interview

Muyters past voor nieuwe ministerpost

N-VA’er Philippe Muyters stopt na tien jaar als minister, maar blijft in het Vlaams Parlement zetelen. ©Emy Elleboog

Als N-VA-voorzitter Bart De Wever binnenkort zijn Vlaamse ministers kiest, hoeft hij Philippe Muyters niet meer te bellen. Na tien jaar Vlaams ministerschap is het voor de voormalige Voka-topman genoeg geweest. ‘Een ministerschap weegt op jezelf en je omgeving.’

De gang van zijn kabinet op het Martelaarsplein in Brussel hangt nog vol met gesigneerde sportshirts, maar in zijn kantoor zijn de muren al zo goed als kaal. De kaders met familiefoto’s zitten samen met de meeste van zijn persoonlijke spullen al in de verhuisdozen die netjes naast elkaar klaarstaan. Het is duidelijk dat Philippe Muyters (N-VA) afscheid neemt van zijn periode als Vlaams minister. Naar eigen zeggen heeft hij partijvoorzitter Bart De Wever al meer dan een jaar geleden zijn beslissing laten weten. Nu de Vlaamse regeringsonderhandelingen volop lopen (zie hiernaast), acht hij de tijd rijp om met zijn beslissing naar buiten te komen.

‘Als minister van Werk pleit ik ervoor dat mensen regelmatig nadenken over hun carrière. Toen de verkiezingen eraan kwamen, heb ik voor mezelf de afweging gemaakt of ik nog vijf of tien jaar minister wilde zijn. Toen kwam ik tot de vaststelling dat tien jaar voor mij voldoende is. Ik had een droomportefeuille met Economie, Innovatie, Werk en Sport. Ik heb dat met veel passie en plezier gedaan, maar het is goed dat er ook eens iemand anders die bevoegdheden beheert. En andere bevoegdheden spraken mij minder aan, want die zijn mijn specialiteit niet.’

Er zijn ditmaal ook veel kandidaatministers voor de N-VA waardoor u wellicht uit de boot zou vallen. Is dat niet de echte reden?

Philippe Muyters: ‘Nee, ik heb mijn keuze zelf gemaakt. Voor een deel is minister zijn zoals aan topsport doen. Het is bijzonder intensief. Dat weegt op je en op je omgeving. Je komt overal en ziet iedereen, maar ik ben ervan geschrokken hoe weinig je als minister nog je vrienden ziet. Een avond naar toneel of iets gaan eten werd iets uitzonderlijks. Als ik naar het voetbal ga kijken, word ik uitgenodigd. Toen mijn zoon me eens tickets voor een voetbalmatch van Antwerp cadeau gaf, lette hij erop dat het in de winter was. Met een muts op werd ik daar niet herkend. Als minister ben je voor een deel publiek bezit, en dat heb ik nooit fijn gevonden. Ook dat speelde mee bij mijn beslissing.’

Toen u in 2009 van Voka naar de politiek overstapte, werd u meteen minister. Was dat een moeilijke overgang?

Het was wellicht niet toevallig dat ik de eerste en enige minister ben tegen wie een motie van wantrouwen is ingediend.

Muyters: ‘Absoluut. Het verschil tussen het bedrijfsleven en de politiek is heel groot en ik heb dat met scha en schande ondervonden. Die overgang was moeilijk. De N-VA was toen nog een kleine partij zonder studiedienst. Toen Kris Peeters (de toenmalige Vlaamse minister-president, red.) zei dat de kabinetschefs de eerste ministerraad zouden voorbereiden, besefte ik dat ik op zoek moest naar een kabinetschef. En toen ik bloemen kreeg om me met mijn ministerschap te feliciteren, zat ik zelf aan de receptie om die te ontvangen omdat ik nog geen medewerkers had.’

Wat later kwam u door gelekte e-mails, waarin u volgens een medewerker in het Vlaams Parlement had gelogen, in een storm terecht. Kwam dat door uw gebrek aan politieke ervaring?

Muyters: ‘Ik kende de politieke geplogenheden niet en het was wellicht niet toevallig dat ik de eerste en enige minister ben tegen wie een motie van wantrouwen is ingediend. Dat was emotioneel heel moeilijk. Ik hecht veel waarde aan ethiek en opeens werd dat met krantentitels zoals ‘Muyters liegt weer’ publiekelijk in vraag gesteld. Geert Bourgeois en Bart De Wever hebben mij toen publiekelijk verdedigd en ik heb over de partijgrenzen heen veel steunbetuigingen gekregen.’

Als Voka-topman beoefende u de kunst van het vraagbare, als minister de kunst van het haalbare. Was dat soms frustrerend? 

Muyters: ‘Bij Voka was ik een van de roepers langs de zijlijn van het voetbalveld. Je kunt het spel misschien wel beïnvloeden, maar je kunt alleen scoren als je op het veld staat. Toen ik ruimtelijke ordening volgde, vroegen we de bouw- en milieuvergunning te integreren. Een kwarteeuw later heb ik als minister de omgevingsvergunning kunnen realiseren. Begin jaren negentig ging het al over duaal leren (een combinatie van studeren op de schoolbanken en meelopen in een bedrijf, red.). Nu zijn scholen en bedrijven op die kar gesprongen. Dat bewijst dat je zulke zaken alleen op het veld kunt realiseren.’

U blijft wel Vlaams Parlementslid. Wat hoopt u daar nog te realiseren? 

Muyters: ‘Ik wil me als parlementslid inzetten om de band tussen het bedrijfsleven en de politiek te verbeteren. Dat is weinig mensen gelukt. Ik ken beide werelden goed en hoop daarin een rol te spelen. Ik ben ook heel bewust opnieuw opgekomen. Van de lijstduwers die op 26 mei verkozen zijn, ben ik de enige die ook zal zetelen.’

Uw naam wordt ook genoemd voor een functie bij de Europese Investeringsbank en voor het voorzitterschap van het Vlaams Parlement. Zijn daar afspraken over?  

Muyters: ‘Als die vragen ooit komen, zal ik dat bekijken. Er zijn mij geen beloftes gedaan en ik ga me daar niet op voorhand over uitspreken. In eerste instantie zal ik mijn expertise inzetten voor de partij. Ik zit alvast in vijf werkgroepen voor de regeringsonderhandelingen.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect