‘Er zit sleet op de Vlaamse efficiëntie'

De toplui van de Vlaamse administratie overhandigden al een dag na de verkiezingen hun bijdrage voor het Vlaams regeerakkoord aan N-VA-ondervoorzitter Ben Weyts. ©Dieter Telemans

De regering bepaalt de richting, maar in de cockpit van de Vlaamse overheid zitten de top ambtenaren Martin Ruebens en Dirk Van Melkebeke aan het stuur. Tussen twee regeringen door zijn ze voor één keer bereid om uit de schaduw te treden.

U zag de voorbije jaren vooral Vlaams minister-president Kris Peeters (CD&V) en zijn Vlaamse ministers. Maar achter Peeters en co staat een stevig ambtenarenapparaat, dat steeds meer macht wordt toegedicht. Dirk Van Melkebeke staat aan het hoofd van die administratie. Na bijna twintig jaar als kabinetschef onder de socialistische ministers Eddy Baldewijns, Norbert De Batselier, Frank Vandenbroucke, Steve Stevaert en Ingrid Lieten is hij vandaag de secretaris-generaal van het departement Economie, Wetenschap en Innovatie en de overkoepelende woordvoerder van de Vlaamse administratie. Ook Martin Ruebens is zo’n sleutelfiguur in de Vlaamse overheid. De ex-cabinetard van Yves Leterme en Kris Peeters beheert vandaag de diensten van het algemeen regeringsbeleid - zeg maar de Vlaamse kanselarij. Ruebens staat ervoor in dat de overdracht van de nieuwe bevoegdheden dankzij de zesde staatshervorming tot in de puntjes is voorbereid.

Op maandag 26 mei, amper een dag na de verkiezingen, overhandigden ze aan N-VA-ondervoorzitter Ben Weyts hun bijdrage voor het volgende Vlaamse regeerakkoord. Terwijl Weyts nog nagenoot van de eclatante verkiezingsoverwinning van zijn partij, werd hij meteen met beide voeten op de grond gezet. Het Vlaams begrotingstekort loopt volgend jaar op tot 1 miljard euro en in 2016 zelfs tot 1,3 miljard euro. ‘De Vlaamse overheid staat voor magere jaren, die budgettair moeilijke keuzes zullen vergen’, waarschuwen Ruebens en Van Melkebeke in een gesprek met De Tijd.

Het is een uitzonderlijk gesprek, want normaal blijven ze als ambtenaren onder de waterlijn. ‘Wij voeren het regeringsbeleid uit. Het is aan de politiek om de beleidskeuzes te maken. Wij kunnen enkel de mogelijkheden oplijsten en een waarschuwing geven wanneer dat nodig is. De huidige budgettaire prognoses mag je gerust lezen als een waarschuwende vinger. De Vlaamse overheid zal het de volgende vier jaar met 7 procent minder moeten doen. De kaasschaafmethode zal niet meer volstaan.’

De Vlaamse overheid zat er doorgaans nochtans warmpjes bij.
Dirk Van Melkebeke: ‘Ik draai al een tijdje mee. In 1996 was er voor de eerste keer een overschot van 100 miljoen frank. Er is nooit zo veel ruzie gemaakt als toen. (lacht) Toen de economie aantrok, heeft Vlaanderen inderdaad niet echt nog budgettair moeilijke tijden gehad. Nu komen er opnieuw magere jaren aan. De volgende regering zal dus heel goed aan elkaar moeten hangen.’

Zijn er evidente besparingen ?
Van Melkebeke: ‘Niets is evident, want het gaat om grote bedragen. Een beproefde tactiek uit het verleden is om fors te besparen bij de start van de regeerperiode om dan in de tweede helft meer te herverdelen. Een andere mogelijkheid is dat je het geld voor constant beleid minder snel laat groeien. We zouden ook de contracten voor de publiek-private samenwerking in de scholenbouw kunnen heronderhandelen, zodat ze niet meer binnen de Vlaamse begroting vallen.’

Martin Ruebens: ‘We zetten ook volop in op de digitalisering van onze diensten. Dat kost nu geld, maar zal over een paar jaar flinke besparingen opleveren.’

De N-VA wil vooral inzetten op efficiëntiewinst en de verdere afslanking van het overheidsapparaat.
Ruebens: ‘De besparingsoefening is zo groot dat enkel inzetten op efficiëntiewinst niet zal volstaan. Het aantal ambtenaren is de afgelopen vijf jaar met 6,6 procent afgebouwd. Een verdere afslanking kan alleen als je duidelijke keuzes maakt over welke dienstverlening je wil van je overheid.’

Van Melkebeke: ‘Het is ook niet de mirakeloplossing. Jaarlijks is 72 miljoen euro bespaard op personeelskosten. We beginnen te merken dat de rek eruit is. De volgende regering zal met de besparingskam door het takenpakket moeten gaan.’

Kris Peeters (CD&V) pleit ervoor om meer overheidsdiensten uit te besteden aan de privésector.
Van Melkebeke: ‘Een taak uitbesteden is niet altijd de beste keuze. Soms kost het je meer dan het zelf te doen. We besteden nu grote bedragen aan advocatenkantoren om decreten te schrijven. Als we die kennis zelf in huis halen, kan je een pak kosten vermijden. Je moet geval per geval de rekening maken. Maar ook dat is geen mirakeloplossing.’

Zou het bijvoorbeeld efficiënter zijn, mocht de overheid zelf de dienstencheques beheren?
Ruebens: ‘De dienstencheques worden binnenkort een Vlaamse bevoegdheid. Dat is een erg duur systeem. We zouden kunnen nadenken over een systeem van cofinanciering, waarbij de werkgever de dienstencheque voor de poetshulp mee financiert via een extralegaal voordeel, zoals hij dat vandaag voor de maaltijdcheques al doet. Maar dat is een keuze voor het beleid.’

De Vlaamse overheid lijkt niet meer de hyperefficiënte administratie te zijn die ze ooit was. Doen we niet langer beter wat we zelf doen?
Van Melkebeke: ‘De Vlaamse en de federale overheid voeren echt geen wedstrijd wie het efficiëntst is. De Vlaamse administratie had bij het begin echt een voorbeeldfunctie. Vandaag zit er wat sleet op dat verhaal en is er veel voor verbetering vatbaar. De verkokering is een groot werkpunt: de autonome administraties werken te veel naast elkaar. Voor meer samenwerking is een mentaliteitswijziging nodig. Maar we zijn wel op de goede weg. We hebben onze voorstellen bijvoorbeeld niet per beleidsdomein voorgesteld, maar wel per maatschappelijke uitdaging.’

Ruebens: ‘Er waait zeker en vast een nieuwe wind onder de leidinggevende ambtenaren. De eengemaakte bouw- en milieuvergunning is een concreet voorbeeld van die samenwerking tussen verschillende administraties. Maar we moeten ook een aantal entiteiten schrappen om onze slagkracht te verhogen.’

Is de Vlaamse ambtenarij te machtig geworden?
Van Melkebeke: ‘Dat is een moeilijke vraag. In de jaren 80 moeide de politiek zich met alles, inclusief vergunningen. Het was een goede keuze om administratie en politiek los te koppelen, maar we moeten erop letten dat de slinger niet doorslaat. Maar laat er geen misverstand over bestaan: de regering is absoluut de baas over de beleidskeuzes.’

U doet in de tekst voorstellen over bijvoorbeeld de kilometerheffing, maar niet over de nieuwe bevoegdheden.
Van Melkebeke: ‘We hebben de inkomsten van de kilometerheffing op personenwagens nodig als we nieuw beleid willen voeren. De invoering van de kilometerheffing is nog niet officieel beslist, maar wordt wel al heel lang voorbereid. De nieuwe bevoegdheden daarentegen zijn materie voor de volgende Vlaamse regering. We verwachten wel snelle keuzes tijdens de regeringsonderhandelingen. Beslissingen over nieuwe bevoegdheden zoals de woonbonus, de kinderbijslag en de dienstencheques zijn belangrijk voor de begroting.’

Is Vlaanderen klaar voor de nieuwe bevoegdheden?
Ruebens: ‘We hebben dat heel goed voorbereid. De praktische afspraken van de overdracht zijn neergeschreven in protocollen die door alle deelregeringen zijn goedgekeurd. Zo loopt de dienstverlening door zonder dat de burger of de ondernemer iets van de zesde staatshervorming zal merken.’

Al bij al is zo’n stukje staat overhevelen dus relatief simpel?
Van Melkebeke: ‘Dat hangt af van de bevoegdheid. Er komen altijd praktische problemen bovendrijven, maar dat is een kwestie van goede afspraken maken. En die samenwerking met de federale collega’s verloopt behoorlijk goed.

Ruebens: ‘Dat was in het begin wel anders. Het Vlinderakkoord over de zesde staatshervorming dateert van oktober 2011. Maar het kantelpunt bij de federale ambtenaren kwam pas toen vorige zomer in de Kamer en de Senaat de wetteksten waren ingediend. Toen beseften ze dat het menens was en hebben ze volop hun tijd en energie in die overdracht gestoken.’

Wat was het meest complex?
Ruebens: ‘De persoonsgebonden materies, zoals de kinderbijslag, zijn het gevoeligst en erg ingewikkeld. Ze hebben ook betrekking op maatschappelijk kwetsbare doelgroepen. Je mag dus niet over één nacht ijs gaan. Bovendien veranderen mensen soms van regio, met alle problemen van dien. Als Vlaanderen een andere kinderbijslag heeft dan Wallonië, moet je weten wat te doen als iemand verhuist.’

Is een zevende staatshervorming nodig?
Ruebens: ‘De zesde staatshervorming is hoe dan ook geen eindpunt. We kunnen de komende jaren al voorbereidende gesprekken voeren voor een zevende. Er zitten pijnpunten in de bevoegdheidspakketten, bijvoorbeeld bij de gezondheidszorg en de mobiliteit. Maar laat ons nu eerst deze staatshervorming uitvoeren. Er komt voor 12 miljard euro bevoegdheden over naar Vlaanderen. Als we daarmee goed nieuw beleid willen voeren, hebben we een legislatuur nodig. De burger en de bedrijven waarvoor wij werken, moeten beter worden van deze staatshervorming.’

Hoe zal het sociaal overleg er op Vlaams niveau uitzien? Is een Vlaamse Groep van Tien een optie?
Ruebens: ‘De sociale partners moeten mee kunnen praten over beslissingen, want we hebben ze nodig om draagvlak op te bouwen voor beslissingen. Zelf sturen ze aan op medebeheer van bevoegdheden. De VDAB wordt vandaag mee beheerd door de vakbonden en de werkgevers. Een mogelijkheid is dat systeem uit te breiden. Maar de overheid moet wel nog kunnen beslissen. Het is aan de politiek om de knopen door te hakken, niet aan de sociale partners. Daar ligt voor ons de lijn.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud