portret

Trouwe partijsoldaat Marianne Thyssen (CD&V) stopt met toppolitiek

Marianne Thyssen, voor wie CD&V in 2014 het premierschap opgaf, kondigde vandaag aan dat ze in 2019 stopt met de actieve politiek.

‘Vandaag is het tijd om te zaaien’, zei CD&V-voorzitter Wouter Beke twee jaar geleden over Europees commissaris Marianne Thyssen. ‘De tijd om te oogsten komt nog.’ Maar die tijd komt dus niet. Deze ochtend maakte Thyssen bekend dat ze volgend jaar de CD&V-lijst voor de Europese verkiezingen niet trekt. Wanneer haar mandaat in de Europese Commissie in november 2019 afloopt, stopt ze met de actieve politiek.

Het afscheid verbaast, omdat Thyssen bekend staat als een trouwe partijsoldaat, die zelfs in de meest ondankbare situaties CD&V uit de nood helpt. Ze heeft die reputatie te danken aan de twee jaar dat ze voorzitter van de Vlaamse christendemocraten was. Dat waren woelige jaren, waarin het kartel tussen CD&V en N-VA splitste, de regering-Leterme viel over Fortis, Herman Van Rompuy overnam maar naar Europa vertrok, waarna Leterme opnieuw premier werd en de regering opnieuw viel, ditmaal over Brussel-Halle-Vilvoorde.

Kandidaat-premier

Daarop kwamen er vervroegde verkiezingen, waarin ze als CD&V-voorzitter opeens werd gebombardeerd tot kandidaat-premier. Ze kreeg toen de kritiek die ze vaker kreeg: dat ze te weinig publieke ambitie toonde in het brutale straatgevecht dat toppolitiek soms is. ‘Ik heb het altijd op zijn vrouwtjes gezegd’, zei ze toen over dat kandidaat-premierschap. ‘Vrouwen zijn altijd wat voorzichtiger, ook al hebben ze wel degelijk ambitie.’ De N-VA werd na de verkiezingen voor het eerst de grootste partij in de Kamer, waarna Thyssen opstapte als CD&V-voorzitter en terugkeerde naar het Europees Parlement.

Dat was de voorbije drie decennia haar natuurlijke habitat, waar ze in de luwte van de politieke spotlights bij vriend en vijand waardering opbouwde als een integere en loyale dossierkenner. ‘We spreken vaak over staatsmanschap, maar als iemand de term ‘staatsvrouwschap’ verdient, is het Marianne Thyssen’ zegt Tom Vandenkendelaere, die haar in 2014 opvolgde in het Europees Parlement.

Daar kwam Thyssen in 1991 - na enkele jaren bij Unizo - binnen als opvolgster van Karel Pinxten. Ze werkte er onder meer aan de dienstenrichtlijn en de hervorming van de eurozone en de banken na de financiële crisis.

Kris Peeters

Met die kilometers op de teller werd Thyssen in 2014 het logische boegbeeld van CD&V voor de Europese verkiezingen, als aflossing van de wacht na de EU-zwaargewichten Wilfried Martens en Jean-Luc Dehaene. Minder evident was dat CD&V-voorzitter Wouter Beke daarna de ambities van Kris Peeters voor de Wetstraat 16 opofferde om Thyssen ‘een topjob’ in de Europese Commissie te gunnen.

Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker koos zijn zes vicevoorzitters, alsook de commissarissen met de machtige portefeuilles voor Mededinging en Handel, evenwel uit andere landen. Thyssen kreeg Werk, Sociale Zaken, Vaardigheden en Arbeidsmobiliteit. Over die portefeuille heeft de Europees commissaris zelf weinig te zeggen, omdat iedere hoofdstad uit de 28 EU-landen een beslissing over sociaal beleid kan blokkeren.

CD&V claimde dat Thyssen het gezicht van het broodnodige sociale Europa zou worden, maar in vergelijking met Belgische voorgangers in de Commissie zoals Karel De Gucht liet ze zich weinig zien. ‘Mensen vragen me geregeld wat ik in Europa doe’, bekende ze in 2015 in een interview in De Tijd. Wat evenmin hielp, was dat Thyssen haar communicatie met veel dossierkennis strikt beperkte tot haar bevoegdheden, terwijl de EU op andere fronten - van brexit tot de Griekse crisis en migratie - voortdurend onder vuur lag.

Dankbaar

Thyssen zegt dat ze stopt omdat het tijd is voor iets anders. ‘Ik heb dat allemaal graag gedaan. Ik ben heel dankbaar naar mijn partij, naar mijn kiezers, naar mijn man ook vooral, naar mijn vrienden. Ik heb daar nooit een prijs moeten voor betalen’, zei ze gisteren. ‘Ik weet ook dat er nog een leven is buiten de politiek. Ik heb voor mezelf beslist dat ik de bladzijde ga omdraaien en dat ik na dit mandaat geen nieuw mandaat meer ga opnemen.’

Het vertrek van Thyssen roept de vraag op of CD&V zich strategisch vergist heeft in 2014. De partij offerde het premierschap op, duwde de voormalige Unizo-topman Kris Peeters in de ongemakkelijke rol van het sociaal gezicht van de regering, en hoopte op Europees niveau met Thyssen te kunnen oogsten. Dat laatste zal dus niet lukken, al is de 61-jarige Thyssen wel bereid op de lijst te staan, ter ondersteuning van het nieuwe Europese boegbeeld.

Wie dat wordt? Dat beslissen de christendemocraten pas na de lokale verkiezingen van oktober 2018, valt te horen op het partijhoofdkwartier. Pas als het stof van de gemeenteraadsverkiezingen is gaan liggen, start CD&V het politieke gevecht voor Europa. Zonder voormalig voorzitter en partijsoldaat Marianne Thyssen in de frontlinie.

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content