Zonnepanelen even populair als in gouden subsidiejaren

De investeringsmaatschappij LRM nam vorig jaar in Lommel het grootste zonnepark van de Benelux in gebruik. ©Photo News

De verkoop van zonnepanelen bereikte vorig jaar weer het niveau van voor het einde van de riante subsidies in 2012. Vooral bedrijven tekenden een forse groei op.

Omdat zonnepanelen almaar goedkoper worden, is het ook zonder subsidies interessant geworden erin te investeren. 53.000 Vlaamse gezinnen plaatsten in 2019 zonnepanelen op hun dak, het hoogste aantal sinds in de zomer van 2012 een einde kwam aan de aantrekkelijke subsidies voor particulieren. Dat blijkt uit cijfers die De Tijd opvroeg bij minister van Energie Zuhal Demir (N-VA).

Bram Claeys, de topman van de Organisatie voor Duurzame Energie (ODE), ziet meerdere redenen voor de comeback. ‘De prijs van zonnepanelen blijft dalen. Wie er voor eind 2020 legt, kan bovendien nog vijftien jaar gebruikmaken van de terugdraaiende teller.'

'Ook zonder certificaten kan je zo een mooi rendement halen. Een derde impuls komt van de energieprestatieregelgeving, waardoor het voor nieuwbouw bijna standaard is zonnepanelen te plaatsen.’

Grote zonneparken

In totaal kwam er in 2019 voor 361 megawatt aan zonnepanelen bij in Vlaanderen. Gezinnen legden voor zo’n 200 megawatt nieuwe panelen op hun dak, het hoogste totale vermogen sinds 2012 maar een toename van minder dan 1 procent tegenover het jaar voordien.

Bedrijven tekenden een fors hogere groei op. Ze bouwden vorig jaar meer dan 500 zonneparken. Met een gezamenlijk vermogen van 160 megawatt gaat het om een verviervoudiging tegenover het jaar voordien.

Het is geen prioriteit lucratieve investeringen nog rendabeler te maken.
Zuhal Demir
Vlaams minister van Energie

In tegenstelling tot particulieren krijgen grotere zonneparken wel nog groenestroomcertificaten. Een particulier die tussen 2006 en 2012 zonnepanelen plaatste, krijgt voor iedere geproduceerde megawattuur 210 tot 450 euro subsidie.

De grootste nieuwe bedrijfsinstallatie is het Kristal Solar Park in Lommel, dat in juli in gebruik werd genomen door de Limburgse investeringsmaatschappij LRM en Engie Electrabel. Het grootste zonnepark van de Benelux, met een capaciteit van 100 megawatt (waarvan 75 MW meetelt voor 2019), levert groene stroom aan de zinkgroep Nyrstar.

Een tweede groot project komt van Eneco, dat in Gent voor 10,2 megawatt zonnepanelen legde op het dak van de staalproducent Arcelor Mittal.

Demir noemt de toename in grote installaties een belangrijke doorbraak voor Vlaanderen. ‘Een sneeuwbaleffect bij ondernemingen is onmiskenbaar om onze ambities waar te maken.’ Toch is de minister niet van plan bedrijven subsidies te blijven toekennen. In het regeerakkoord is overeengekomen tegen 2025 geen certificatensteun meer toe te wijzen.

Demir zette in oktober een eerste keer het mes in de overheidssteun. De kleinere bedrijfsinstallaties tot 125 zonnepanelen krijgen sinds dit jaar geen subsidie meer. ‘Alle subsidies die we geven, komen terug in de energiefactuur van de mensen’, zegt Demir. ‘We moeten dat tot een minimum beperken. Het is geen prioriteit lucratieve investeringen nog rendabeler te maken.’

Einde terugdraaiende teller

Met de dalende steun voor bedrijven en een nieuw regime voor particulieren is de vraag hoelang de groei in de zonnepanelenmarkt blijft duren. Voor dit jaar wordt nog een toeloop verwacht omdat 2020 voor particulieren de laatste kans is om te genieten van de terugdraaiende teller. Die laat zonnepaneleneigenaars toe om de stroom die ze in de zomer op het net zetten er in de schaarse wintermaanden weer af te halen zonder dat ze daarvoor extra nettarieven betalen.

3.165
Megawatt
Vlaanderen telt 3.165 megawatt aan zonnepanelen.

Maar met de komst van de digitale meter verdwijnt volgend jaar het gunstige regime. Zonnepanelen worden daardoor minder interessant voor wie er niet in slaagt overdag een flink deel van zijn opgewekte stroom zelf te verbruiken. Verschillende installateurs voeren al campagne met de boodschap dat het de laatste kans is om nog van de terugdraaiende teller te genieten.

Over hoe het na dit jaar verder moet, heerst nog onduidelijkheid. Over de regeling met de terugdraaiende teller loopt een rechtszaak bij het Grondwettelijk Hof. ‘We hopen dat er snel een goed systeem in de plaats komt, bijvoorbeeld met een beperkte investeringssteun’, zegt Claeys.

‘Het zal niet lang meer duren voor ook zonder terugdraaiende teller investeringen in zonnepanelen een mooi rendement opleveren, maar in de tussentijd willen we een alternatief. Het mag niet de bedoeling zijn dat de sector eerst weer door een crisis gaat, zoals in 2012 het geval was na het wegvallen van de groenestroomcertificaten.’

Vlaanderen telt in totaal voor 3.165 megawatt aan zonnepanelen. Als die allemaal tegelijk op volle capaciteit zouden draaien, leveren ze ongeveer het vermogen van drie kerncentrales.

Van alle zonnepanelen ligt zo’n 60 procent op daken bij mensen thuis en 40 procent zijn grotere zonneparken bij bedrijven. De factuur van de groenestroomcertificaten bedroeg vorig jaar 1,1 miljard euro, waarvan zo’n 750 miljoen voor zonne-energie.

Het kabinet-Demir benadrukt dat het aantal geregistreerde zonnepanelen voor 2019 nog kan oplopen. Het duurt enkele maanden voor alle gegevens verwerkt zijn. Voor 2018 kwam achteraf 40 megawatt boven op de voorlopige cijfers. Demir verwacht dat het eindtotaal voor 2019 oploopt tot 400 megawatt aan nieuwe zonnepanelen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud