Advertentie
Advertentie

Klaus Schwab: de Bernie Ecclestone van de wereldeconomie

©REUTERS

Hoe krijg je 1.500 CEO’s en voorzitters van multinationals, 40 staatshoofden en regerings leiders, de top van Wall Street en 200 topacademici vier dagen lang bij elkaar in een Zwitsers bergdorp? De 75-jarige Klaus Schwab doet het jaar na jaar in Davos. En volgende week opnieuw.

‘Er zijn maar twee mensen die op eigen kracht en vanuit het niets zo’n groep bekende mensen rond zich kunnen scharen. Formule 1-baas Bernie Ecclestone en Klaus Schwab.’ Die oneliner vertelde een zakenman enkele jaren geleden in de grote hal van het congrescentrum in het Zwitserse bergdorp Davos. Op de achtergrond keuvelden regeringsleiders en CEO’s van multinationals. Er liepen kroonprinsen en internationale vakbondsleiders rond. Gerenommeerde professoren zochten er een plaatsje in het auditorium om Bono te horen spreken over armoede. En dat allemaal omdat Klaus Schwab het 43 jaar geleden zo wilde: een plek waar de wereldelite vrij en vrank met elkaar kan praten en ideeën kan uitwisselen, zonder dat er beslist moet worden of daarna meteen een perscommuniqué de deur uit moet.

Vlaamse dorpen organiseren jaarforen, wetenschappers zien elkaar op congressen, zakenlui houden contact op business events. En de politieke en economische wereldtop ziet elkaar ieder jaar in de laatste volle week van januari in het Zwitserse Davos, op het Wereld Economisch Forum (WEF). Volgende week begint de 44ste editie.

Het verhaal wil dat het in 1970 begon toen Klaus Schwab, een Duitse professor management aan het zwembad in Davos lag en zag hoe verderop een congrescentrum in aanbouw was. Hij zag er de perfecte locatie om een van zijn dromen te realiseren: managers vanuit heel Europa samenbrengen, zodat ze op een ongedwongen manier van elkaar konden leren en elkaar inspireren. Hij zocht 25.000 Zwitserse franken bijeen, boekte het congrescentrum en inviteerde 440 topmanagers uit dertig landen.

De manier waarop hij die mensen bijeenkreeg, vertelt iets over het succesrecept van het WEF: een combinatie van kennis en prestige. Schwab liet als spreker een van zijn oude proffen uit Harvard overvliegen, de legendarische econoom John Kenneth Galbraith. En hij vroeg of de Europese Commissie het event luister kon bijzetten door ‘patronage’ te verlenen.

Niet te temmen ambitie

Het was de bedoeling dat de Europese bedrijfsleiders in 1971 iets zouden leren van de nieuwe Amerikaanse managementtechnieken. Maar Schwab ontdekte iets anders: ’s avonds of tijdens de pauzes spraken ze over andere dingen. Over de oorlog in Vietnam. Over de technologische mogelijkheden, nu er een man op de maan was geland. Of over de spanningen in het Bretton Woods-systeem, dat toen op ontploffen stond.

Schwab besefte al snel dat het over meer dan management moest gaan. Vanaf 1974 nodigde hij daarom politieke leiders uit. Hij waakte erover dat niet alleen zakenlui bijeenkwamen die elkaar gelijk gaven. In de eerste edities nodigde hij de raketgeleerde Wernher von Braun en de Braziliaanse ‘bisschop van de armen’ Dom Hélder Câmara uit. Hij liet documentairemaker Jacques-Yves Cousteau over milieuverontreiniging praten. En hij vond een ander ingrediënt van het succesrecept: voorts mochten alleen CEO’s en voorzitters van toonaangevende bedrijven komen. De uitnodigingen waren persoonlijk: wie verhinderd is, kan geen vervanger sturen. En dat is nog altijd zo.

Het is die mengeling van exclusiviteit, interessante mensen en informele gesprekken die Davos groot heeft gemaakt, samen met de niet te temmen ambitie van Klaus Schwab. Want ambitieus is hij. Op zijn cv staat nog altijd trots dat de ondertussen 75-jarige professor jaarlijks deelneemt aan de Engadin Skimarathon en ieder jaar een berg van minstens 4.000 meter hoogte beklimt.

Ook het WEF wilde almaar hogere toppen overwinnen. In 1976 hield het een eerste Arabische businesstop. In 1979 nodigde hij de Chinese leider Deng Xiaoping uit, die het aanbod weigerde maar wel een grote Chinese communistische delegatie naar het WEF stuurde. Al vier jaar na de eerste bijeenkomst in het congrescentrum organiseerde Schwab 13 events per jaar in een vijftal landen. Toen heel de wereldelite uitgenodigd was, richtte hij zich op jonge talenten, die nog geen veertig jaar zijn. Hij nodigde een Duitse minister van Vrouwen en Jongeren uit, een zekere Angela Merkel. Of een beloftevolle Portugese minister van Buitenlandse Zaken, José Manuel Barroso.

Moeilijke jaren

Uiteraard waren er moeilijke jaren. In 1978 zou Hanns Martin Schleyer, voorzitter van de Duitse industriefederatie, het Wereld Economisch Forum voorzitten. Maar in september ’77 werd hij gekidnapt door het extreemlinkse RAF en vermoord. Voor het eerst werd Davos een versterkte vesting, waarbij zelfs de goed betaalde topmanagers vingerafdrukken moesten laten afnemen om het gebouw binnen te kunnen en politie met machinegeweren de gebouwen bewaakte. Dezer dagen wordt tijdens het WEF het luchtruim boven Davos gesloten en zet het Zwitserse leger naar schatting 5.000 soldaten in voor de veiligheid.

Tegelijk stootte de droom van de informele verzoening soms op de grimmige realiteit. Schwab vertelt in een WEF-publicatie hoe hij er met heel veel diplomatie in slaagde Noord-Ierse katholieke en protestantse leiders in één ruimte in Davos te krijgen, maar níét aan dezelfde tafel. Uiteindelijk moesten twee extra tafels worden aangerukt, zodat er een driehoek kon worden gevormd. Een andere keer had Schwab zwaar gelobbyd om de Israëlische politicus Shimon Peres en de Palestijnse leider Yasser Arafat een verzoenende toespraak te doen geven. Peres deed wat was afgesproken, waarop Arafat een andere tekst uit zijn binnenzak toverde, voor de volle congreszaal alle hoop op een doorbraak de grond in boorde en vertrok. Schwab noemt het zijn grootste teleurstelling bij het WEF.

Schwab is namelijk een man die vindt dat er gepraat moet worden. Zelf doet hij het wat pompeus-presidentieel en met een voorliefde voor grote woorden, maar hij krijgt dingen gedaan. De Turkse en Griekse premier schudden elkaar in 1986 in Davos voor het eerst de hand, terwijl hun landen zwaar in conflict lagen. In 1992 hadden Nelson Mandela en Frederik Willem De Klerk hun eerste buitenlandse ontmoeting in Davos. En in 1994 konden Peres en Arafat wél stappen vooruit zetten in een poging tot verzoening over de Gazastrook en Jericho.

Respect

‘Het motto van het WEF luidt ‘committed to improving the state of the world’ en als je met Schwab spreekt, merk je dat hij dat méént’, zegt Barco-voorzitter Herman Daems die al jaren naar Davos gaat. Volgens hem heeft het succes van het WEF alles te maken met de gedrevenheid en de visie van Schwab. Door mensen in een Zwitsers bergdorp en niet pakweg in Parijs uit te nodigen, vraagt hij ook een engagement van de deelnemers. Ze kunnen niet zomaar eens binnenspringen. Ze leren elkaar kennen. Dat is wat hij ‘the spirit of Davos’ noemt.’

Mensen moeten volgens Schwab met elkaar blijven praten, ook als ze in conflict liggen. Zelfs nadat het Chinese leger in 1989 het vuur had geopend op de betogers op het Plein van de Hemelse Vrede in Peking, bleef hij de Chinese regering uitnodigen. Na 9/11 verhuisde hij het WEF voor één keer naar New York. Toen de Amerikanen in 2003 Irak binnenvielen, organiseerde hij een extra editie van het WEF in het Midden-Oosten. Bij de start van die Irak-oorlog schreef hij ook een brief naar alle medewerkers van het Wereld Economisch Forum: ‘Ik begrijp volledig dat het verleidelijk is om een eenzijdig, zelfs extreem standpunt in te nemen voor of tegen de oorlog. Maar we zijn een instituut dat gemeenschappen met verschillende opinies en attitudes respecteert en dat voortdurend heeft geijverd voor een beter begrip tussen volkeren.’ Het is zelfs niet zo moeilijk om daar een parallel te zien met zijn jeugdjaren. Schwab werd geboren in 1938 in het Duitse Ravensburg, en groeide dus op in het naoorloogse Duitsland, dat er dankzij de Europese verzoening weer bovenop kwam.

Kampioen topontmoetingen

Op die manier slaagde Schwab erin ieder jaar grotere namen naar het WEF te krijgen, waardoor het prestige en de exclusiviteit alleen maar steeg. Schwab moet zo’n beetje de wereldkampioen van de topontmoetingen zijn. In de jaren zeventig liet hij de Britse ex-premier Edward Heath het Zurich Chamber Orchestra dirigeren, en gaf de opbrengst aan Unicef. In 1981 inviteerde hij astronaut John Glenn. In 2000 kwam de Amerikaanse president Bill Clinton, waardoor ook de Britse premier Tony Blair kwam. Vanaf die periode ging het nauwelijks nog over management, zegt Herman Daems, maar volledig over de problemen en uitdagingen van de wereld.

De Amerikaanse topeconoom Larry Summers, al jaren een vaste Davos-gast, verwoordde het zo: ‘Davos illustreert wat economen ‘meervoudige evenwichten’ en ‘focal points’ noemen. Geen 3 procent van de deelnemers aan het WEF zou in normale omstandigheden de winter in Davos doorbrengen. Maar ze zijn er om elkaar te zien. Dat illustreert een meervoudig evenwicht: iedere persoon volgt de andere en ze hadden samen evengoed ergens anders kunnen belanden. Economen leggen uit dat in zo’n geval ‘focal points’ bepalen waar precies het evenwicht tot stand komt. Klaus Schwab is zo’n focuspunt. Het is zijn visie en verbeelding die iedereen iedere winter weer naar Davos brengt.’

Vanaf dinsdag leest u alles over de 44ste editie van het WEF in De Tijd, op www.tijd.be/davos en op Twitter via @barthaeck.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud