Kroniek van een aangekondigde rusthuiscrisis

©siska vandecasteele

Almaar meer wordt duidelijk dat de rusthuisbewoners het kind van de rekening worden bij deze coronacrisis. Door een gebrek aan beschermingsmateriaal en tests kunnen de woon-zorgcentra hen onvoldoende beschermen. ‘We voelen ons in de steek gelaten.’

Terwijl de verspreiding van het coronavirus stilaan onder controle begint te geraken - getuige het stagnerende aantal patiënten in de ziekenhuizen - wordt de situatie in de rusthuizen almaar zorgwekkender. Op zijn dagelijkse persconferentie moest viroloog Steven Van Gucht, die de overheid adviseert in de strijd tegen het coronavirus, dinsdag aankondigen dat tussen 1 en 4 april 241 doden zijn gevallen in de Vlaamse woon-zorgcentra. ‘Het gaat meestal om mensen van heel hoge leeftijd - 85 jaar of ouder - met onderliggende aandoeningen’, stelde hij. Met vertraging werden ze bij de slachtoffers geteld, waardoor in ons land nu al meer dan 2.000 mensen aan corona zijn gestorven.

In het Vlaams Parlement verklaarde minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V) dat 2.982 van de 80.000 Vlaamse rusthuisbewoners vermoedelijk besmet zijn geraakt met het coronavirus en 619 mensen zijn overleden. In een op de acht van de Vlaamse woon-zorgcentra is minstens 10 procent van de bewoners ziek, in drie rusthuizen zelfs meer dan de helft. Een lichtpuntje is dat in de helft van de rusthuizen nog niemand ziek is.

700
Terwijl overal wordt gezegd dat er nu volop tests plaatsvinden, moeten meer dan 700 woon-zorgcentra het nog altijd zonder tests doen.


Het afsluiten van de woon-zorgcentra voor bezoekers was een van de eerste maatregelen die de overheid bijna een maand geleden nam in de strijd tegen het coronavirus. De beslissing kwam er vanuit het besef dat vooral ouderen en mensen met een zwakke gezondheid zwaar door het virus worden getroffen en de kans groot is dat ze eraan sterven. Maar terwijl de ziekenhuizen in een recordtempo werden klaargestoomd om de coronacrisis op te vangen, gebeurde er nadien relatief weinig voor de woon-zorgcentra.


‘We voelen ons in de steek gelaten door de overheid’, zegt Dominique Roodhooft, die de leiding heeft over de Oost-Vlaamse woon-zorggroep Zorg-Saam, die meer dan 2.200 ouderen huisvest. Ze wijst erop dat bewoners, die afgesloten zijn van de buitenwereld, enkel besmet kunnen raken door het personeel. ‘Om die besmetting te vermijden, wilden we onze medewerkers graag chirurgische mondmaskers geven, maar die hebben we veel te laat gekregen.’

Koortsachtig

Anders dan de ziekenhuizen hebben de woon-zorgcentra nauwelijks beschermingsmateriaal in voorraad. Ze hebben geen ervaring met een epidemie als het coronavirus. De federale en de Vlaamse overheid bleken evenmin over zo’n voorraad te beschikken, waardoor ze op een moment dat heel de wereld koortsachtig naar die maskers zoekt de woon-zorgcentra niet uit de nood konden helpen. Vlaanderen, dat bevoegd is voor de rusthuizen, trok de internationale markt op en kon eind maart toch 5 miljoen chirurgische mondmaskers naar ons land krijgen. De kans dat iemand die zo’n masker draagt het virus verspreidt, is behoorlijk klein.

‘Op 24 maart zijn we beleverd, maar intussen heeft het virus zich in onze woon- zorgcentra kunnen verspreiden’, zegt Roodhooft. Daarenboven kregen de rusthuizen te horen dat ze de allerzwakste bewoners die met corona besmet raken niet meer naar het ziekenhuis mogen sturen. De kans dat ze herstellen is miniem en de inschatting is dat ze waardiger in het woon-zorgcentrum kunnen sterven. ‘Ik begrijp dat advies, maar dan moeten we wel over het juiste medische materiaal beschikken en dat hebben we niet.’

Ik voel me als eindverantwoordelijke niet in staat om het personeel en de bewoners voldoende te helpen, en dat is het gevolg van het beleid.
Dominique Roodhooft
Topvrouw Oost-Vlaamse woon-zorggroep Zorg-Saam


In contact met ernstig zieke coronapatiënten moeten zorgverstrekkers in principe beschermende FFP2-maskers dragen, die de ingeademde lucht filteren. Alleen is Vlaanderen er nog niet in geslaagd die aan de rusthuizen te bezorgen. Die gaan daarom bij ziekenhuizen om maskers smeken of proberen ze tegen woekerprijzen zelf op de kop te tikken. Daarenboven beschikken de woon-zorgcentra, die door een gebrek aan financiering vanuit de overheid sowieso al onderbemand zijn, over onvoldoende opgeleid personeel om stervende mensen te begeleiden. Roodhooft: ‘Onze mensen doen hun best, maar ze zijn met te weinig en dreigen er fysiek en psychisch aan onderdoor te gaan.’

Door het gebrek aan bescherming is het coronavirus in verschillende rusthuizen zich via het personeel en vervolgens ook via de bewoners gaan verspreiden. Bewoners met coronasymptomen worden geïsoleerd, maar ze kunnen zelden worden getest op het virus. ‘Daardoor weten we niet wie besmet is en wie niet’, zegt Roodhooft. ‘Dat is een gigantisch probleem. Mensen die symptomen hebben, maar niet besmet zijn, dreigen zo door contact met echte coronapatiënten wel besmet te geraken.’

Kind van de rekening

Intussen zijn 11.243 testkits gestuurd naar 85 Vlaamse woon-zorgcentra. Het gaat om de zwaarst getroffen centra en enkele met weinig gerapporteerde besmettingen, waarbij wordt nagegaan in welke mate het virus er aanwezig is. Meer dan 700 woon- zorgcentra moeten het dus nog altijd zonder tests doen. ‘Terwijl overal wordt gezegd dat er nu tests plaatsvinden in de woon- zorgcentra, merken wij daar nog altijd niets van’, zegt Roodhooft.

Door een gebrek aan beschermingsmateriaal en tests dreigen de rusthuisbewoners het kind van de rekening te worden. De politiek richtte in eerste instantie haar aandacht op het klaarstomen van de ziekenhuizen, waar ook een tekort aan materiaal dreigde en waarvoor te weinig tests ter beschikking waren. Niet onlogisch, want daar vindt de belangrijkste strijd tegen het virus plaats. Maar daardoor kwamen de rusthuizen wel in de kou te staan.
Door al die inspanningen en de strenge maatregelen voor social distancing heeft ons land allicht een overrompeling van de ziekenhuizen kunnen vermijden. De collateral damage is voor de rusthuizen. ‘Ik voel me als eindverantwoordelijke niet in staat om het personeel en de bewoners voldoende te helpen, en dat is het gevolg van het beleid’, besluit Roodhooft. ‘Er is beslist om ons onvoldoende beschermingsmateriaal te geven en geen tests uit te voeren. Dat is bijzonder wraakroepend.’ De dodentol van het coronavirus staat op iets meer dan 2.000. De vrees is dat er nog veel slachtoffers gaan vallen en dat een groot deel daarvan uit de woon-zorgcentra zal komen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud