‘De lat moet hoger. Voor leerlingen en leerkrachten'

Ben Weyts: 'Ik begrijp dat ouders voluit voor inclusief onderwijs gaan, maar soms kan het gewoon niet.' ©Saskia Vanderstichele

De nieuwe Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) kent zijn huiswerk: de kwaliteit van het onderwijs verhogen en het lerarentekort aanpakken. ‘Ik wil het gezag van de leerkracht herstellen.’

Wanneer we Ben Weyts spreken, heeft hij nog geen 24 uur eerder de eed als viceministerpresident en Vlaams minister van Onderwijs afgelegd. Zijn mailbox zit vol sollicitaties, zijn bureau staat vol verhuisdozen en zijn favoriete suiker voor bij de koffie is al ingepakt. Af en toe wimpelt hij een vraag af - ‘geef me even tijd om me in te werken’ -, maar verder lijkt de voormalige minister van Mobiliteit het onderwijsdossier al helemaal in de vingers te hebben.

Dat hij op deze stoel zit, is dan ook geen verrassing, geeft Weyts toe. ‘We hadden al eens de belofte gemaakt dat we resoluut voor onderwijs gingen. Er een tweede keer naast grijpen, was niet aan de orde. Tijdens de onderhandelingen zat ik de werkgroep onderwijs voor en dus heb ik in het paté’ke gebeten en het vervolgens verorberd. En daar ben ik nog volop mee bezig.’

Dat hij zelf mogelijk minister van Onderwijs zou worden, hield Weyts bij de regeringsonderhandelingen in het achterhoofd. Nog voor de inhoudelijke onderhandelingen begonnen, had hij een reeks gesprekken met de belangrijkste spelers uit het onderwijsveld. Bovendien gaat er tegen het einde van de regeerperiode liefst 250 miljoen euro extra naar onderwijs en een half miljard naar scholenbouw, zegt hij met een grijns. ‘Ik heb leren onderhandelen. Ik ben er voor Mobiliteit en Openbare Werken altijd in geslaagd de nodige middelen te voorzien. Dat is nu niet anders voor Onderwijs.’

Met dat geld moet Weyts over een pact met de vakbonden en de onderwijskoepels onderhandelen om de loopbaan van leerkrachten aantrekkelijker te maken. De komende jaren moet Vlaanderen op zoek naar duizenden extra leraars. ‘Het regeerakkoord biedt de nodige hefbomen om dat lerarentekort aan te pakken’, zegt Weyts. ‘Ik wil dat tekort niet oplossen door de poort te verruimen en te zeggen dat iedereen nu les mag geven. Integendeel: ik wil de toegangspoort tot de lerarenopleiding zelfs wat vernauwen en meer leerkrachten aantrekken door bijvoorbeeld in de lerarenopleiding de lat hoger te leggen voor Nederlands en wiskunde. De status van het beroep moet opnieuw omhoog. Bovendien zie je dat wat in de lerarenopleiding misloopt later in de resultaten van het onderwijs terugkomt. De lat moet dus hoger voor leerlingen en voor leerkrachten.’

Tegelijk wil Weyts slecht functionerende leerkrachten sneller weg uit het onderwijs en meer respect voor het gezag van de leerkracht. ‘Ik luister naar de pedagogen in de krant, maar nog meer naar de leerkracht in de klas. We moeten meer respect opbrengen voor die praktijkervaring en het gezag van de leerkracht herstellen. Dat vertaalt zich ook in de afschaffing van het M-decreet.’

Het M-decreet, waardoor meer leerlingen met een beperking les volgen in het gewoon onderwijs, wordt vervangen door een begeleidingsdecreet. Wat is het verschil?

Ben Weyts: ‘Het M-decreet is op de nobele principes van inclusie gebaseerd. Maar goede bedoelingen hebben in het onderwijs al veel schade toegebracht. Onderwijs is geen bandwerk, het is maatwerk. Als elk kind met eender welke beperking in een klas met alle andere kinderen les moet krijgen, botst het principe met de praktijk. Je helpt niemand met een achterstand van welke aard of in welk domein dan ook door diegene met een voorsprong af te remmen. We willen dat kinderen met een beperking zo maximaal mogelijk kunnen deelnemen aan klassen met andere kinderen, maar soms is dat gewoon niet mogelijk omdat de rest van de groep eronder lijdt.’

Wat verandert er dan concreet?
Weyts: ‘De beslissing zal in de toekomst bij de klassenraad liggen. Die deelt dat nobele principe, maar als hij vaststelt dat het in de praktijk niet lukt, dan heeft hij de finale beslissing. Vandaag zijn dat de ouders. Ik begrijp dat zij voluit voor dat inclusieve onderwijs willen gaan, maar soms kan het gewoon niet. Wij hebben vertrouwen in de leerkracht die altijd het beste voor heeft met de kinderen. Ook dat maakt deel uit van die herwaardering van die leerkracht. Zij zijn het die de magie moeten bewerkstelligen en de ongelofelijke verantwoordelijkheid hebben het beste uit onze kinderen te halen.’ Om de kwaliteit van het onderwijs op te krikken komen er gestandaardiseerde toetsen. Wat betekent dat?

Weyts: ‘Op twee momenten in het basisonderwijs en twee momenten in het secundair onderwijs gaan we gestandaardiseerde proeven organiseren. Die zijn voor alle scholen in Vlaanderen gelijk. We willen geen onderlinge vergelijking tussen scholen maken, maar wel de leerwinst in die scholen meten. Het is onze verdomde plicht om maximaal de talenten van alle kinderen aan te boren en vervolgens onszelf ook een spiegel voor te houden. In welke mate slagen we daarin?’

Wat gebeurt er als een school daar niet in slaagt? Zult u scholen sluiten?
Weyts: ‘Ik ga niet te veel vooruitlopen op alles wat we nog moeten bespreken, maar dan moet er uiteraard iets gebeuren. Als een school met slechte resultaten geconfronteerd wordt, kan ik me ook niet voorstellen dat je daar niets mee wil doen. De scholen kunnen zichzelf een spiegel voorhouden en daarmee aan de slag gaan. Waarom slagen zij er niet in die verschillende talenten uit te dagen? Het gaat altijd over een gelijkekansendiscours dat een beetje is doorgeslagen, maar gelijke kansen betekent niet hetzelfde als gelijke kinderen. Elk kind heeft zijn talenten. Het is onze job die talenten aan te boren.’

Om gelijke kansen te stimuleren, bevorderde Vlaanderen de sociale mix in scholen. U wilt die voorrangsregel nu ook in het lager onderwijs afschaffen. Leidt dat niet tot meer concentratiescholen?
Weyts: ‘Neen. In de vorige regering hebben we de voorrangsregel in het secundair onderwijs afgeschaft en we doen dat nu ook in het lager onderwijs. Je kunt niet zeggen dat kinderen gelijke kansen moeten krijgen en tegelijk kinderen voorrang geven door het diploma of een ander kenmerk van hun ouders. Als mensen voor een school kamperen en anderen vervolgens die hele rij kunnen voorbijsteken, is dat niet rechtvaardig. We vertrekken vanuit de vrijheid van inschrijving. We laten scholen wel de mogelijkheid een specifieke doelgroep voorrang te geven voor maximaal 20 procent. Maar die verantwoordelijkheid ligt bij de scholen, niet bij de Vlaamse overheid. Wij moeten in Brussel niet dicteren wat men in Berchem of in Poperinge moet doen.’ Hoe vermijdt u dan dat er nog meer concentratiescholen ontstaan?

Weyts: ‘Scholen kunnen zelf een groep voorrang geven als zich een concentratie-effect zou voordoen. Dat kunnen verschillende doelgroepen zijn. In Tervuren moeten lokale inwoners bijvoorbeeld met lede ogen aanzien dat zij hun kind niet in een school kunnen inschrijven terwijl leerlingen uit Wallonië voorbijsteken. Die school zou dan een bepaald aantal plaatsen kunnen reserveren voor leerlingen uit de eigen gemeente.’ Toen N-VA-voorzitter Bart De Wever de onderwijsportefeuille claimde, zei hij: ‘Ik wil geen minister van Koepel, maar een minister van Onderwijs.’ Hoe zult u met de onderwijskoepels omgaan?

Weyts: ‘We hebben de koepels nodig. We moeten de uitdagingen in het onderwijs samen aanpakken. Soms zullen zij andere accenten willen leggen, maar we delen de wil om de uitdagingen aan te gaan. Tegelijk zijn we duidelijk: het zwaartepunt ligt voor ons in de klas. Daar moeten de mensen en de middelen naartoe gaan. Nu bestaat de indruk dat te veel geld naar de koepels gaat. Daarom hebben we in het regeerakkoord afgesproken die financiering te bekijken.’

U wilt aantal dingen losser van de onderwijskoepels organiseren. Waarom is dat zo belangrijk?
Weyts: ‘De koepels werken sturend en grijpen soms in op de vrijheid van de scholen. Een aantal zaken willen we over de onderwijsnetten heen organiseren. Dat is een middel om een doel te bereiken: de kwaliteit van het onderwijs. Het is geen ideologische trofee.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud