Kak scheppen om te overleven in coronatijden

©Jeroen van Loon

Honderdduizenden Kenianen hebben door de coronacrisis geen job meer. De Keniaanse overheid betaalt nu 270.000 jongeren om hun buurten op te ruimen. ‘Deze pandemie heeft onze levens geruïneerd.’

Jonge Kenianen in gele neonhesjes en met mondkapjes en rubberen botten staan tot aan hun kuiten in de stinkende, grijze drek die in een stroompje tussen de golfplatenkrotten van de sloppenwijk Kibera loopt. Met metalen harken en spades scheppen ze plastic flesjes, kapotte schoenen en menselijke ontlasting uit het open riool. ‘Het is ongelooflijk vies werk’, zegt de 33-jarige Abdul Aziz, die bang is dat hij door het onhygiënische werk een door water overgebrachte ziekte zoals cholera oploopt. ‘Maar het is beter dan werkloos en hongerig thuiszitten’, vindt de vader van twee, die door de coronacrisis zijn baan als privéchauffeur kwijtraakte.

Door de crisis verloren zeker 300.000 Kenianen hun baan, berekende het Keniaanse Bureau voor de Statistiek in mei. Het werkelijke cijfer ligt allicht een stuk hoger. Meer dan 80 procent van de werkenden in Kenia - waar de officiële werkloosheidsgraad voor de crisis 12,4 procent bedroeg - is actief in de informele economie.

Safariparken en lodges zijn leeg door wegblijvende toeristen, veel bedrijven gaan failliet en bars zijn dicht vanwege een avondklok en alcoholverbod. Om nog grotere problemen zoals criminaliteit en plunderingen te voorkomen lanceerde de regering onlangs een grootschalig werkgelegenheidsproject dat landelijk aan ruim 200.000 Kenianen onder 35 jaar werk moet bieden. In de hoofdstad Nairobi zet het 55.000 jongeren aan het werk.

300.000
Door de coronacrisis verloren zeker 300.000 Kenianen hun baan, berekende het Keniaanse Bureau voor de Statistiek in mei. Het werkelijke cijfer ligt allicht een stuk hoger.

De in Kibera wonende Aziz is blij met het project, hoewel hij het salaris van 3,5 euro per dag laag vindt. De Keniaan, die als chauffeur zo’n 13 euro per dag verdiende, moet met de helft van zijn huidige salaris ook allerlei schulden bij vrienden en winkels afbetalen die hij sinds zijn ontslag in april heeft opgebouwd om eten te kunnen kopen. Hij houdt zo nauwelijks geld over voor de huur en voedsel. Zijn gezin eet daardoor nog maar één maaltijd per dag.

‘Deze pandemie heeft onze levens geruïneerd’, stelt de 23-jarige Sharon Sakase, die samen met haar moeder, drie jongere zussen, broer en haar eigen twee kinderen woont in een golfplatenkamer van enkele vierkante meters in de grootste sloppenwijk van Oost-Afrika. De alleenstaande moeder kreeg van de kerk een studiebeurs waarmee ze een horecaopleiding deed. Die ligt door de coronacrisis echter al vijf maanden stil. Ook werkte ze als pedicure in een schoonheidssalon, maar klanten blijven weg uit angst voor de pandemie.

‘Deze vieze job is ontzettend zwaar’, beaamt Sakase, terwijl achter haar collega’s gillen omdat vlakbij een in Kibera berucht ‘vliegend toilet’ in het open riool plonst: een plastic zakje waarin een bewoner - vanwege een chronisch tekort aan toiletten - zijn behoefte heeft gedaan, waarna hij het dichtknoopt en zo ver mogelijk in de lucht weggooit. ‘Toch ben ik blij met dit werk’, zegt de jonge moeder grinnikend. ‘Nu verdien ik een klein beetje geld waarmee ik eten kan kopen voor mezelf en mijn familie.’ Ze is de enige broodwinner van het achtkoppige gezin, sinds haar moeder haar baan als huishoudster door de coronacrisis verloor.

Scholen dicht tot 2021

Nadat de eerste coronabesmetting in Kenia werd vastgesteld, nam de regering direct rigoureuze maatregelen om de pandemie te beteugelen. Het zwakke gezondheidssysteem in het Oost-Afrikaanse land met zo’n 50 miljoen inwoners zou een vergelijkbare golf als in Europa niet kunnen dragen. Algauw werd een avondklok ingesteld, werden de coronahaarden Nairobi en de kuststreek drie maanden afgegrendeld, was het internationale vliegveld vijf maanden gesloten, en moet iedereen zoveel mogelijk thuiswerken, wat voor velen uiteraard onmogelijk is.

Ook zijn al vijf maanden alle onderwijsinstellingen gesloten en heeft de regering aangekondigd dat basis- en middelbare scholen zelfs tot januari 2021 moeten sluiten. In publieke ruimtes is het verplicht een mondkapje te dragen en sinds een week is het verboden in restaurants alcohol te drinken.

Er is geen enkel bedrijf in Kenia dat niet is getroffen door de coronacrisis. Zo stortte de bloemensector - de op twee na grootste van de wereld - in.
Kwame Owino
Directeur van een economische denktank in Kenia

‘Er is geen enkel bedrijf in Kenia dat niet is getroffen door de coronacrisis’, zegt econoom Kwame Owino. De directeur van een economische denktank in Kenia beaamt dat de maatregelen nodig waren, maar voegt eraan toe dat ze serieuze gevolgen hebben voor de economie. ‘Zo stortte de Keniaanse bloemensector (de op twee na grootste van de wereld, red.) in omdat in Europa nauwelijks nog bloemen werden gekocht en het internationale vliegverkeer werd lamgelegd.’

Door de coronacrisis zegt 17 procent niet meer genoeg geld te hebben voor voedsel, 37 procent zegt niet langer de huur te kunnen betalen en slechts 47 procent heeft nog een vorm van reguliere inkomsten, aldus een peiling van het onderzoeksbureau FSD Kenya.

Torenhoge schulden

De Keniaanse overheid nam verschillende stimuleringsmaatregelen. De omzet- en inkomstenbelasting werden verlaagd en Kenianen met een loon onder 190 euro per maand hoeven helemaal geen inkomstenbelasting te betalen. Wie in de informele sector werkt, betaalt echter geen belasting en heeft dus weinig profijt van die maatregelen, behalve dat producten in officiële supermarkten mogelijk iets goedkoper zijn geworden. ‘Veel middelgrote en kleine bedrijven zijn failliet gegaan, waardoor ontzettend veel mensen hun baan verloren. Die hadden weinig aan deze belastingvoordelen’, merkt Owino.

Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) gaf Kenia 731 miljoen dollar (617 miljoen euro) aan noodsteun om de coronacrisis het hoofd te bieden. Owino stelt echter dat de Keniaanse regering er niet goed in slaagt overheidsgeld snel en effectief voor de coronacrisis in te zetten vanwege andere grote betalingsverplichtingen en corruptie. ‘Zo moeten eerst de ambtenarensalarissen worden betaald, net als de rente op de torenhoge schulden.’ De Keniaanse staatsschuld is opgelopen tot bijna 47 miljard euro of 62 procent van het bruto binnenlands product (bbp), waarvoor het Oost-Afrikaanse land vorig jaar een officiële waarschuwing van de Wereldbank kreeg.

‘Hoewel veel mensen eerder dachten dat deze pandemie van korte duur zou zijn, beginnen we ook in Kenia te beseffen dat de kans daarop steeds kleiner wordt’, zegt Owino. Veel jongeren die via het overheidsproject de open riolen in Kibera leegscheppen, maken zich ernstig zorgen over hun toekomst. ‘Iedereen in Kibera zoekt wanhopig naar werk’, zegt de 25-jarige Jack Omonoi, die twee jaar geleden afstudeerde als webdesigner.

Omdat hij geen werk vond, werkte hij enkele dagen per maand voor een evenementenbureau waarvoor hij exposities opbouwde. Maar door de coronacrisis zijn alle evenementen voorlopig afgelast, raakte hij werkloos en meldde ook hij zich uit pure wanhoop aan voor het werkgelegenheidsproject. ‘Vrienden zagen me gaan studeren en verwachtten dat ik een goede baan zou krijgen. Nu zien ze me kak scheppen uit een open riool’, vertelt hij, terwijl hij moedeloos naar de grond staart. ‘Deze situatie is waanzinnig frustrerend. En niemand weet hoelang het nog duurt.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud