Kanttekeningen Rekenhof bij 'complexe' afslanking Vlaamse provincies

Het provinciaal domein in Wachtebeke. Het uitbaten van dergelijke domeinen is een van de taken van de provincies. ©Photo News

'Complex'. Zo bestempelt het Rekenhof de afslanking van de provincies in Vlaanderen.

Sinds 1 januari 2018 mogen de Vlaamse provincies in principe geen persoonsgebonden bevoegdheden (denk aan jeugd, cultuur, sport, gelijke kansen en welzijn) meer uitoefenen. Die bevoegdheden moesten tegen dan verhuisd zijn naar de lokale besturen of naar Vlaanderen. De provincies houden wel hun grondgebonden bevoegdheden, zoals op het vlak van milieu, ruimtelijke ordening en landbouw.

Die afslanking van de provincies was een beslissing van de Vlaamse regering. Het Rekenhof heeft heel die afslankingsoperatie onder de loep genomen en komt tot de conclusie dat ze 'complex' was. Zo was er 'geen uniforme benadering' voor alle provincies en beleidsdomeinen.

Afwijkende afspraken

Volgens het Rekenhof is de overdracht van de persoonsgebonden bevoegdheden naar Vlaanderen doorgaans 'goed geregeld', maar zijn hier en daar wel afwijkende afspraken gemaakt. En over die afwijkingen heeft het Rekenhof opmerkingen.

Zo zijn er instellingen die provinciaal zijn gebleven die toch binnen de persoonsgebonden bevoegdheden vallen. Het Rekenhof wijst onder meer op het olympisch zwembad in Brugge, enkele musea, het  cultuurcentrum De Warande en het sport- en cultuurcentrum Dommelhof.

'Van de vier grote musea die Vlaanderen logischerwijze en op basis van de aanvankelijk aangegeven criteria zou overnemen, is dat maar voor één gebeurd. Door het behoud van een aantal instellingen in de beleidsdomeinen cultuur en sport zullen sommige provincies noodgedwongen nog activiteiten in deze materies moeten ontwikkelen, wat niet strookt met de nieuwe omschrijving van de provinciale bevoegdheden', stelt het Rekenhof.

Schadeloosstelling

Minister van Binnenlands Bestuur Liesbeth Homans (N-VA) erkent in haar antwoord dat de regering haar oordeel op enkele vlakken heeft bijgesteld op basis van bijkomende informatie van de provincies. Zo zijn de provinciedomeinen provinciaal gebleven omdat ze zich vooral op recreatie en toerisme richten. Enkele instellingen zijn ook provinciaal gebleven omdat de regering finaal van oordeel was dat hun activiteiten buiten de persoonsgebonden bevoegdheden vielen, maar eerder betrekking hadden op bijvoorbeeld onderwijs (Suske en Wiskemuseum) of archeologie (de provinciale archeologische musea van Oost-Vlaanderen).

In het rapport stelt het Rekenhof nog dat de provincies voor de overgedragen instellingen niet de gepaste schadeloosstelling hebben ontvangen. Zo hebben ze geen compensatie gekregen voor de goederen die uit hun patrimonium zijn verdwenen. Volgens minister Homans was er wel een billijke schadeloosstelling.
  

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content