portret

Verrot politiek systeem in Libanon fnuikt premier

Hassan Diab leek de juiste man op de juiste plaats om als academicus Libanon weer op de rails te krijgen. Maar hij en zijn team blonken vooral uit in intern gekissebis en weinig krachtdadig beleid.

Maar weinig politieke leiders kunnen er prat op gaan honderd procent gewapend te zijn tegen grote tragedies. Bij zijn aantreden als Amerikaans president begin 2001 had George W. Bush ongetwijfeld nooit gedacht dat zijn land nog geen acht maanden later het doelwit zou zijn van ondenkbaar gewaande aanslagen in New York en in Washington. Evenmin had François Hollande verwacht dat hij in 2015 en 2016 getuige zou zijn van een resem bloedige terreurdaden op Frans grondgebied. Laat staan dat de Libanese premier Hassan Diab voorbereid was op het drama dat zich dinsdag afgespeeld heeft in de haven van Beiroet.

Toen op 19 december vorig jaar bekend raakte dat de soenniet de opdracht gekregen had een regering te vormen, ging de bedrijvigheid op de zoekrobot Google wellicht crescendo in Libanon. Want wie was die 61-jarige man die de raspoliticus Saad Hariri opvolgde als premier? Geboren en getogen in Beiroet, ingenieur, academicus, auteur van meer dan 150 artikels in wetenschappelijke publicaties en schrijver van boeken over de nood aan onderwijshervorming in zijn land, luidde het antwoord.

Diab leek de juiste man op de juiste plaats. Al wekenlang was het land in de Levant in de ban van de grootste protesten in meer dan een decennium. Afkeer van de ‘corrupte, incompetente heersende elite’, ongenoegen over de erbarmelijke openbare dienstverlening en wanhoop over hun tanende levensstandaard verenigden christenen, soennieten en sjiieten voor een keer in hun verzet tegen het regime.

Zelfverklaarde idealist

Luidkeels riepen ze om een zuivering van de politieke klasse, een onafhankelijke justitie en een doorgedreven strijd tegen de welig tierende corruptie. Alleen een kabinet van onafhankelijke technocraten kon Libanon naar dat nieuwe tijdperk gidsen, meenden de boze burgers.

Diab leek perfect te beantwoorden aan het profiel dat de betogers voor ogen hadden. De academicus droeg geen politieke stempel, deelde de frustraties van zijn landgenoten en had zijn steun voor de revolterende massa nooit onder stoelen of banken gestoken in de weken voor zijn benoeming. De zelfverklaarde idealist droomde ervan ‘Libanon te transformeren’.

Diab en zijn team blonken vooral uit in intern gekissebis en weinig krachtdadig beleid.

Een goed halfjaar later overheerst ontgoocheling over Diab en zijn ‘reddingsteam’. Zij blonken vooral uit in intern gekissebis en weinig krachtdadig beleid. En dat terwijl ’s lands economie in coma ligt, de munt sinds oktober 80 procent van zijn waarde verloor, hyperinflatie heerst en de Libanezen door drastische kapitaalcontroles, opgelegd door een verrotte banksector, amper aan hun spaarcenten kunnen. Steeds meer groeit de vrees dat tegen eind 2020 driekwart van de bevolking in armoede leeft.

Wanbetaling

En cours de route tekenden Diab en co. nog voor een primeur. Voor het eerst in zijn geschiedenis ging Libanon in wanbetaling. Zelfs in de donkerste dagen van de burgeroorlog (1975-1990) was dat het land nooit overkomen. De default was onvermijdelijk omdat westerse landen en een resem Arabische Golfstaten weigerden de rol van suikeroom nog op te nemen zolang daar geen hervormingen tegenover stonden. Ze tolereerden niet langer dat de hulp weer in de zakken van de corrupte elite verdween.

Die corruptie is haast inherent aan het politieke systeem. Om de vrede tussen de geloofsgroepen in het land te bewaren worden de postjes volgens strikte regels verdeeld.

Die corruptie is haast inherent aan het politieke systeem. Om de vrede tussen de geloofsgroepen in het land te bewaren worden de postjes volgens strikte regels verdeeld. De verwevenheid van de elite met de macht werkte de graaicultuur en het cliëntelisme de voorbije decennia in de hand. Daarbij komt dat de belangen van de geloofsgroepen met elkaar botsen. Het interne gesteggel houdt de deur naar noodhulp van het Internationaal Monetair Fonds al maanden dicht.

De hamvraag luidt of de verwoestende explosies in de haven van Beiroet, bevorderd door de falende overheid, als katalysator dienen voor een make-over van het land. Diab wil die operatie nog altijd leiden. ‘Sinds mijn studententijd heb ik altijd het gevoel gehad dat ik zou slagen in alles wat ik ondernam’, zei hij eind 2019. Of hij nog de kans krijgt zijn ideaal na te streven en Libanon te ‘transformeren’, is koffiedik kijken.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud