Een beetje 1 september, maar opvang blijft probleem

Vanaf vandaag gaan de Vlaamse scholen weer gedeeltelijk open. ©BELGA

Het onderwijs en de lokale besturen zijn het oneens over bij wie de eindverantwoordelijkheid ligt voor de opvang. Het katholiek onderwijs wil desnoods een limiet zetten op de schoolopvang, maar volgens het kabinet van minister van Onderwijs Weyts kan dat niet.

Op de Vlaamse scholen is het vrijdag een beetje 1 september: na bijna twee maanden afstandsonderwijs gaan de schoolpoorten voor enkele leerlingen weer open. In de lagere school kunnen het eerste, het tweede en het zesde leerjaar weer een paar dagen per week naar de klas, in het middelbaar zijn de laatstejaars een dag per week welkom.

Veel lokale besturen hebben van scholen de vraag gekregen te helpen bij de opvang.
VVSG

Die voorzichtige heropstart wordt overschaduwd door het opvangprobleem. Momenteel gaat zo’n kleine 7 procent van de kinderen uit de basisschool naar de opvang. Die is verzekerd voor ouders die buitenshuis aan de slag zijn. Nu de economie langzaamaan weer op gang komt, zal de vraag naar opvang flink toenemen.

Grote verschillen

Vorige week werd beslist lokale besturen te laten inspringen als scholen de opvang niet kunnen bolwerken. De Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten (VVSG) meldt dat heel wat lokale besturen effectief de vraag hebben gekregen om te helpen, bijvoorbeeld door lokalen en personeel ter beschikking te stellen.

Wij gaan onze scholen indien nodig adviseren voorrang te geven aan onderwijs, want dat blijft onze primaire opdracht.
Lieven Boeve
Topman Katholiek Onderwijs

Alleen is er aan de vooravond van de heropstart geen duidelijkheid of alle lokale besturen wel in staat zijn de noodopvang op zich te nemen als de vraag blijf stijgen. Zowel het katholiek onderwijs als het gemeenschapsonderwijs merkt grote lokale verschillen op. Gemeenten die voor corona al aan opvanginitiatieven deelnamen, blijken meer capaciteit te hebben dan zij die daar nog niet mee vertrouwd zijn.

Dat dreigt de hele regeling voor de heropstart van scholen in elkaar te doen stuiken. Want als de lokale besturen op hun beurt niet kunnen instaan voor de opvang, ligt de bal weer in het kamp van de scholen. Volgens het draaiboek moeten die dan ‘hun heropstart herbekijken’. Concreet betekent dat het schrappen van het lesaanbod voor het tweede leerjaar of knippen in het aantal lesdagen, klinkt op het kabinet van minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA). Noodopvang voor ouders die uit gaan werken blijft in dat geval de prioriteit.

Primaire opdracht

Maar Lieven Boeve, de directeur-generaal van Katholiek Onderwijs Vlaanderen, ziet dat anders. ‘De heropstart herbekijken betekent voor ons dat er een keuze gemaakt wordt tussen het lesgeven en de opvang. We gaan onze scholen in dat geval adviseren voor het eerste te kiezen, want onderwijs blijft onze primaire opdracht.’ Een limiet op de opvang op school moet volgens hem tot de mogelijkheden behoren.

Ook het gemeenschapsonderwijs vindt de boodschap dubbel. ‘Onderwijs is de prioriteit. Als scholen in onvoldoende plaatsen in de opvang kunnen voorzien, moet een beroep worden gedaan op lokale besturen. Of dat overal even vlot verloopt, zullen we moeten zien. Hoe dan ook is het een moeilijke oefening’, zegt afgevaardigd bestuurder Raymonda Verdyck.

Volgens het kabinet-Weyts wordt alles gedaan om te vermijden dat zowel de school als de gemeente de opvang niet kan verzekeren. ‘We hebben een ruim budget uitgetrokken zodat het aantrekkelijk is voor de lokale besturen om in te springen’, klinkt het. ‘Bovendien hoeven de gemeenten niet per se zelf de opvang te organiseren, maar kunnen ze als regisseur optreden.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud