD, CD&V en in mindere mate de sp.a een zeer benepen avontuur. Toen sp.a-voorzitter Rousseau afgelopen week op de boot van Gert Verhulst rechtse praat verkocht over migranten, kreeg hij meteen forse kritiek van Ecolo. Dat de Franstalige groenen een totaal ander idee over migratie hebben dan het beleid van de twee vorige regeringen, staat buiten kijf. Dat dit de komende jaren vaak tot spanningen kan leiden, ook.

Maar volgens Lachaert beseffen de Vivaldi-partijen dat het een noodzaak is om op een andere, positieve manier aan politiek te doen. ‘Op basis van onderling vertrouwen en respect voor elkaars gevoeligheden en stokpaardjes.’ Een andere onderhandelaar vertaalt het als volgt: ‘Tussen de voorzitters is de voorbije weken gaandeweg het vertrouwen gegroeid dat we elkaar niet kapotrijden tijdens de onderhandelingen of het regeren.’

Nog veel losse eindjes

Vooral voor CD&V, waar over de deelname aan Vivaldi grote meningsverschillen bestaan, is het te hopen dat dat vertrouwen blijft duren. Een eerste strijdje werd al verloren. CdH werd weggestuurd door de andere Franstalige partijen, waardoor de christendemocratische familie als enige niet compleet is in Vivaldi. Het abortusdossier verdwijnt dan weer niet van de agenda, maar zal na een wetenschappelijke studie opnieuw in het parlement belanden. CD&V krijgt wel de belofte dat ze niet voor het blok gezet wordt. ‘Alleen bij consensus in de meerderheid kan de wet gewijzigd worden.’

Ook inzake de staatshervorming lijkt de puzzel nog niet helemaal gelegd. Twee ministers zullen met het parlement tegen 2024 een staatshervorming voorbereiden, maar liberalen en groenen openen de blik zowel voor regionalisering als herfederalisering. Op vraag van CD&V zouden dossiers als de artsenquota, de vliegwet en de 5G-veilingen al vroeger afgeklopt worden.

Veel andere knelpunten moeten nog uitgeklaard worden. Dat de groeinorm in de gezondheidszorg naar 2,5 procent opschuift, lijkt verworven. Maar over het minimumpensioen van 1.500 euro is nog geen consensus. De sp.a stoot ook op Open VLD voor het invoeren van een meerwaardebelasting en de groenen moeten bij de liberalen niet afkomen met het afbouwen van de bedrijfswagens. Over de kernuitstap moet nog onderhandeld worden, maar lijken de groenen goede papieren te hebben. Het uitgangspunt blijft de bestaande wet, waarin de kerncentrales in 2025 sluiten. Maar bij het Planbureau wordt een nieuwe studie besteld over de haalbaarheid en de impact op de stroomfactuur en op de bevoorradingszekerheid.

Een ding staat vast: een kabinet dat zo’n woelige rit te wachten staat, heeft een ijzersterke premier nodig. Die blijft voorlopig in de coulissen. Dat Lachaert en Rousseau als preformateur aan de slag gaan, komt alleen maar omdat er na-ijver in de rangen is. CD&V staat niet te springen om de Zestien aan Alexander De Croo (Open VLD) te laten en de liberalen hebben een probleem met Koen Geens (CD&V). Maar helemaal scheef zit het tussen de Franstalige partijen. Georges-Louis Bouchez (MR) valt nog liever dood dan de Zestien aan Magnette (PS) te gunnen. Bouchez wil de PS de komende jaren aftroeven als politiek marktleider in Franstalig België. Dus mag Magnette niet ‘de redder van België’ worden. De spanningen tussen de PS en de MR doen erg denken aan die tussen CD&V en de N-VA in de regering-Michel.

Lachaert en Rousseau kwamen alleen maar uit de bus omdat zij ‘geen ambitie’ koesteren. Tegen eind volgende week willen ze een consensus over de echte formateur. Maar je weet nooit hoe de teerling kan rollen als Magnette, De Croo en Geens niet aan voldoende steun geraken.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud