analyse

Spaanse kiezer legt de kaarten moeilijk

Spanje zei zondag 'sí' aan de verandering. ©AFP

De Spanjaarden hebben het politieke landschap grondig door elkaar geschud. Besturen belooft de volgende jaren een heel karwei te worden.

Spanje ontwaakt maandag in een nieuw land. Het tweepartijenstelsel, dat conservatieven en socialisten de afgelopen vier decennia afwisselend liet regeren, is niet meer.

Twee nieuwe partijen, de linkse anti-establishmentpartij Podemos (We kunnen) en de centrumpartij Ciudadanos (Burgers), zijn erin geslaagd de gevestigde orde te doorbreken. Het Spaanse politieke landschap is meer dan ooit versplinterd. 

De fragmentering komt niet als een verrassing. Bij de regionale en lokale verkiezingen eind mei dit jaar waren de nieuwkomers er ook al in geslaagd in verschillende regiobesturen en gemeenteraden in te breken. 

De versplintering op nationaal niveau heeft grote gevolgen. Geen enkele partij heeft nog een volstrekte meerderheid in het parlement. Van regeren op automatische piloot is voortaan geen sprake meer. En politieke stabiliteit is evenmin nog vanzelfsprekend.

De Spaanse politici zien zich verplicht een coalitieregering te vormen. Als ze daarin niet slagen, zullen ze thema per thema op zoek moeten naar partners en pacten moeten sluiten. 

Een gemakkelijke oefening wordt dat niet. In Spanje bestaat de traditie van coalitievorming niet. Maar toch gelden voortaan nieuwe marsorders in Madrid: de dialoog voeren en de consensus zoeken. 

In welke positie stappen de verschillende partijen dat nieuwe politieke tijdperk in? Een overzicht.

1. Conservatieven halen Pyrrusoverwinning

De conservatieve Partido Popular (PP, Volkspartij) van aftredend premier Mariano Rajoy, blijft de grootste fractie in het parlement. Maar daar houdt het goede nieuws zowat op voor de partij.

Rajoy en co krijgen een oplawaai van jewelste. In 2011 kregen ze nog de steun van 44,62 procent van de kiezers. Dat resultaat - het beste ooit - leverde hen destijds 186 zetels op. 

Na de verkiezingen van zondag houdt de PP nog ruim 28 procent van de stemmen, of 123 vertegenwoordigers, over. Dat is het slechtste resultaat sinds 1989, toen ze op de oppositiebankjes belandden.

De klap komt niet als een verrassing. Rajoy zette de Spanjaarden de afgelopen vier jaar op een zwaar dieet. Door het sanerings- en hervormingsbeleid verloren honderdduizenden mensen hun job, groeide de armoede en de ongelijkheid in de maatschappij en boette de sociale dienstverlening aan kwaliteit in.

PP-leider Mariano Rajoy. ©REUTERS

Donkere wolken pakten zich ook samen boven de PP. Verschillende leden van de conservatieve partij - onder wie de penningmeester - raakten verstrikt in gerechtelijke onderzoeken naar corruptieschandalen

In de ogen van heel wat Spanjaarden was premier Rajoy vervreemd van de realiteit. De Galiciër sloot zich bijna vier jaar lang op in La Moncloa, zijn ambtswoning in Madrid. Het vuile werk - de aankondiging van de zware besparings- en hervormingsmaatregelen - liet hij meestal over aan vicepremier Soraya Sáenz de Santamaría.

De afgelopen weken poogde Rajoy de band met de Spanjaarden te herstellen. Hij ging veelvuldig de boer op, roerde in immense paellapannen, wisselde 'high fives' uit met kleine kinderen en ging op de foto met hipsters.

Maar dat charmeoffensief lijkt de Spanjaarden niet overtuigd te hebben. Rajoy mag wellicht nog wel eerst proberen om een regering op de been te brengen. Maar hij zit in een enorm moeilijke positie.

De premier maakte de afgelopen jaren weinig of geen vrienden in het parlement. Hij weigerde elke dialoog met de oppositie en deed een beroep op zijn volstrekte meerderheid om maatregel na maatregel door het parlement te jagen.

Die tactiek zou zich nu wel eens tegen hem kunnen keren in zijn zoektocht naar coalitiepartners. Met de PSOE staat hij op erg gespannen voet. Ciudadanos heeft geen zin om in een regering te stappen met een partij die door een corruptiesfeer omgeven wordt. En de kloof met Podemos is ideologisch te groot.

Om aan een tweede mandaat te kunnen beginnen, moet Rajoy erop rekenen dat verschillende partijen zich onthouden bij de stemming over de installatie van de nieuwe regering. Daarna zou hij thema per thema op zoek kunnen gaan naar partners.

Als Rajoy er niet in slaagt voldoende steun te vinden, wordt hij de eerste premier sinds de terugkeer van de democratie eind jaren 70 die geen tweede mandaat in de wacht sleept. Grijpt de Galiciër naast het premierschap, is de kans groot dat hij zich terugtrekt. Rechterhand Sáenz de Santamaría zou dan wel eens de leiding van de PP op zich kunnen nemen. De PP speelde de 44-jarige advocate de voorbije weken al prominent uit in de verkiezingscampagne.

2. Socialisten redden tweede plek

Na het zware saneringsbeleid van de voorbije jaren en de stortvloed aan corruptieschandalen bij de PP hadden de socialisten erop gehoopt het weer tot grootste partij van het land te kunnen schoppen. Maar leider Pedro Sánchez bijt in het zand.

Het kopstuk van de PSOE had het de voorbije weken niet onder de markt. Podemos viel hem voortdurend langs de linkerzijde aan terwijl Ciudadanos centrumkiezers van de socialisten poogde af te snoepen. 

Sánchez kreeg wel vaker de kritiek met een erg vaag project naar de kiezer te trekken. Hij gaf aan het beleid van de PP te willen omgooien, maar concrete voorstellen deed hij zelden. Hij hoopte dat de herinnering aan het goede dat vorige socialistische premiers voor het land gedaan hadden, zou volstaan om de kiezers in zijn armen te drijven.

Pedro Sánchez, de leider van de socialisten. ©REUTERS

Maar dat bleek ijdele hoop. De socialisten haalden slechts 90 zetels binnen. Dat is hun slechtste resultaat ooit. De vraag luidt of Sánchez de verkiezingsuitslag overleeft. Sinds zijn verkiezing tot socialistisch leider lag hij in eigen rangen voortdurend onder vuur.

Voor aanvang van de stembusslag waren analisten het erover eens dat de Madrileen een onmiddellijke rebellie in zijn eigen partij zou kunnen vermijden als de PSOE de tweede partij zou blijven, niet onder 20 procent van de stemmen zou zakken en op zijn minst 90 zetels zou halen.

Aan die drie voorwaarden heeft Sánchez voldaan. Als hij een 'coalitie van verliezers' op de been zou weten te brengen, kan hij op korte termijn wellicht een interne crisis vermijden. Sánchez gaf zondagavond wel aan dat de PP als grootste partij eerst aan zet komt bij de regeringsvorming.

3. Podemos doet beter dan verwacht

De partij van Pablo Iglesias begon in vierde positie aan de verkiezingscampagne. Volgens de peilingen van ruim twee weken geleden zou Podemos tevreden moeten zijn met 11 procent van de stemmen.

Maar de partij die groeide uit de beweging van de 'indignados' (verontwaardigden), pakte uit met een sterke campagne. Kopstuk Iglesias presteerde sterk in de debatten met zijn rechtstreekse rivalen voor het premierschap. En de populaire burgemeester van Barcelona, Ada Colau, trok mee op campagne.

Pablo Iglesias, de leider van Podemos. ©REUTERS

Samen wisten ze de 'indignados' van weleer blijkbaar weer te mobiliseren. Want de partij sleepte zowat 20 procent van de stemmen, of 69 zetels, in de wacht. In Catalonië en Baskenland kroonde ze zich tot grootste. 'Vandaag is een nieuw Spanje geboren. We beginnen aan een nieuwe politieke etappe', zei Iglesias zondagavond.

De vraag is of Podemos aan besturen gaat toekomen met dat resultaat. Tijdens de campagne gaven de drie andere grote partijen aan niet met Iglesias en co te willen regeren omdat ze 'te radicaal' zouden zijn. Maar misschien gooit de PSOE dat bezwaar wel overboord als de partij de kans ruikt om de PP van de macht te verdrijven.

4. Ciudadanos blijft onder de verwachtingen

De van oorsprong Catalaanse partij Ciutadans besliste een jaar geleden in te zetten op een doorbraak op nationaal niveau. Bij de regionale en lokale verkiezingen eind mei dit jaar stak de partij, die op nationaal niveau Ciudadanos ging heten, al een eerste keer de neus aan het venster. In verschillende regio's en gemeente hielp ze andere partijen aan een werkbare meerderheid.

Bij de Catalaanse verkiezingen van eind september gaven de kiezers de partij een opsteker. Ciutadans zette een erg puike prestatie neer. Leider Albert Rivera ging daarop hardop dromen van het Spaanse premierschap.

Het zag er ook lange tijd goed uit voor Ciudadanos. In de nationale peilingen steeg de partij, met haar discours voor verandering, erg snel naar de tweede plek . De Spanjaarden gaven ook meermaals aan in Rivera de ideale premier te zien. 

Albert Rivera, de leider van Ciudadanos. ©REUTERS

Maar de campagne liep niet helemaal volgens plan voor de 36-jarige Catalaan. In enkele debatten met andere kandidaat-premiers kwam hij soms zenuwachtig en wat onzeker over terwijl Pablo Iglesias - die andere vertegenwoordiger van de nieuwe politiek - zijn boodschap op een heldere, overtuigende manier wist over te brengen.

Desalniettemin toonde Rivera zich zondagavond niet ontevreden met de 40 zetels die zijn partij veroverde. 'Dit is een historische dag voor de Spaanse democratie. We beginnen aan een nieuwe etappe, een etappe van hoop', luidde het.

Rivera zag in het resultaat de eis om verandering weerspiegeld. 'Wij gaan beslissend zijn voor de vorming van coalities in Spanje', stelde de leider van Ciudadanos. Hij gaf aan vanuit de oppositie initiatieven te willen nemen om de grondwet, de onderwijswet, de arbeidsmarkt en de verkiezingswet te hervormen. Het blijft afwachten of hij voor die voorstellen bondgenoten vindt.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud