interview

Jean-Pascal van Ypersele: ‘De Vlaamse kust zal niet overleven zoals ze nu is'

©Dieter Telemans

Met een vriendelijke glimlach brengt de wereldvermaarde klimaatwetenschapper Jean-Pascal van Ypersele (60) de meest verontrustende boodschappen. ‘We kunnen niet voorkomen dat grote delen van Vlaanderen onder water komen te staan.’

Hij is huisexpert bij de Verenigde Naties, adviseert de president van het door stijgend zeewater bedreigde eiland Fiji, en was jaren vicevoorzitter van het met de Nobelprijs bekroonde IPCC, het belangrijkste wetenschappelijke klimaatpanel ter wereld. De adellijke professor Jean-Pascal van Ypersele is een wereldster, voor zover een klimaatwetenschapper er een kan zijn.

We ontmoeten hem aan de Université catholique de Louvain (UCL), na een lezing voor een grote aula met geïnteresseerde senioren. Hij kan de fans maar moeilijk van zich afschudden en ook in de brasserie waar we koffie drinken, wordt hij herkend. De man met de eeuwige glimlach en de opmerkelijke dassencollectie - vandaag een exemplaar in bordeaux, met het logo van de VN - merkt er niets van. Hij klapt zijn laptop open om zijn betoog met grafieken te illustreren.

Twee jaar geleden was van Ypersele de topkandidaat om het IPCC voor te zitten in de cruciale jaren na het klimaatakkoord van Parijs van 2015, maar hij greep ernaast. Een tweede mandaat als vicevoorzitter was niet mogelijk. Van Ypersele verdween zo automatisch uit het IPCC-bureau, ging weer les geven aan zijn alma mater en schreef een boek, waarvan de Nederlandse vertaling maandag in de winkel ligt: ‘In het oog van de klimaatstorm’.

U noemt zichzelf een optimist, maar die titel klinkt alarmerend  

Van Ypersele: ‘Het is een keuze om optimist te blijven, al besef ik erg goed dat de situatie heel slecht is. Kijk, de negatieve gevolgen zijn onvermijdelijk. De klimaatverandering is er, en zal vooral Vlaanderen raken. We kunnen niet voorkomen dat grote delen van de regio onder water komen te staan. Binnen driehonderd jaar, misschien vroeger: het zal gebeuren. Een groot deel van de regio ligt niet zo hoog boven het zeeniveau. We kunnen er wel voor zorgen dat het zo weinig mogelijk gebeurt. En dat de zeespiegel geen 5 maar 3 meter stijgt.’

Kan de Vlaamse kust met haar dijken en appartementen blijven bestaan?

Van Ypersele: ‘Ik denk het niet. De Britse overheid heeft al beslist dat in sommige streken geen compensatie volgt voor mensen die hun woning verliezen door zee-erosie. Wie wil nog aan de kust wonen, als de zeespiegel met een paar meter stijgt?’

Dat gaat over binnen een paar eeuwen. Ziet u vandaag al effecten?

©Dieter Telemans

Van Ypersele: ‘Het KMI heeft vastgesteld dat de intensiteit van de regen is toegenomen. Het is een van de redenen van de vele overstromingen, naast de verstening van het oppervlak door infrastructuur. Kijk ook naar de hittegolf van 2003. Die heeft 70.000 levens gekost in Europa, waarvan 1.200 in België. Ook de afgelopen zomers zijn telkens honderden mensen in ons land gestorven door hitte. Parasieten, dragers van ziekten voor dier en mens, migreren naar onze contreien. De uitbraak van blauwtong onder schapen in 2006 was te wijten aan een vliegje dat uit het zuiden van Europa komt, maar dat door het warmere klimaat hier kan overleven.’

‘Na het klimaatakkoord van Parijs heerste nochtans hoop: voor het eerst spraken alle landen van de wereld af om samen de broeikasuitstoot te beperken, en zo de opwarming van de aarde onder 2 graden te houden. Maar heel wat afspraken van Parijs zijn vaag of voorwaardelijk. Congo heeft bijvoorbeeld toegezegd om erg grote oppervlaktes bos te beschermen, als daar voor enkele honderden miljoenen euro steun tegenover staat. Zelfs als al het beloofde geïmplementeerd wordt, zitten we nog ver van de doelstelling om de temperatuur met maximaal 2 graden Celsius te laten stijgen. Laat staan 1,5 graad.’

‘Het is niet moeilijk om de eerste 10 à 20 procent energie te besparen, door oude lampen door led te vervangen bijvoorbeeld. Dat noem ik laaghangend fruit. Maar hoe ga je de uitstoot met 50 procent terugdringen? Of aan een nulemissie geraken? Want dat is het uiteindelijke doel.’

We weten dat de situatie ernstig is. Toch blijven we in de wagen springen, de open haard aanmaken en het vliegtuig nemen. Hoe komt dat?

Van Ypersele: ‘Meer en meer mensen weten dat klimaatwetenschappers gelijk hebben. Maar we leven in een maatschappij die al eeuwen gebaseerd is op het verbruiken van veel energie: eerst uit hout en later fossiele brandstoffen. Dat omkeren vraagt tijd.’

Politici verspillen zoveel energie om te verzekeren dat hun eigen regio de minste klimaatinspanningen moet doen, maar dat is een achterhoedegevecht.
Jean-Pascale Van Ypersele
Klimaatwetenschapper

‘Het is ook een moeilijk objectief, zowel op collectief als op individueel niveau. Ik heb het de afgelopen twee jaar aan den lijve ondervonden. Omdat ik geen IPCC-voorzitter werd, had ik meer tijd dan voorzien. Die heb ik besteed aan een grondige renovatie van mijn woning: de mazouttank is vervangen door een geothermische warmtepomp, ik heb extreem isolerend glas geplaatst, mijn woning is extra geïsoleerd. En ik heb mijn oude benzinewagen geruild voor een tweedehands elektrische auto.’

Een forse investering, die niet iedereen zich kan permitteren.

Van Ypersele: ‘Als ik het al niet doe, een professor en klimatoloog, wie dan wel? Het klopt wel dat het hele proces veel te ingewikkeld is. Ik zie ruimte voor nieuwe spelers die een onestopshop aanbieden: van de mensen die energieaudits maken tot architecten en aannemers. Energie-efficiënte renovatie is heel belangrijk. Het IPCC heeft berekend dat wereldwijd de potentiële winst voor het het vermijden van CO2-uitstoot het grootst is bij gebouwen.’

In Brussel en Wallonië worden zonnepanelen nog gesubsidieerd. Schrappen dus, en de isolatiepremies verhogen?

Van Ypersele: ‘Het is onzinnig om zonnepanelen te subsidiëren nu de kostprijs zo gedaald is. Elke investering in energieefficiëntie levert meer op dan eender wel spaarboekje, ook zonder subsidies. Het zou interessant zijn voor banken om producten daarrond aan te bieden en de investering in energie-efficiëntie te vergemakkelijken. Daar hoeft de overheid geen rol in te spelen, voor haar zie ik andere mogelijkheden. Uit buitenlandse projecten blijkt dat het veel goedkoper is om renovaties op wijkniveau te organiseren. De overheid kan inspanningen doen om eigenaars te overtuigen om dat samen aan te pakken, en helpen bij het coördineren. Het geld voor subsidies zou veel efficiënter besteed zijn als het niet naar individuen gaat.’

In ons land is er een eeuwige discussie over de verdeling van de CO2-reductie tussen de gewesten. Er wordt gedraald met de kernuitstap. Wat zegt dat over de visie op klimaatbeleid?

Van Ypersele: ‘Te weinig politici beseffen de ernst van de problematiek. Als de Titanic op een ijsberg stoot, is dat niet het moment om te klagen over de prijs van de desserts in de mess. Er wordt zoveel energie verspild om te verzekeren dat de eigen regio de minste inspanning moet doen, maar dat is een achterhoedegevecht. De volgende discussie gaat niet over de verdeling van een aandeel van 5 of 7 procent hernieuwbare energie, maar over 30 procent. En daarna 50 procent, en 70.’

Op de Fiji-eilanden moeten nu al inwoners verhuizen omdat het waterpeil stijgt. ©BELGA

‘De (denktank, red.) OESO zegt al jaren dat de milieubelastingen in België bij de laagste van de club horen. Tegelijk zijn er zoveel instellingen die aanklagen dat de lasten voor arbeid bij de hoogste zijn. Het Federaal Planbureau heeft berekend dat een taks op CO2 mogelijk is als de opbrengst gebruikt wordt om andere taksen te verlagen. Het is een heel efficiënt middel om renovaties goedkoper te maken, door arbeid in die sector lager te belasten.’

U bent adviseur van Fiji, een eilandstaatje dat dreigt te verdwijnen bij een stijgende zeespiegel. Hoe is de situatie er?

Van Ypersele: ‘Precies twee jaar geleden heeft Fiji in enkele uren 30 procent van zijn bnp (bruto nationaal product, red.) verloren door orkaan Winston. De archipel is een van de meest gevoelige landen voor de klimaatverandering, omdat in de toekomst meer en hevigere orkanen zullen ontstaan. Het stijgend zeewater bedreigt de zoetwatervoorziening, waardoor steeds meer laaggelegen gebieden onleefbaar worden.’

U presenteert het als een feit.

Als iedereen fatalistisch wordt, gaan we nog een paar decennia van de aarde kunnen genieten. En dan is het gedaan.
Jean-Pascale Van Ypersele
Klimaatwetenschapper

Van Ypersele: ‘Het is onmogelijk de zeespiegelstijging helemaal te vermijden, het is wel mogelijk een worstcasescenario te voorkomen. Een van de oorzaken van de stijging zijn de ijskappen. De verwachting is dat het ijs op Groenland gaat smelten als de temperatuur toeneemt met 1 tot 4 graden Celsius boven de pre-industriële temperatuur. Daar zitten we vandaag al 1 graad boven. De ijskappen gaan dus smelten. Zelfs als we erin slagen de opwarming tot 2 graden te beperken, gaat de zeespiegel nog lang stijgen. Als u de deur van de koelkast open laat staan, duurt het ook een tijdje eer de temperatuur binnen weer voldoende laag is.’

Hebben we het point of no return bereikt, waar wetenschappers voor waarschuwen?

Van Ypersele: ‘De situatie is al alarmerend, het is niet nodig alarmistisch te zijn. Ik vind het gevaarlijk dat mensen roepen dat een temperatuurdoelstelling van 1,5 graad onhoudbaar is, want het is te laat om daaronder te blijven. Het is 1,1 graad warmer dan de pre-industriële temperatuur. Door de inertie van het systeem is een toename met enkele tienden van graden onvermijdelijk. Net daarom vind ik dat we zo optimistisch mogelijk moeten zijn. Als iedereen fatalistisch wordt, gaan we nog een paar decennia van de aarde kunnen genieten. En dan is het gedaan.’

 

‘In het oog van de Klimaatstorm’ door Jean-Pascal van Ypersele . Uitgegeven bij EPO, 222 p., 17 euro. Verkrijgbaar vanaf 15 februari.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud