interview

‘We moeten minder naïef zijn'

Charles Michel: 'Ik ben een politicus en ik blijf dat. Ik ga mezelf niet verbieden te spreken als ik het nuttig vind tussen te komen, of als ik er zin in heb.' ©Jonas Lampens

Charles Michel heeft als grote missie een ‘groen’ verdrag van Rome. Maar Europa moet ook leren zijn strategische belangen beter te verdedigen.

‘Monsieur le Président.’ Voormalig premier Charles Michel wordt met veel egards aangesproken in zijn nieuwe ambtswoning aan de Europese kant van de Wetstraat. Na twee hectische weken en een moeilijke top is er voor de voorzitter van de Europese Raad eindelijk zicht op wat vakantie met het gezin.

Michel meet zich in Europa een andere stijl aan. Net voor zijn eerste Europese top als Raadsvoorzitter pakte hij op sociale media uit met een foto waarin hij zijn jongste spruit de papfles geeft. En op de persconferentie later die nacht kwam hij met een ongewoon ‘Belgisch’ compromis: een akkoord met 28 EU-lidstaten om Europa tegen 2050 klimaatneutraal te maken, maar zonder dat Polen nu al belooft dat einddoel te halen.

‘Het klimaat was dé prioriteit van de top en ik wilde een unaniem akkoord over koolstofneutraliteit in 2050. Polen wilde meer tijd om die doelen te halen, maar we hebben wel een akkoord over een klimaatneutraal Europa tegen 2050. Die boodschap zal over tien jaar nog nazinderen’, zegt hij trots. ‘Op die top stuurde Europa een krachtige boodschap naar de bedrijven en burgers, naar de jonge generaties en de rest van de wereld. Europa wil in de klimaatagenda het rendez-vous met de geschiedenis niet missen.’

Waarom noemt u dat klimaatakkoord historisch? 

Charles Michel: ‘We leggen een duidelijk en voorzienbaar doel vast. We zeggen zo aan onderzoekers en bedrijven dat we gaan voor een transformatie van ons economisch model. Onze oude hulpbronnen raken uitgeput. We moeten een groene economie ontwikkelen en ons richten op andere hulpbronnen en big data.’

Ik ben een politicus. Ik ga mezelf niet verbieden tussen te komen in het politieke debat in België.

‘Meer dan 60 jaar geleden maakten we met Europa een verdrag voor vrede en welvaart, het verdrag van Rome. Vandaag veranderen we dat in een verdrag met de natuur en een pact met de jonge generaties. De klimaatagenda wordt een katalysator voor werk en groei, maar kan ook de Europeanen mobiliseren en overtuigen dat het Europese project zin heeft.’

Dat de Europese Commissie intussen haar klimaatagenda, de Green Deal, heeft voorgesteld, zal wel geholpen hebben. 

Michel: ‘Ik voel dat er met het nieuwe Europese ‘leadership’ een zucht van hoop is. We werken niet in verspreide slagorde, met een mooie synchronisatie als gevolg.’

België was nooit een haantje-de-voorste voor het klimaat. Wanneer is die omslag er bij u persoonlijk gekomen? 

Michel: ‘Het is juist dat ik tegenstand kreeg in het politieke debat in België. Voor mezelf is de aandacht voor klimaat eigenlijk niet nieuw. 15 jaar geleden schreef ik al een boek over het liberale gedachtegoed en de band met het milieu. Maar ik blijf coherent. Klimaatverandering mag geen alibi zijn om onze vrijheid en verantwoordelijkheid in te perken.’

Wat is de impact van de Green Deal op de onderhandelingen over de Europese meerjarenbegroting voor 2021-2027? 

Michel: ‘De beslissing over dat meerjarenbudget wordt de moeilijkste sinds Europa bestaat. We komen 60 miljard euro tekort. Sommige landen zullen meer moeten betalen aan de Europese pot, andere zullen minder krijgen. Precies daarom moet het Europese budget worden gemoderniseerd. Elke bestede euro moet passen in onze prioriteiten: onze klimaatdoelen, onze digitale prioriteiten, veiligheid en defensie en een beter beheer van de migratie. De Europese begroting wordt de brandstof voor ons politieke project.’

Twee derde van dat budget blijft wel naar landbouw en steunfondsen gaan. 

Michel: ‘Ik ga iedereen uitnodigen ‘out of the box’ te denken. We veranderen van model. Maar we gaan niet stoppen met geld te geven aan die sectoren en projecten die altijd al belangrijk waren zoals landbouw. Maar als we geld geven, gaan we wel de klimaatverandering en digitalisering in rekening brengen. 25 procent van het budget vastmaken aan klimaatmaatregelen is een interessante piste.’

Veel Europese regeringen zijn fragiel, in lopende zaken of minderheidsregeringen. Dat maakt het toch nog moeilijker? 

Michel: ‘Europa is een democratisch project. Ik heb 28 regeringsleiders, binnenkort 27, die verantwoording moeten afleggen aan hun nationaal parlement, aan opinies en burgers in eigen land. Net daarom anticipeer ik op een Europese Raad door zo goed mogelijk te begrijpen wat er speelt in al de lidstaten.’

In het Europees Parlement wordt extreemrechts na de brexit de vierde grootste fractie. Verontrust dat u? 

Michel: ‘De pro-Europese krachten kwamen versterkt uit de Europese verkiezingen, terwijl iedereen op het omgekeerde had gewed. Natuurlijk moeten we resultaten boeken en een duidelijk antwoord bieden. Europa moet sterker en robuuster worden, optimistischer ook.’

We hebben in het verleden vaak heel genereus onze markten geopend. Dat is niet de juiste weg.

‘In heel de wereld geldt Europa als een voorbeeld op terreinen zoals de bescherming van de democratie en de rechtsstaat, economische ontwikkeling, sociale cohesie en onderzoek. Maar als we in de spiegel kijken, zien we vaak een beeld dat veel minder mooi is dan de werkelijkheid. We moeten stoppen onszelf te kastijden. We hebben projecten opgezet, onder meer voor onze defensie, die vijf jaar geleden als dromen werden afgedaan. Begin dit jaar zou niemand geloofd hebben dat er nu een Europees akkoord zou zijn over klimaatneutraliteit in 2050.’

Wat staat er voor 2020 naast het meerjarenbudget nog op de agenda? 

Michel: ‘Ik heb een strategische agenda opgemaakt voor 2020. In maart gaan we praten over de digitale agenda, in juni over veiligheid en defensie. Ook de grote internationale ontmoetingen zijn belangrijk: onze agenda met Afrika en China. Als we willen dat Europa op het internationale niveau zwaarder weegt, moeten we onze strategische posities beter voorbereiden en niet improviseren. We hebben in het verleden te vaak heel genereus onze markten geopend. Dat is niet de juiste weg. We moeten minder naïef zijn en onze economische en strategisch belangen en waarden verdedigen. Europa kan de stille kracht zijn waar de wereld nood aan heeft.’

Maar over een maand is de brexit daar. Tot daar de stille kracht? 

Michel: ‘We weten al drie jaar dat die brexit eraan komt. Nu begint het overleg over de toekomst. We hebben een vrijhandelsakkoord nodig. We moeten een oplossing vinden voor de visserij - dat is geen detail - en afspraken maken over veiligheid en defensie. Maar de lidstaten hebben gedurende drie jaar goed samengewerkt met Michel Barnier als Europees onderhandelaar. We gaan een winnend team niet veranderen.’

Kunt u in elf maanden een handelsakkoord sluiten? 

Michel: ‘De timing is dwingend, dat is waar. We hebben ervaring met het sluiten van handelsakkoorden. Enkele daarvan (zoals het tijdelijk door Het Waals Gewest geblokkeerde CETA-verdrag met Canada, red.) deden in België trouwens heel wat inkt vloeien. Er is veel sterke technische en juridische expertise aanwezig in de Commissie en de Europese Raad. We gaan loyaal en kalm onderhandelen over een solide relatie met het Verenigd Koninkrijk. Maar we zullen wel ferm opkomen voor onze strategische belangen.’

U wil alle opties openhouden voor de brexit, dus ook het vanuit Europa aanvragen van een verlenging van de overgangsperiode? 

Michel: ‘U hebt het recht daaruit af te leiden wat u wilt. Ik denk dat het zeer onhandig zou zijn vandaag te anticiperen op die vraag. We moeten dat bekijken op het ogenblik zelf. Dat ogenblik komt er misschien, misschien ook niet.’

U post nu foto’s van uw jongste kind op sociale media. Verschilt de Europese Charles Michel van de Belgische premier? 

Michel: ‘Ah, we komen nu aan de moeilijke vragen. Ik heb altijd gewaakt over de bescherming van mijn gezinsleven en mijn naasten. Dat blijf ik doen. Maar tegelijk wil ik tonen wie ik ben. Er zit geen berekening achter, het is iets natuurlijks.’

Blijft u de Belgische politiek volgen? 

Michel: ‘Ik ben een politicus en ik blijf dat. Ik oefen een politieke functie uit, een zeer politieke zelfs. Ik heb overtuigingen en opinies, analyses en boodschappen. Ik ga mezelf niet verbieden te spreken als ik het nuttig vind tussen te komen, of als ik er zin in heb. Maar op korte en middellange termijn is dat niet mijn intentie.’

U was een jonge premier en nu een jonge Raadsvoorzitter. Denkt u al na over uw politieke toekomst na de Europese Raad? 

Michel: ‘Nee, het was geen berekende keuze om politicus te worden of dat te blijven. Ik verbied mezelf niets. Ik concentreer me op mijn taak. Als premier deed ik al wat ik kon om dit land te leiden. Ik ben fier op mijn sociaal-economische resultaten in België en wat ik deed voor de veiligheid.’

In de tijd van Herman Van Rompuy dacht de Duitse kanselier Angela Merkel nochtans dat Raadsvoorzitter een parttime job was. 

Michel: ‘Ik heb veel waardering voor mijn twee voorgangers die de functie vormgaven. Mijn intentie is zeer actief te zijn. Deze functie kan een van de motoren zijn voor het Europese project. Het is tijd om aan de slag te gaan.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud