Advertentie
interview

‘Hervormen is nu eenmaal makkelijker als het slecht gaat'

©Debby Termonia

Nederland greep de crisis aan om te hervormen, België niet. De Nederlandse topeconoom Lans Bovenberg en de Belg Geert Noels debatteren over de vraag of Nederland weer een gidsland is. ‘Nederland kijkt meer naar de verre horizon.’

Sinds de financiële crisis leek Nederland lange tijd het noorden kwijt. Plots bleef de economische groei van het zelfverklaarde gidsland achter op die van zijn buurland. Maar kijk, na een reeks mindere jaren groeit de Nederlandse economie sinds 2015 weer harder dan de Belgische. De 2,1 procent groei van 2016 was zelfs de beste Nederlandse prestatie sinds 2007.

Nu onze noorderburen zich opmaken voor verkiezingen, brachten we een Nederlandse en een Belgische econoom samen om het economisch rapport van beide buurlanden te maken. Lans Bovenberg vertegenwoordigt Oranje. De hoogleraar economie van de universiteit van Tilburg geldt al jaren als de invloedrijkste econoom van Nederland. Als pensioenspecialist komt hij bovendien vaak in contact met het beleid.

Econoom Geert Noels is de medeoprichter van de vermogensbeheerder Econopolis, waarmee hij al vijf jaar elk kwartaal een bezoek aan Nederland brengt. De grafieken die hij aan zijn laatste presentatie daar overhield, komen van pas tijdens dit dubbelgesprek. De sfeer zit meteen goed en dan moet halfweg nog blijken dat beiden enthousiaste fietsers zijn. Maar het gaat over de economie, een thema dat volgens Bovenberg wel degelijk leeft in de verkiezingscampagne.

Is Nederland opnieuw het gidsland nu het na jaren van lagere economische groei en forse bezuinigingen België weer voorbijfietst?

Geert Noels: ‘Over die bezuinigingen is veel meer gepraat dan dat ze gerealiseerd zijn. Tussen 2007 en 2012 stegen de Nederlandse overheidsuitgaven als percentage van het bruto binnenlands product (bbp) met 5 procentpunten. Dat was wel minder dan de 8 procentpunten voor België (zie grafiek pagina 9). De economische groei is zeker teruggevallen in Nederland, maar dat kwam vooral door de stevige correctie in de huizenmarkt. Nu die markt zich sinds enkele jaren herstelt, herpakt ook de economie zich.’

Lans Bovenberg

Hoogleraar economie aan Tilburg University. Gespecialiseerd in pensioenen, vergrijzing, arbeidsmarkt en overheidsfinanciën. Werkt aan nieuwe leermethode voor economieonderwijs.

Was plaatsvervangend directeur van Centraal Planbureau (1995-1998) en werkte als econoom bij het Internationaal Monetair Fonds in Washington (1985-1990).

Behaalde zijn doctoraat economie aan de University of California, Berkeley (VS)

Geert Noels

Econoom en medeoprichter van de vermogensbeheerder Econopolis.

Voormalige hoofdeconoom van het beurshuis Petercam.

Werkte voor Coopers & Lybrand en de werkgeversorganisatie VEV (nu Voka).

Auteur van ‘Econoshock’.

Lans Bovenberg: ‘De financiële crisis heeft er zwaarder ingehakt in Nederland, met onder meer een grotere stijging van de werkloosheid en een groter inkomensverlies. Het overheidsbeleid heeft de impact daarvan net versterkt door minder te stimuleren als het slecht ging. De Nederlandse economie is extra gevoelig voor zo’n procyclisch beleid dat de schommelingen vergroot. Nederlanders torsen een grote hypotheekschuld. Door de dalende huizenmarkt zagen jonge huiseigenaars de waarde van hun woning onder hun hypotheekschuld zakken, waarna ze minder gingen consumeren om hun schuld te kunnen aflossen. Dat zet een extra domper op de economie.’

‘De overheid versterkte dat nog. Misschien niet zozeer via bezuinigingen, al zijn die er wel geweest. Ik denk aan de zorg, wat een thema in de verkiezingscampagne is. Maar de regering-Rutte verhoogde ook fors de belastingen op een moment dat mensen het al moeilijk hadden.’

Noels: ‘Geloof me, de Nederlandse belastingdruk is niets vergeleken met die van België.’ (lacht)

Was het procyclische beleid in Nederland - snoeien als het slecht gaat - schadelijk?

Bovenberg: ‘Voor een econoom is dat de verkeerde aanpak: je moet je huis verbouwen als de zon schijnt. Nederland heeft het andersom gedaan. Zo werd eindelijk de fiscale aftrek voor hypotheekleningen aangepakt, maar wel op een moment dat de huizenmarkt het al moeilijk had en dus verder onder druk kwam te staan. In een ideale wereld hadden we dat eerder gedaan, maar de politieke cyclus speelt natuurlijk. Het is makkelijker te hervormen als het slecht gaat. Dat is de realiteit.’

Hervormen als de zon schijnt? In België hervormen we nooit, of het nu goed of slecht gaat.
geert noels
econoom en oprichter econopolis

Noels: ‘In België hervormen we nooit, of het nu goed of slecht gaat.’

Bovenberg: ‘Nu de Nederlandse economie opnieuw beter draait, zie ik weer veel politieke plannen om meer uit te geven en de lasten te verlichten. Ook de verhoogde pensioenleeftijd willen sommigen alweer verlagen.’

Ondanks de vervelende timing van de hervormingen staat Nederland er vandaag wel weer.

Bovenberg: ‘Het heeft de crisis inderdaad gebruikt om maatregelen te nemen die de economie structureel gezonder maken. Neem de verhoging van de pensioenleeftijd van 65 naar 67 jaar, die op een zeer korte periode van zes jaar wordt doorgevoerd. De effectieve leeftijd waarop mensen op pensioen gaan, is mee daardoor sinds 2006 met gemiddeld vier maanden per jaar gestegen, van 61 naar bijna 65 jaar vandaag.

‘Daar staat tegenover dat de tweede pensioenpijler - het pensioensparen via de werkgever, dat in Nederland belangrijker is dan het overheidspensioen - piept en kraakt door de financiële crisis en de lage rente. Omdat de beleggingsopbrengsten gedaald zijn, hebben gepensioneerden moeten inleveren. De uitholling van hun koopkracht zette extra procyclische druk op de economie. Het creëert bovendien een negatief gevoel bij ouderen in de verkiezingen.’

©Mediafin

Noels: ‘Maar jullie pensioenreserves zijn zo groot dat de belastingen die de overheid op de toekomstige pensioenuitkeringen zal innen, voldoende zijn om de volledige Nederlandse staatsschuld weg te vegen. In België hebben we geen reserves. Wees blij dat je in Nederland woont. Je kan je overigens de vraag stellen of de periode waarin de Belgische bbp-groei groter dan die van Nederland was, wel duurzaam was. Het Belgische bbp is voor een stuk opgeblazen via een grote toename van de overheidsuitgaven, zodat de groei op de poef is gekocht. De kloof in de overheidsuitgaven tussen onze landen is gegroeid.’

Bovenberg: ‘Ook in Nederland hebben we het bbp opgeblazen, maar dan via de huizenmarkt. Die zeepbel is rond 2010 beginnen leeglopen.’

Noels: ‘Die terugslag staat onze huizenmarkt nog te wachten.’

Loopt België ook daar achter?

Noels: ‘Als je de mindere kwaliteit van de Belgische huizen - oud, slecht geïsoleerd -met de Nederlandse vergelijkt, is het niet logisch dat onze huizen relatief duurder zijn. Belgische huizen zijn groter, maar zo palm je ook meer openbare ruimte in. Onze ruimtelijke wanorde heeft bovendien een negatieve impact op de kostprijs van het openbaar vervoer, de nutsvoorzieningen en de verkeersveiligheid. Nederland is beter georganiseerd.’

In Nederland rijst de vraag of we niet wat liberaler moeten worden in het bouwen. Moeten we de Belgische kant op?
lans bovenberg
econoom universiteit tilburg

Bovenberg: ‘Net daar is nu discussie over in Nederland. De vraag rijst of we niet wat liberaler moeten worden in het bouwen, vooral rond grote steden. In Amsterdam, Den Haag of Utrecht zijn de huizenprijzen weer enorm aan het stijgen. Jonge mensen kunnen nog moeilijk een huis kopen. Dat zie ik ook bij mijn zoon die in Amsterdam werkt. Moeten we de groene ruimte aansnijden om een zeepbel tegen te gaan? Moeten we de Belgische kant op?’

Noels: ‘Denk toch maar goed na over de gevolgen zodra je die deur opent.’ (lacht)

Nederland is weer structureel gezonder. Waarom lukt het daar en in België niet?

Noels: ‘In vrijwel alle indicatoren die op de lange termijn gericht zijn, staat Nederland er beter voor. Het kijkt meer naar de verre horizon. Die langetermijnfocus is in veel domeinen verankerd. Misschien is dat ingegeven door jullie strijd tegen het water, waardoor je 100 tot 200 jaar vooruit moet kijken. Zo verplicht de lange traditie in pensioenfondsen eveneens vooruit te kijken. Het in België dominantere repartitiesysteem - waarbij pensioenbijdragen meteen uitgegeven worden aan gepensioneerden - is kortetermijngericht. Zodra je meer gepensioneerden dan actieve personen hebt, slaat het op hol.’

©Debby Termonia

‘Het is een voorbeeld van hoe we in België een soort serre zetten over alles dat gebeurt. De temperatuur binnen is aangenaam, zonder dat de bevolking weet wat buiten gebeurt. In Nederland maken de problemen bij de pensioenfondsen de bevolking bewust van de effecten van de lage rente. De crisis is er niet iets dat anderen overkomt.’

Bovenberg: ‘Er spelen ook culturele verschillen . De Nederlandse calvinistische aard is meer op sparen en werken gericht. Daarin verschillen we van Belgen. De grens tussen Nederland en België is voor mij een van de duidelijkste culturele grenzen in Europa.’

Noels: ‘Ik denk dat die grens iets lager ligt, ergens in het midden van België. De Vlaamse statistieken verschillen niet zo veel van de Nederlandse. De sociaal-economische visie is gelijklopend.’

Klopt het dat de Nederlandse pensioenfondsen meer disciplinerend werken?

Bovenberg: ‘Daar is discussie over. Het is waar dat onze vakbonden zich mee verantwoordelijk voelen voor het economisch bestel omdat ze samen met de werkgevers de pensioenfondsen besturen. Maar er leeft ongenoegen in de samenleving over de verdeling van de pensioenspaarpotten tussen de verschillende generaties. Politieke partijen spelen daarop in. Misschien moeten we het systeem meer individualiseren om zulke ruzies te vermijden. Dan maak je meteen meer maatwerk in de beleggingen mogelijk. Nu wordt alles op een homogene manier belegd, terwijl je voor iemand die dicht bij zijn pensioen staat wat minder risico zou willen nemen.’

‘Het Centraal Planbureau (CPB) - dat economische analyses voor het beleid maakt - is een belangrijke disciplinerende instelling. Het rekent de politieke programma’s door via uitgebreide modellen en speelt zo een belangrijke rol in de coalitievorming. Al zijn er nu partijen die de reputatie van het CPB in twijfel beginnen te trekken.’

Ontbreekt het België aan zo’n onafhankelijke instelling?

Noels: ‘We hebben geen enkele geïnstitutionaliseerde link met de lange termijn. Ons Planbureau wordt onder de knoet gehouden door de politiek. Het heeft jarenlang de vergrijzingskosten zwaar onderschat, waardoor er geen urgentie was om de pensioenen aan te pakken. De gouverneur van de Nationale Bank durft soms de zaken te benoemen. Maar over het algemeen word je in België monddood gemaakt als je het beleid bekritiseert. Nederland durft met zijn opendebatcultuur wel heilige huisjes in vraag te stellen. Dingen gaan op de schop als blijkt dat ze niet werken.’

Bovenberg: ‘Ik zou dat niet idealiseren. Door ons poldermodel van coalities duurt het soms heel lang voor dingen veranderen. Economen vragen al sinds begin jaren 90 om de pensioenleeftijd op te trekken. Pas door de crisis is dat bespreekbaar geworden.’

Als relatief kleine landen zitten Nederland en België in hetzelfde schuitje in de discussie over de bedrijfsfiscaliteit en het aantrekken van multinationals. Moet de vennootschapsbelasting naar beneden nu Europa onze gunstregimes op de schop neemt?

Bovenberg: ‘Er zijn ongelijkheden in ons belastingstelsel die aangepakt moeten worden, waaronder het verschil in belastingdruk voor grote en kleine bedrijven. Ik wil de belastingbasis verbreden en tegelijk de tarieven verlagen, wat de trend in Europa is. Ik begrijp dat kleinere landen een prikkel hebben om te concurreren op basis van belastingen, maar Nederland staat intussen sterk genoeg om multinationals aan te trekken met andere factoren dan loutere fiscale.’

©Debby Termonia

De opmars van tijdelijk werk en zzp’ers (zelfstandige zonder personeel) beroert de verkiezingscampagne. Is het een slechte ontwikkeling?

Bovenberg: ‘De arbeidsmarkt is het grootste pijnpunt van de Nederlandse economie. Flexibele banen zitten sinds 2000 enorm in de lift. Er zijn vandaag bijna een miljoen zzp’ers, met slecht verdienende ‘working poor’ en mensen die geen vaste baan kunnen krijgen. De echte impact van de crisis wordt daardoor gemaskeerd, want vroeger waren ze werkloos geweest. Ook jongeren, zoals mijn kinderen, vinden moeilijk een vaste baan en moeten het met een flexibel jaarcontract stellen.’

‘Vooral de linkse partijen zijn bezorgd dat zo de verzorgingsstaat ontmanteld wordt. Zzp’ers hoeven niet bij te dragen aan het pensioenstelsel. Dat holt de solidariteit uit. Daarom willen sommige partijen het wettelijk pensioen verhogen. Het is een heikel dossier, want zzp’ers vormen een grote groep. De politici willen hen niet voor het hoofd stoten. Voor liberale partijen als de VVD zijn het zelfs helden die risico’s durven te nemen. Meer fundamenteel heb je in onze arbeidsmarkt een conflict tussen een jungle van flexibiliteit en een sterk gereguleerd reservaat voor vaste banen. Als bedrijven een werknemer twee jaar moeten doorbetalen als die ziek wordt, is het begrijpelijk dat ze liever met tijdelijke krachten werken.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud