Advertentie

123 extra plaatsen voor studenten geneeskunde

©BELGA

Er zijn volgend academiejaar 123 extra plaatsen voorzien voor studenten geneeskunde. De opleiding werkt met een toelatingsexamen. Dit jaar lag het startquotum op 1153 studenten, volgend jaar worden dat er 1276 studenten. Ook voor tandartsen worden er 33 plaatsen meer voorzien.

Dat heeft minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) vrijdag beslist op de ministerraad. Het plan om het startquotum te verhogen stond al langer in de steigers, maar werd nu ook officieel goedgekeurd door de Vlaamse regering.

Reden voor de extra plaatsen is een communautaire twist. Hoeveel studenten mogen beginnen aan de opleiding geneeskunde, is een Vlaamse bevoegdheid. Maar Vlaanderen moet daarbij wel rekening houden met het federale quotum. Dat bepaalt hoeveel afgestudeerde artsen mogen starten met de vervolgopleiding tot huisarts of specialist. Daarvoor zijn federaal 929 plaatsen voorzien. Het startquotum ligt hoger, omdat ermee rekening wordt gehouden dat er studenten uitvallen doorheen de opleiding.

'De brave leerling werd keer op keer bestraft. In dat spel spelen we niet meer mee.’
Ben Weyts
Minister van Onderwijs

De Franse Gemeenschap heeft zich jarenlang niet aan die federale quota gehouden. Toch krijgen alle afgestudeerde artsen hun RIZIV-nummer, dat nodig is om het beroep uit te oefenen. Hoewel er aan de andere kant van de taalgrens in 2017 uiteindelijk een toelatingsexamen werd ingevoerd, worden nog altijd meer studenten toegelaten tot de opleiding dan dat er aan het werk kunnen. Dat systeem zet kwaad bloed. ‘De balorige leerling werd keer op keer beloond, de brave leerling werd keer op keer bestraft’, zegt Weyts. ‘In dat spel spelen we niet meer mee.’

Subquota

Volgens de Vlaamse regering is het opkrikken van de plaatsen nodig om de zorgnoden in Vlaanderen op te vangen. Dat wordt door de medische sector betwist. ‘Het is niet zo dat er een globaal tekort is aan artsen in Vlaanderen’, zegt Jan Eggermont, professor geneeskunde en voorzitter van de Onderwijsraad van de KU Leuven. ‘Het zijn vooral de verhoudingen die niet goed zitten. Enerzijds zijn er problemen met de regionale spreiding. Er is dus wel een tekort  aan huisartsen op sommige plaatsen in West-Vlaanderen of Limburg, terwijl er meer dan genoeg zijn in het centrum van het land.’

‘Anderzijds is er een onevenwicht binnen de disciplines. Er is bijvoorbeeld een tekort aan jeugdpsychiaters en geriaters, maar een overschot aan gynaecologen’, zegt Eggermont. ‘Bovendien heeft de Vlaamse overheid al een tool in handen om daar iets aan te doen. Via de Vlaamse planningscommissie kan ze regelgeving aannemen voor subquota om die spreiding beter te maken. Helaas is deze nog steeds niet operationeel.’ Weyts kondigde eerder aan ook daar werk van te willen maken.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud