nieuwsanalyse

Is de Vlaamse startnota voldoende ambitieus?

Bart De Wever hamert in zijn startnota op excellerend onderwijs. Maar hoe het tekort aan leraars moet opgelost worden, is nog niet duidelijk. ©Photo News

Vlaams formateur Jan Jambon (N-VA) is met CD&V en Open VLD de onderhandelingen begonnen voor een nieuwe Vlaamse regering. De springplank naar het regeerakkoord is een startnota van Bart De Wever met de Vlaamse ambities. Waar staan we vandaag? En hoe ver zitten we van waar we moeten zijn? Een handleiding.

Sociale woningen

Wat staat in de startnota?
De Vlaamse regering zal fors blijven investeren in sociale woningen, met een grotere klemtoon op renovatie en duurzaamheid.

Waar staan we vandaag?
Vlaanderen investeerde de voorbije legislatuur bijna 4 miljard euro. Tegenover een patrimonium van 167.000 sociale woningen stonden eind 2018 bijna evenveel gezinnen op een wachtlijst (154.000). De gemiddelde wachttijd bedraagt drie jaar. Tegelijk dreigt de financiële afgrond voor de socialewoonmaatschappijen door het financieringsmodel dat voor hen is opgezet. Ze krijgen van Vlaanderen renteloze leningen voor nieuwbouw en renovatie, waarvan ze op 33 jaar 80 procent moeten terugbetalen met hun huurinkomsten. Alleen liggen de huurinkomsten te laag om hun leninglasten af te lossen. Tegen 2025 liggen de inkomsten lager dan het bedrag dat ze moeten terugbetalen.

©Mediafin
©Mediafin
©Mediafin
©Mediafin
©Mediafin
©Mediafin
©Mediafin

Wat is nodig?
De Vereniging van Vlaamse Huisvestingsmaatschappijen (VVH) berekent de kostprijs voor de volledige renovatie van het verouderd patrimonium op 7,50 miljard, waarvan Vlaanderen in het huidige financieringsmodel 2,25 miljard moet betalen, gespreid over 33 jaar. Dat komt neer op 69 miljoen per jaar. De factuur voor nieuwbouw, om de wachtlijsten weg te werken, wordt geschat op 17,5 miljard euro, waarvan 5,25 miljard voor Vlaanderen, opnieuw uitgesmeerd over 33 jaar. De nieuwbouw kost Vlaanderen 160 miljoen per jaar. Nieuwbouw en renovatie samen komen voor de overheid neer op 229 miljoen per jaar. ‘In theorie. Want natuurlijk zal de investering stelselmatig gebeuren. Plus, er lopen al behoorlijk wat investeringen en daaraan gekoppelde leningen’, stelt Björn Mallants van de VVH. 

Werk 

Wat staat in de startnota?
De Vlaamse regering wil minstens 120.000 Vlamingen extra aan een job helpen. Een werkzaamheidsgraad van 80 procent is het doel.

29 procent van de Vlaamse werklozen heeft een migratie-achtergrond. ©Lieven Van Assche

Waar staan we vandaag?
De Vlaamse werkzaamheidsgraad - het aandeel werkenden van de bevolking tussen 20 en 64 jaar - bedraagt 74,6 procent, of 5,4 procentpunten onder het streefdoel van 80. Die ambitie is niet min, omdat de werkzaamheidsgraad onder de regering-Bourgeois maar met 2,7 procentpunten is geklommen. De inspanning moet verdubbelen, terwijl de economische barometer er een pak slechter voor staat. Bovendien is er een grote krapte op de arbeidsmarkt, met een historisch lage werkloosheid (6,3%). Die kan niet nog veel zakken.

©Mediafin

Wat is nodig?
De sleutel ligt bij jobs voor laaggeschoolden, mensen met een migratieachtergrond en de grote groep inactieven. Bijna een derde van de 200.000 Vlaamse werklozen zit al langer dan twee jaar thuis, en een op de drie Vlamingen tussen 15 en 64 geldt als inactief. Dat zijn bijvoorbeeld mensen die al zo lang thuiszitten dat ze de moed opgeven een job te zoeken of langdurig zieken. Die laatsten zijn een groeiend zorgenkind in ons land. België telt er 400.000. Acht op de tien Vlaamse werklozen zijn laag- of middengeschoold en 57.000 werklozen (29%) hebben een migratieachtergrond. ‘Slechts een op de tien van de groep niet-werkende Vlamingen zoekt een job. De rest geldt als inactief’, zegt professor arbeidseconomie Stijn Baert. ‘Het zou goed zijn dat één instantie, bijvoorbeeld de arbeidsbemiddelaar VDAB, alle niet-werkenden monitort. Die kan dan dispatchen en kijken wie het best geschikt is om die mensen te begeleiden.’ 

Onderwijs

Wat staat in de startnota?
Het Vlaams onderwijs heeft altijd tot de top behoord en dat moet zo blijven. We investeren fors in aantrekkelijke schoolgebouwen.

6.000
Leraars
Tot 2024 moeten jaarlijks 6.000 extra leerkrachten gevonden worden.

Waar staan we vandaag?
Elk onderzoek toont telkens weer aan dat de kwaliteit van het Vlaams onderwijs achteruitboert. De bekendste maatstaf is de PISA-test van de OESO, de denktank van de rijke westerse landen, uit 2015. Het ziet ernaar uit dat de nieuwe resultaten in december een verdere achteruitgang vertonen. Ook de resultaten van de Vlaamse tests - die meten of leerlingen de opgelegde minimumdoelen van de Vlaamse overheid halen - gaan bij elke proef achteruit.

Wat is nodig?
Om de leerlingenprestaties beter in kaart te brengen dringen onderwijsexperts aan op de invoering van een centraal examen. Bart De Wever legt dat op tafel in zijn startnota. Maar hij gaat niet in op wat omschreven wordt als de topprioriteit. Er is een groot lerarentekort. Tussen nu en 2024 moeten er elk jaar 6.000 extra gevonden worden. Daardoor dreigen steeds meer mensen zonder het juiste diploma voor de klas te staan. Er is een consensus dat meer ingezet moet worden op de kwaliteit van de leraren - minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) kreeg een gepland pakket maatregelen er nooit door -, al is de grootste uitdaging in de eerste plaats er genoeg te vinden.

Ondanks ruim een half miljard euro investeringen per jaar wachten in Vlaanderen 1.826 schoolbesturen op 3 miljard overheidsgeld om te renoveren of te bouwen. Daarbovenop zou nog eens jaarlijks 245 miljoen euro nodig zijn in het Gemeenschapsonderwijs GO. Dat rekent op 3 à 3,9 miljard euro om het patrimonium opnieuw in goede staat te krijgen. 

Zorg en welzijn

Wat staat in de startnota?
Het doel is de wachtlijsten voor mensen met een beperking zo snel mogelijk terug te dringen, de capaciteit van de jeugdhulp en het aanbod van de geestelijke gezondheidszorg te verhogen en te investeren in kwaliteitsvolle en betaalbare woon-zorgcentra.

©Mediafin

Waar staan we vandaag?
Zo’n 15.000 mensen met een beperking staan op een wachtlijst om een budget te krijgen om hun zorg te organiseren en te betalen. De rusthuizen zijn onderbemand, 7.000 jongeren wachten op gepaste jeugdhulp en de geestelijke gezondheidscentra vragen meer geld. In de vorige legislatuur kreeg minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) 500 miljoen extra, waarvan het gros naar die sectoren ging.

Wat is nodig?
Het Agentschap voor Personen met een Handicap raamt dat zo’n 1,6 miljard euro nodig is om de wachtlijsten weg te werken. Om het personeel in de rusthuizen op peil te brengen is nog eens 2 miljard nodig, schat de zorgkoepel Zorgnet-Icuro. Voor de jeugdhulp en de geestelijke gezondheidszorg volstaan kleinere budgetten. Jongerenwelzijn schat dat de jeugdhulp 300 miljoen extra nodig heeft. Zorgnet-Icuro houdt het op 450 miljoen voor de geestelijke gezondheidszorg. Alles samen gaat het om ruim 4 miljard euro. Door de beperkte financiële beweegruimte van de Vlaamse regering - volgend jaar moet ze op zoek naar ruim 600 miljoen euro om de begroting in evenwicht te houden - is de kans klein dat dat geld gevonden wordt.

Energiefactuur

Wat staat in de startnota?
De Vlaamse regering moet, in samenspraak met het federale niveau, waken over de betaalbaarheid van de energiefactuur van de gezinnen. We blijven inzetten op hernieuwbare energie en bouwen het certificatenoverschot verder af. Net als voor de gezinnen willen we ook voor de industrie de energie betaalbaar houden en de competitiviteit bewaken.

©Mediafin

Waar staan we vandaag?
Ondanks de liberalisering zijn de elektriciteitsprijzen vooral gestegen. Een gemiddeld gezin betaalde tien jaar geleden tussen 500 en 600 euro. De voorbije jaren was dat meer dan 900 euro, met pieken boven 1.000 euro. De voorbije jaren werden de verschillende componenten van de stroomfactuur regelmatig duurder, van hogere nettarieven, over extra heffingen en het terugdraaien van de btw-verlaging tot prijspieken door het uitvallen van kerncentrales.

Wat is nodig?
Om de energiefactuur te drukken heeft de Vlaamse regering niet alle kaarten in handen. De stroombevoorrading, de groothandelsprijzen en de btw zijn federale materies. Bij de grootste post, de nettarieven, kan ze meer druk zetten op Fluvius, dat na de fusie tussen Eandis en Infrax een besparing van 110 miljoen euro of 36 euro per gezin beloofde tegen 2022. Dat kan misschien beter, al zal er tegenstand zijn van de gemeenten, de aandeelhouders van Fluvius.

De regering kan ook de verdoken belastingen op de energiefactuur drukken. De kosten van isolatiepremies, zonnepanelen en openbare verlichting wegen op de stroomfactuur. Zeker voor de groenestroomcertificaten moet de overheid een inspanning doen.

Het is moeilijk beloftes te maken voor de gezinnen én de bedrijven: iemand moet betalen. In Duitsland betalen de gezinnen de lagere factuur van de bedrijven. 

Mobiliteit

Wat staat in de startnota?
Het aandeel van duurzame vervoersmiddelen moet in het woon-werkverkeer toenemen tot minstens 40 procent.

©Mediafin

Waar staan we vandaag?
Het aandeel van de autopendel in het Vlaamse woon-werkverkeer is gedaald van 74 procent in 2005 naar 70 procent in 2017. Het duurzaam vervoer (fiets, openbaar vervoer) bedroeg in 2017 nog geen derde van het totale woon-werkverkeer. Bijna een op vijf Vlamingen gaat met de fiets naar het werk, terwijl de trein maar goed is voor ongeveer 5 procent. Het is belangrijk er ook de Brusselse cijfers bij te nemen, omdat bijna een kwart miljoen Vlamingen elke dag voor hun job van en naar de hoofdstad reizen. In Brussel komt slechts een derde met de wagen naar het werk, tegenover meer dan twee op de drie in Vlaanderen. Het openbaar vervoer is goed voor de helft van het Brusselse woon-werkverkeer.

Dit jaar ging voor het eerst meer dan 100 miljoen euro naar fietssnelwegen. ©Photo News

Wat is nodig?
Het aantal Vlamingen dat met het openbaar vervoer, de fiets of te voet naar het werk gaat, is sinds 2005 gestegen van 22,4 naar 27,6 procent. Bart De Wever stelt in zijn startnota een stijging voor tot 40 procent in de komende vijf jaar, via forse investeringen in fietssnelwegen en openbaar vervoer. Dat is een scherpe ambitie, gezien Vlaanderen al een massa geld investeert voor enkele procentpunten groei in duurzaam vervoer. De regering-Bourgeois trok het budget voor mobiliteit al op van 3 tot bijna 4 miljard euro. En er ging voor het eerst meer dan 100 miljoen euro per jaar naar fietssnelwegen. 

Belastingen

Wat staat in de startnota?
We voeren een belangrijke Vlaamse belastinghervorming door, zonder de globale belastingdruk te laten toenemen. De bedoeling is de woonbonus af te schaffen en tegelijk de registratierechten te verlagen. Voorts worden de erfenisbelastingen verlaagd, waardoor de langstlevende echtgenoot en de inwonende kinderen ook kunnen genieten van een belastingvrijstelling voor een tweede of derde woning.

7%
Registratierechten
Wie in Vlaanderen een woning koopt, betaalt 7 procent registratierechten, en niet langer 5 of 10 procent.

Waar staan we vandaag?
Vlaanderen is sinds januari bevoegd voor de woonbonus, de fiscale aftrek voor wie leent voor een woning. Daarnaast betaalt u registratierechten als u een huis of een bouwgrond koopt. Die werden door de vorige regering al eens verlaagd. Wie een woning koopt, betaalt 7 procent registratiebelastingen en niet langer 5 of 10 procent naargelang het kadastraal inkomen van de woning. Wie een goedkope woning van maximaal 200.000 euro koopt, krijgt een extra belastingkorting.

Wat is nodig?
De afschaffing van de woonbonus is volgens de meeste economen de logica zelve, omdat die het perverse effect had dat de woningprijzen erdoor gingen stijgen en mensen dus geen voordeel hadden.
Een daling van de registratierechten is een logische compenserende maatregel omdat het daardoor goedkoper wordt een huis of een bouwgrond te kopen.

De hervorming van de erfenisbelastingen wordt hier en daar op kritiek onthaald, omdat ze een cadeau is voor de rijkeren die meer dan één woning bezitten. 

Pensioenen

Wat staat in de startnota?
We versterken de financiële armslag van onze lokale besturen via de overname van de helft van de responsabiliseringsbijdrage voor de pensioenfactuur. In ruil vragen we van de lokale besturen dat ze hun investeringen fors opdrijven.

©Mediafin

Waar staan we vandaag?
De Vlaamse steden en gemeenten hebben hun pensioenlasten voor het statutair personeel zien oplopen van 719 miljoen euro in 2012 naar 955 miljoen in 2017. De Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) schat dat daar tegen 2024 nog eens een derde, 310 miljoen euro, bijkomt. Die molensteen weegt op de investeringen van de lokale besturen, traditioneel goed voor een derde van alle overheidsinvesteringen in ons land. In het verkiezingsjaar 2018 gingen die licht hoger naar 4,3 miljard euro, maar de jaren daarvoor bleef het bedrag zakken. In 2016 zakten de investeringen naar 0,6 procent van het bruto binnenlands product, het laagste peil in 30 jaar en het niveau van Griekenland.

Wat is nodig?
De N-VA belooft een deel van de pensioenfactuur over te nemen. Volgens berekeningen van de VVSG bedraagt de kostprijs ruim 90 miljoen euro. 

Klimaat en milieu

Wat staat in de startnota?
Vlaanderen werkt aan de omslag naar een koolstofarme samenleving met duurzame economische groei en een realistische transitie voor zijn burgers binnen de Europese klimaatambities voor 2050. In plaats van steeds ambitieuzere doelstellingen aan te nemen gaan we het komende decennium voluit voor het effectief realiseren van de aangegane engagementen.

In plaats van steeds ambitieuzere doelstellingen aan te nemen wil De Wever het komende decennium voluit gaan voor het effectief realiseren van de aangegane engagementen. ©BELGA

Waar staan we vandaag?
Vlaanderen moet binnen de Europese doelstelling tegen 2020 15 procent minder broeikasgassen uitstoten dan in 2005. In 2030 gaat het om 35 procent. Vlaanderen mikt met horizon 2050 op een daling van 80 à 95 procent tegenover 1990. Volgens cijfers van de Vlaamse Milieumaatschappij bedroeg de Vlaamse uitstoot in 2017 75,5 kiloton CO2-equivalent, een daling met 12,5 procent tegenover het referentiejaar 1990.

Wat is nodig?
De uitstoot van broeikasgassen is vooral afkomstig van het transport (35%), gebouwen (30%), de landbouw (16%), de rest van de industrie (13%) en de afvalsector (5%). In die eerste twee sectoren kan het meest bereikt worden, via een betere isolatie, alternatieve verwarmingstechnieken en brandstoffen, efficiëntere auto’s en een verschuiving naar het openbaar vervoer.

©Mediafin

Voor het klimaatdoel moeten ook 10.000 extra hectare bos en 20.000 hectare bijkomende natuur helpen. Alleen is de 140.000 hectare Vlaams bos al 20 jaar stabiel, en wordt al een kwarteeuw 10.000 extra hectare beloofd. Sinds 2011 kwam er wel 20.000 hectare onder natuurbeheer bij, tot een totaal van 82.000 hectare nu. 


Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect