Europa werkt in stilte aan belastingrevolutie

Met de zogenaamde Google-taks wil de Europese Commissie een taks van 3 procent heffen op de omzet van internetbedrijven in elk Europees land. ©Photo News

Europa is in alle stilte bezig het belastingregime voor bedrijven aan te passen aan de 21ste eeuw. ‘Dat moet bij veel bedrijven nog doordringen’, zegt Kris Lievens, partner bij de consultant KPMG.

Buiten het licht van de schijnwerpers doet Europa een poging om het belastingregime voor bedrijven te hertekenen. De Europese Commissie neemt het voortouw in de strijd om alle ondernemingen een eerlijk deel van de belastingen te laten betalen. ‘Het is verbazend dat die ontwikkelingen zo weinig aandacht krijgen’, stelt Lievens.

Het stuit de Commissie tegen de borst dat grote Amerikaanse internetbedrijven als Google, Apple, Facebook en Amazon sneller groeien dan ‘gewone’ multinationals en de activiteiten van klassieke bedrijven dooreenschudden, maar zelf nauwelijks belastingen betalen op hun digitale diensten in Europa.

Dat komt omdat ze niet in alle landen een hoofdkantoor hebben. De vennootschapsbelasting werkt nu eenmaal op basis van een fysieke aanwezigheid in een land.

Digitale aanwezigheid

Google-taks nog niet voor morgen

De invoering van een Google-taks lijkt nog niet voor morgen. Eerst moeten alle lidstaten van de Europese Unie op één lijn staan voor zo’n taks ingevoerd kan worden. Vooral Frankrijk blijft pushen om nog dit jaar een Google-taks in te voeren in de hele EU. Ook onder meer Spanje en Italië zijn daarvoor gewonnen. Maar onlangs bleek nog dat niet alle landen ervoor te vinden zijn.

Onder meer Ierland, Luxemburg, Malta en Nederland pleiten voor een wereldwijde aanpak om te garanderen dat grote internetbedrijven en digitale platformen eerlijke belasting betalen. Ook Duitsland, dat initieel gewonnen was voor de omzetbelasting, lijkt nu terug te krabbelen. Berlijn vreest dat Duitse techbedrijven, zoals het shoppingplatform Zalando, getroffen zullen worden, en dat de Europese ingreep internationale fiscale represailles zal teweegbrengen die de Duitse export ondermijnen.

De Commissie lanceerde daarom twee voorstellen. Op lange termijn is het de bedoeling dat de bedrijven niet langer belast worden volgens hun fysieke, maar wel op basis van hun digitale aanwezigheid in een land. En dat heeft niet alleen gevolgen voor de digitale bedrijven. Op termijn verwacht Lievens dat ook bedrijven die niet tot de digitale economie gerekend worden, maar wel meer en meer online diensten verstrekken, geconfronteerd zullen worden met nieuwe regels. ‘Dat moet bij veel bedrijven nog doordringen.’

Op korte termijn - mogelijk al tegen eind dit jaar - wil de Europese Commissie een taks van 3 procent heffen op de omzet van internetbedrijven in elke Europees land, de zogenaamde Google-taks. De taks kan volgens ramingen van de Commissie jaarlijks 5 miljard euro opbrengen. Dat geld moet dan nog verdeeld worden onder de lidstaten. Alle lidstaten moeten hun zegen geven voor zo’n taks er kan komen. Daarom is het twijfelachtig of de Google-taks er snel komt (zie inzet).

Zo’n Europese taks moet vermijden dat lidstaten op eigen houtje een digitale taks gaan invoeren, een idee waar onder meer Italië mee speelt.

De Europese taks geldt enkel voor de grote jongens, die jaarlijks wereldwijd ruim 750 miljoen euro omzet boeken en 50 miljoen euro inkomsten genereren in Europa.

Weeffouten

Lievens ziet een aantal weeffouten in het initiatief van de Europese Commissie. ‘Europa focust op digitale ondernemingen die welbepaalde online diensten aanbieden zoals bijvoorbeeld de verkoop van online advertenties. Maar het gaat bijvoorbeeld niet om de Alibaba’s (de Chinese e-commercegigant, red.) van deze wereld die fysieke goederen verkopen. Moeten die ook geen eerlijk deel van de belastingen betalen?’

Een tweede probleem volgens Lievens is dat Europa alle digitale ondernemingen over dezelfde kam scheert. ‘Europa wil bedrijven belasten op basis van de aanwezige gebruikers in een land. Daarbij gaat het ervan uit dat de belangrijkste waarde wordt gecreëerd door de eindgebruikers. Maar vaak wordt de waarde niet in dat land gecreëerd, maar in het land waar het bedrijf zijn onderzoeksactiviteiten ontwikkelt. Daar worden de algoritmes bedacht die voor inkomsten zorgen.’

Lievens vraagt zich voorts af of de nieuwe taks die Europa wil invoeren eerlijk is. ‘Een bedrijf met een hoge omzet dat verlies draait betaalt meer dan een bedrijf met een lage omzet dat winst maakt. Is dat logisch?’

Dubbel belast

Waarom geldt de Google-taks niet voor de Alibaba’s van deze wereld?
kris lievens
partner kpmg

Voorts waarschuwt hij ervoor dat bedrijven twee keer belast dreigen te worden. Een keer in het land waar ze gevestigd zijn en een keer op de omzet in de verschillende lidstaten waar ze aanwezig zijn. ‘Om dubbele belasting te vermijden verwacht Europa dat de lidstaten toelaten dat de betaalde belasting als een beroepskost kan worden afgetrokken. Maar dat wordt niet verplicht en dus afhankelijk van de goodwill van de lidstaten. Het risico op een dubbele belasting blijft dus reëel.’

Als Europa een oplossing vindt voor die weeffouten kan een Google-taks er wel degelijk komen, gelooft Lievens. Al zou het volgens hem nog beter zijn dat zo’n maatregel wereldwijd wordt ingevoerd. ‘Online ondernemingen werken per definitie in heel de wereld.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud