Vooral oude garde passeert nog langs parlementaire kassa

©BELGA

Politici van de oudere generatie kunnen stoppen met forse uittredingsvergoedingen en hebben uitzicht op een zeer gunstig pensioen. Nieuwe parlementsleden krijgen minder.

Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) krijgt 428.000 euro aan uittredingsvergoedingen als hij in 2019 met politiek stopt. En geen 136.000 euro, zoals eerst verkeerdelijk naar buiten werd gebracht. Staatssecretaris voor Buitenlandse Handel Pieter De Crem heeft recht op 390.000 euro. De hoge bedragen botsen op veel weerstand, al lijkt het Vlaams Parlement noch de Kamer zinnens de regels aan te passen.

Enkele jaren geleden werden de uittredingsvergoedingen en het pensioensysteem van parlementsleden verstrengd. Op termijn ontvangen ze daardoor minder, maar voor politici met veel jaren op teller zijn er overgangstermijnen en verworven rechten.

477.000 euro
Maximale uittredingsvergoeding
De maximale uittredingsvergoeding die een parlementslid kan opstrijken, bedraagt 477.000 euro. Parlementsleden met een lange staat van dienst, zoals Eric Van Rompuy (CD&V) of Herman De Croo (Open VLD), hebben er recht op.

1. Vergoeding

Een Vlaams Parlementslid of een Kamerlid krijgt een maandelijkse vergoeding van 7.611 euro en een onkostenvergoeding van 2.131 euro. Samen maakt dat 9.742 euro bruto, waarop een pensioenbijdrage van 8,5 procent wordt ingehouden en belastingen moeten worden betaald. ‘Die lonen zijn marktconform’, vindt Vlaams Parlementsvoorzitter Jan Peumans (N-VA).

Parlementsleden krijgen ook een vergoeding voor hun verplaatsingskosten. Ook ontvangen ze jaarlijks vakantiegeld en een eindejaarspremie.

De vergoeding voor een parlementslid wordt verminderd bij wie er de kantjes afrijdt. Wie tussen 20 en 30 procent van de stemmingen in de plenaire zitting mist, ziet zijn inkomen dalen met 10 procent. Wie tussen 30 procent en de helft mist, verliest 30 procent. Wie meer dan de helft mist, verliest 60 procent.

2. Stoppremie

Parlementsleden die stoppen, krijgen een uittredingsvergoeding. Die verzekert een parlementslid tegen het onzekere bestaan, met het risico niet te worden herverkozen. Een Vlaams Parlementslid krijgt een premie van minstens vijf maanden, waarbij per begonnen jaar in het Parlement een maand bijkomt met een maximum van twee jaar.

Een Kamerlid krijgt twee maanden per begonnen jaar, met een minimum van vier maanden en een maximum van twee jaar. De premie is gelijk aan de normale vergoeding en de onkostenvergoeding. Op papier geeft dat een maximumvergoeding van bijna 234.000 euro.

De regeling telt wel alleen voor gewerkte jaren sinds 2014. Voordien gold een veel gunstiger regeling. Parlementsleden bouwden sneller rechten op en hadden recht op maximaal vier jaar aan stoppremies. Vandeurzen, die sinds 1993 parlementslid is, heeft recht op een uittredingsvergoeding van 44 maanden en dus 428.000 euro. Eric Van Rompuy, die sinds 1985 zetelt, heeft recht op bijna 477.000 euro.

De bedragen worden niet in één keer uitbetaald, maar per maand. Net zoals op de gewone vergoeding moet er een pensioenbijdrage van 8,5 procent en belastingen op worden betaald.

De premie kan niet worden gecombineerd met een pensioen en wordt niet uitbetaald aan parlementsleden die het parlement tijdens de legislatuur vrijwillig verlaten. Wie verkozen wordt en beslist niet te zetelen, krijgt wel een vergoeding.

3. Pensioen

Parlementsleden hadden tot 2014 het gunstigste pensioensysteem van het land. Een gewerkt jaar telde mee als 2,25 jaar, waardoor een parlementslid na 20 jaar recht had op een volledig pensioen, terwijl een werknemer daar 45 jaar voor moet werken. De uittredingsvergoeding telde mee als een gewerkte periode. Het volledige pensioen komt overeen met 75 procent van de parlementaire wedde.

Deze legislatuur werden de regels aangepast, maar verworven rechten blijven behouden. Wie sinds 2004 zetelt, heeft al de helft van zijn pensioenrechten opgebouwd. Jaren tussen 2014 en 2019 tellen mee als 1,25 gewerkte jaren, vanaf 2019 weegt een jaar niet langer extra door. Wie in 2019 voor het eerst in het Vlaams Parlement of de Kamer zetelt, moet dus 45 jaar werken voor een volledig pensioen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect