analyse

N-VA plooit zich terug op Vlaanderen

Jan Jambon, die kandidaat-premier was voor de N-VA, wordt Vlaams minister-president. De Wever blijft burgemeester van Antwerpen en partijvoorzitter. ©BELGA

Door voor een Zweedse coalitie te kiezen en kandidaat-premier Jan Jambon Vlaams minister-president te maken wekt Bart De Wever de indruk dat hij het federale niveau loslaat. Het maakt de federale regeringsvorming nog moeilijker.

Groot was de verbazing toen Bart De Wever begin juli de pauzeknop indrukte voor de onderhandelingen rond de Vlaamse regeringsvorming. Hij wilde eerst garanties dat zijn potentiële coalitiepartners geen bedrog zouden plegen en federaal in bed zouden duiken met de PS. De demarche was volgens velen het bewijs dat de N-VA de federale onderhandelingen een kans wilde geven en het federale niveau niet wilde lossen.

Die garanties heeft De Wever nog altijd niet. Toch kiest hij eieren voor zijn geld. Hij besliste met CD&V en Open VLD onderhandelingen te beginnen voor de vorming van een Vlaamse regering die een heruitgave is van de Zweedse coalitie. Jan Jambon, die kandidaat-premier was voor de N-VA, wordt bovendien Vlaams minister-president. De Wever blijft burgemeester van Antwerpen en partijvoorzitter.

Het wekt de indruk dat de N-VA zich achter de muren van Vlaanderen terugtrekt en met een sterke Vlaamse regering de komende jaren op de federale regering wil inbeuken. Maar bij de N-VA wordt dat ontkend. Het blijft de bedoeling ook federaal mee te besturen, luidt het. Dat De Wever de federale onderhandelingen zal leiden, moet bewijzen dat het de partij menens is. Maar nu de Vlaamse regering in de steigers staat, zal de appetijt om in een federale regering te stappen bij de N-VA nog minder groot zijn. De eis om te onderhandelen over de invoering van confederalisme zal nog harder worden verdedigd.

We kunnen Vlaanderen toch niet onbestuurbaar laten.
Bart De Wever
N-VA-voorzitter

Als verdediging voor het versnellen op Vlaams niveau en het de facto loskoppelen van de Vlaamse en de federale formatie verwijst De Wever naar de federale onderhandelingen, ‘die nog nergens staan’. ‘Er heeft nog geen enkel gesprek van belang plaatsgevonden. We kunnen Vlaanderen toch niet onbestuurbaar laten’, was zijn boodschap.

Utopie

De Zweedse keuze van De Wever op Vlaams niveau is een streep door de rekening van de federale informateurs Johan Vande Lanotte (sp.a) en Didier Reynders (MR). Zij hoopten dat De Wever een Bourgondische regering - met de N-VA, Open VLD en de sp.a - zou vormen, die dan zou kunnen worden doorgetrokken op federaal niveau. Zo’n Bourgondische regering heeft federaal een meerderheid, een Zweedse regering niet.

Maar een Bourgondische coalitie zag De Wever niet zitten, ook al bracht hij die op de been in Antwerpen. Op Vlaams niveau heeft ze een te krappe meerderheid, waardoor het risico te groot was dat het een wankele regering zou worden. De Wever koos dus voor Zweeds-bis omdat dat volgens hem de coalitie is die de meeste ‘samenhang’ kan tonen.

In principe kan de Zweedse coalitie federaal worden aangevuld met de MR en de PS, de partijen die wellicht de Waalse regering vormen. Dat zou dan een afspiegelingsregering zijn, bestaande uit de N-VA, CD&V, Open VLD, de PS en de MR.

Maar PS-voorzitter Elio Di Rupo deed die deur maandag al dicht. Hij wees de optie af om samen met de Zweedse partijen in een regering te stappen. ‘Zich inbeelden dat de PS een federale coalitie met de gewezen partners van de Zweedse coalitie zal aanvullen of depanneren is een utopie’, liet Di Rupo via Twitter weten. ‘Wij respecteren de keuze van Bart De Wever in Vlaanderen. Maar ik wil duidelijk zijn. De PS wil een socialer en eerlijker beleid, ook op federaal niveau.’

Twee opties

Er blijven federaal bijgevolg twee opties over: alsnog een Bourgondische regering vormen, of een Bourgondische regering aangevuld met CD&V. In het eerste scenario moet de sp.a worden overtuigd om toe te treden tot een federale regering, terwijl ze Vlaams in de oppositie zit.

Als dat lukt, moeten de N-VA en de PS nog worden overtuigd om met elkaar in zee te gaan. Om de PS te overtuigen met de N-VA in een regering te stappen, wordt niet uitgesloten dat ook de ‘linksere’ CD&V zou toetreden tot een Bourgondische coalitie. Maar in dat geval zijn er vier Vlaamse partijen, waarvan er één overbodig is. En dat is niet evident.

De N-VA zal alleen in een federale regering stappen als dat een confederale regering is. En dat is net wat de Franstalige socialisten niet willen.

Het ziet er dus naar uit dat we nog lang moeten wachten op een federale regering. Zolang er geen externe druk komt zoals in 2011, toen de financiële markten de onderhandelaars dwongen een regering te vormen, zal een federale regering op zich laten wachten. Die externe druk kan er wel komen als blijkt dat de brexit en de escalerende handelsoorlog ons land in een recessie doen belanden. Wie weet komt er dan een tijdelijke noodregering. Want nieuwe verkiezingen wil geen enkele partij, behalve het Vlaams Belang.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect