Schuldentruc als uitweg uit de crisis

De coronapandemie en de beperkende maatregelen hebben de overheidsschuld van Griekenland doen stijgen naar 200 procent van het Griekse bruto binnenlands product. ©Bloomberg

Schuldentruc als uitweg uit de crisis Het lijkt het ei van Columbus: annuleer de schulden van de Europese lidstaten bij de ECB. Met de extra financiële ruimte kunnen ze de grote uitdagingen, zoals de klimaattransitie, aanpakken. Het voorstel stuit echter op economische, juridische en politieke obstakels.

Laat de Europese Centrale Bank (ECB) een streep halen door de 2.800 miljard euro schuldpapier van de overheden van de eurolanden dat ze in portefeuille heeft. Het gaat om een kwart van hun schulden. Dan krijgen die landen meer financiële ruimte om de klimaattransitie te financieren en om de economische, sociale en culturele schade van de coronapandemie te herstellen.

Dat bepleiten enkele Franse economen al enkele maanden. Ze herhaalden hun pleidooi vorige week in een opiniestuk in de krant Le Monde, dat mee ondertekend werd door zowat 150 economen, politici en leiders van sociale organisaties uit 13 Europese landen. Onder anderen de bekende Franse econoom Thomas Piketty zette er zijn handtekening onder. Ook de Belgische PS-voorzitter Paul Magnette, Jean-François Tamellini, de algemeen secretaris van het Waals ABVV, en enkele economen en sociale wetenschappers uit Franstalig België behoren tot de ondertekenaars.

22%
Bijna een kwart van de Belgische schuld is in handen van de ECB.

Gebukt onder de schulden

Waarover gaat het? De coronapandemie heeft de economie in een diepe recessie gestort en de belastinginkomsten van de overheden aanzienlijk doen teruglopen. Tegelijk hebben de regeringen zware financiële steun gegeven aan gezinnen, bedrijven en organisaties zodat die de crisis overleven. Samen heeft dat een forse impact op de overheidsfinanciën. De overheidsschulden en begrotingstekorten zijn sterk gestegen.

Door de extreem lage rente, mee het gevolg van het beleid van de ECB, is de
financiering van die extra begrotingstekorten en overheidsschulden tot dusver geen probleem. Maar de hoge schuldgraad beperkt stilaan de bewegingsruimte van de regeringen om nog bijkomende grote uitgaven te doen, onder meer om de omslag te maken naar een duurzamere economie.

Het probleem stelt zich vooral in landen die voor de pandemie al een hoge schuldgraad hadden. In Griekenland is de overheidsschuld opgelopen tot 200 procent van het bruto binnenlands product (bbp), in Italië is dat 154 procent, in Frankrijk 117 procent en in België 113 procent. In Nederland (56%) en Duitsland (70%) is de situatie minder dramatisch. Ter herinnering: het verdrag van Maastricht schrijft voor dat de eurolanden een schuldgraad van hoogstens 60 procent van het bbp
mogen hebben.

ECB heeft de sleutel

Een belangrijk deel van dat schuldpapier is in handen van de ECB. Als deel van haar monetair beleid koopt die overheidsobligaties op, om de rente laag te houden en om extra liquiditeiten in de economie te pompen. Dat Public Sector Purchase Programme (PSPP) werd vorig jaar aangevuld met een extra aankoopprogramma om de economische coronapandemie te counteren, het Pandemic Emergency Purchase Programme (PEPP).

Europa kan het zich niet langer veroorloven te worden geblokkeerd door zijn eigen regels.
150 economen, politici en leiders van sociale organisaties

De ECB hanteert een verdeelsleutel gebaseerd op de participatie van de eurolanden in het kapitaal van de ECB, hun economische groei en hun inwonertal. Het gaat voor 26 procent om Duits schuldpapier, voor 20 procent om Franse overheidsobligaties, voor 17 procent om Italiaanse schulden en voor 3,6 procent om Belgisch schuldpapier.

In beide programma’s heeft de ECB in totaal al voor ruim 2.800 miljard euro overheidspapier gekocht, waarvan 113 miljard euro schuldpapier van Belgische overheden. Dat betekent dat 22 procent van de Belgische schuld bij de ECB zit.

Als de schulden van de eurolanden die op de balans van de ECB staan geschrapt worden, wordt hun schuldenlast in één klap een heel stuk verlicht, en krijgen de landen financiële ruimte voor nieuwe initiatieven.

Die schulden zijn echter niet alleen in handen van de ECB zelf, maar vooral van de nationale centrale banken in de eurolanden die samen met de ECB in Frankfurt het Eurosysteem vormen.

Technisch kan het

Kunnen schulden op de balans van de ECB zomaar geschrapt worden? Technisch is dat mogelijk. De waarde van de overheidsobligaties op de balans van de centrale banken en de ECB wordt dan tot nul herleid. Die waardevermindering zal een zware impact hebben op het eigen vermogen van de instellingen en het zelfs negatief maken.

Onoverkomelijk is dat niet. De ECB en de centrale banken zijn geen gewone bedrijven. Ze kunnen zelf geld creëren. Het gaat erom dat de centrale banken hun geloofwaardigheid op de financiële markten niet op de helling mogen zetten. Dat is
in se geen probleem, omdat ze de overheid als aandeelhouder hebben. Die staat
garant. De eurozone is bovendien een sterke economie, ook daaraan ontlenen de centrale banken credibiliteit.

Economische pro’s en contra’s

Rechtstreeks heeft het schrappen van de schulden geen grote consequenties. De ECB en de centrale banken maken deel uit van de overheid in brede zin. Die overheidsschuld zit dus bij de overheid zelf.

Het schrappen van de schuld betekent dat de centrale banken hun inkomsten daaruit - de rentecoupon - verliezen. Omdat een flink deel van de winst van de centrale banken naar de overheid vloeit, verliest die daarbij ook. Maar door de lage rente zijn de inkomsten niet geweldig hoog. Bovendien liggen de gederfde inkomsten in de balans met het grote gewin op korte termijn dat de overheden kunnen boeken door de schuldkwijtschelding.

Het gevaar bestaat wel dat zo’n operatie een schok veroorzaakt op de financiële markten. Privébeleggers - institutionele en andere - in schuldpapier van de overheid, kunnen vrezen dat zij als volgende aan de beurt zijn. Ze zullen dan een hogere risicopremie eisen, wat impliceert dat het voor de overheden duurder wordt om zich te financieren.

Een ander mogelijk gevolg is dat zo’n grote schuldverlichting ertoe leidt dat de overheden de discipline in hun overheidsfinanciën helemaal laten varen. En dat ze de nieuwe ruimte die ze erdoor krijgen gebruiken voor consumptieve uitgaven en cadeautjes voor de kiezers, in plaats van voor investeringen die de economie structureel versterken. Dan wordt het een slag in het water.

Er is bovendien een belangrijk juridisch obstakel. Het Europees verdrag en de statuten van de ECB bevatten een verbod op directe financiering van overheden via de geldpersen van de ECB en de nationale centrale banken.

De initiatiefnemers argumenteren dat het verbod alleen geldt voor directe aankopen van schuldpapier en niet spreekt over kwijtschelding ervan. Maar volgens ECB-voorzitster Christine Lagarde is dat juridisch geneuzel. ‘Nee’, antwoordde ze categoriek, toen ze in een Frans tv-programma de vraag kreeg of schuldenkwijtschelding door de ECB kan. Met het opkopen van overheidsobligaties bewandelt de ECB al een gevaarlijk juridisch pad omdat het neigt naar directe financiering van overheden. Veel verder kan ze niet gaan. Het Duits Grondwettelijk Hof waarschuwde vorig jaar in een opmerkelijkarrest dat de ECB haar boekje daarmee te buiten dreigt te gaan.

Geen politieke consensus

‘Europa kan het zich niet langer veroorloven systematisch te worden geblokkeerd door zijn eigen regels’, zeggen de initiatiefnemers. Ze willen dat de ECB en de lidstaten een pact sluiten dat een aanpassing van het ECB-verdrag inhoudt. Maar het is een illusie dat noordelijke lidstaten als Duitsland en Nederland, die minder gebukt gaan onder de schuldenlast, daarmee zullen instemmen om een schuldkwijtschelding mogelijk te maken.

Het voorstel is voorbarig. De hoge overheidsschuld is op dit ogenblik geen probleem en de overheden kunnen nieuwe projecten goedkoop financieren door de extreem lage rente. Bovendien heeft de Europese Commissie een herstelfonds van 750 miljard euro in de steigers gezet om de economieën in de lidstaten uit het coronadal te helpen en de omslag te maken naar een duurzamere en klimaatvriendelijkere economie. Het is een inspanning die de schulden van de lidstaten niet meteen bezwaart.

Maar de lidstaten zullen hun schulden nog lang meeslepen. Ze kunnen met nieuwe uitdagingen en uitgaven geconfronteerd worden, waardoor die schuldenlast op een bepaald ogenblik wel een probleem kan worden, zeker als de rente stijgt. ‘Dan kan een of andere vorm van schuldkwijtschelding wel nodig zijn’, zei ING-econoom Carsten Brzeski onlangs. ‘Ofwel door directe schrapping van de schulden bij de ECB, ofwel door de schulden om te zetten in eeuwigdurende obligaties met een nulrente.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud