Advertentie

De jobbonus, de trofee waar de glans af is

Door de jobbonus moeten mensen met een laag inkomen meer overhouden. ©Photo News

De kans bestaat dat de Vlaamse jobbonus nog wordt geschrapt vooraleer hij is ingevoerd. Niet alleen is het een gemakkelijke besparing, ook blijven er grote vragen over het nut.

Wat aanvankelijk een van de pronkstukken was van de Vlaamse regering, wordt almaar meer een blok aan het been. N-VA-voorzitter Bart De Wever maakte maandagavond duidelijk dat hij niet getrouwd is met de jobbonus. Ook CD&V is intussen een koele minnaar van de koopkrachtverhoging voor mensen met een laag loon. Enkel Open VLD houdt, met expliciete steun van de werkgeversorganisatie Voka, vast aan zijn trofee van de formatie.

De essentie

  • De N-VA en CD&V twijfelen aan de jobbonus, een koopkrachtverhoging voor de laagste inkomens.
  • De bonus, die nog moet worden ingevoerd, kost 350 miljoen euro en is een gemakkelijke besparing nu er nog geld wordt gezocht.
  • In academische kringen heerst twijfel of door de bonus veel extra mensen aan de slag zullen gaan.

De N-VA en CD&V overwegen de nog niet-ingevoerde jobbonus te schrappen omdat dat een aanzienlijke besparing oplevert. De kostprijs van de maatregel die volgend jaar zou worden ingevoerd wordt geraamd op 350 miljoen euro. Meteen is dan een derde van het miljard gevonden dat moet worden gesaneerd. Vlaams minister-president Jan Jambon (N-VA) maakte wel duidelijk dat de jobbonus enkel op de schop gaat als Open VLD daarmee instemt.

Werkzaamheidsgraad

Er zijn niet alleen budgettaire redenen om de jobbonus af te voeren. Hij wordt verkocht als een maatregel om de Vlaamse werkzaamheidsgraad snel naar 80 procent te verhogen. Momenteel is 75 procent van de 20- tot 64-jarigen aan de slag. Wie minder dan 1.700 euro bruto verdient, krijgt een maandelijks belastingvoordeel van 50 euro. Voor wie tussen 1.700 en 2.500 euro bruto verdient, wordt het voordeel kleiner.

Het argument dat door de jobbonus meer mensen aan de slag zouden gaan, houdt volgens mij geen steek.
Ive Marx
Arbeidseconoom (UAntwerpen)

De redenering is dat als werken meer oplevert, mensen ook sneller geneigd zijn om aan de slag te gaan. Dat kan de krapte op de arbeidsmarkt bestrijden. De vraag is of dat lukt. In een paper uit 2019 wijzen de economen André Decoster en Toon Vanheukelom (KU Leuven) erop dat iemand met een inkomen van 1.650 euro bruto dankzij de federale werkbonus 600 euro meer overhoudt dan als hij een werkloosheidsuitkering zou krijgen. Door de Vlaamse jobbonus zou daar 50 euro bijkomen. Ze betwijfelen of dat veel extra mensen over de streep zal trekken. Het bedrag van 50 euro is al bij al klein tegenover de 600 euro die al ‘gerealiseerd’ was.

Ook econoom Ive Marx (UAntwerpen) benadrukt dat punt. ‘Als Vlaanderen wil tonen dat het fiscale bevoegdheden heeft en het de werkende Vlaming wat extra wil geven, moet het die maatregel vooral doorvoeren. Maar het argument dat daardoor meer mensen aan de slag gaan, houdt volgens mij geen steek. Dan kun je het beschikbare budget beter elders besteden.’

Marx wijst erop dat de werkloosheid in Vlaanderen relatief laag ligt en dat het vooral zaak is om mensen die verder van de arbeidsmarkt staan naar werk te begeleiden. Het gaat bijvoorbeeld om langdurig zieken of - vaak allochtone - huisvrouwen. 'Als je die mensen aan het werk wilt krijgen, zijn financiële prikkels niet zo nuttig. Je moet dan eerder kijken naar goedkopere kinderopvang en vervoer regelen voor hen.'  

Promotieval

Een tweede punt waarop academici wijzen is de promotieval, die door de jobbonus in alle geval niet kleiner wordt. Doordat de werk- en jobbonus afneemt naarmate mensen meer verdienen, moeten bedrijven die hun werknemers een voelbaar extraatje willen geven plots grote bedragen ophoesten. Wie tussen 1.900 en 2.500 euro bruto verdient, houdt van een opslag van 50 euro bruto amper 10 euro over.

De vrees leeft ook dat het geld terechtkomt bij mensen die het eigenlijk niet nodig hebben. Om politieke redenen werd beslist dat niet alleen de werknemers, maar ook de zelfstandigen aanspraak kunnen maken op de jobbonus. Deels komt dat doordat veel zelfstandigen een karig inkomen hebben, maar sommigen keren zichzelf om fiscale redenen gewoon een zeer laag loon uit. Hoewel die laatsten de jobbonus niet nodig hebben, zouden ook zij er aanspraak op kunnen maken.

De bedoeling is dat de verschillende maatregelen elkaar versterken en samen meer mensen naar de arbeidsmarkt verleiden. Zonder jobbonus is er geen marsrichting meer.
Stijn Baert
Arbeidseconoom (UGent)

Toch zijn er in de academische wereld ook voorstanders. Volgens arbeidseconoom Stijn Baert (UGent) moet de jobbonus in een breder pakket aan activerende maatregelen worden gezien. ‘Hij is een soort vlag op dat beleid. De bedoeling is dat de verschillende maatregelen elkaar versterken en samen meer mensen tot de arbeidsmarkt verleiden. Zonder jobbonus is er geen marsrichting meer.’

Bij Open VLD klinkt een gelijkaardig geluid. 'Dit is geen silver bullet, maar past in een breder verhaal van activeren', zegt Vlaams Parlementslid Tom Ongena. 'Natuurlijk is dit een én-énverhaal', beaamt Sonja Teugels, arbeidsexperte bij Voka. 'Maar we moeten dit gewoon doen. Bedrijven krijgen hun vacatures niet ingevuld, waardoor ze niet kunnen groeien. Dat heeft gevolgen voor de relance en uiteindelijk voor de begroting.'

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud