IMF-Belg: 'Deze crisis kan landen voorbij kritiek punt duwen'

De Belgische IMF-bestuurder Anthony De Lannoy. ©rv

De coronacrisis raakt groei- en ontwikkelingslanden hard. En dus moet het Internationaal Monetair Fonds (IMF) massaal uitrukken om schuldencrisissen de kop in te drukken. 'Alle energie gaat naar overleven', zegt de Belgische IMF-bestuurder Anthony De Lannoy.

‘Dit is veel erger dan de financiële crisis.’ IMF-baas Kristalina Georgieva wond er onlangs geen doekjes om. Haar instelling praat openlijk over een ‘oorlogsfase’ in de coronacrisis die minstens één tot twee kwartalen zal duren.

Groei- en ontwikkelingslanden blijken daarbij erg kwetsbaar. Hun toerisme-inkomsten kelderen, evenals de prijzen van de grondstoffen die ze exporteren. Het kapitaal vlucht en masse weg terwijl hun munten fors in waarde dalen, waardoor leningen in dollar moeilijker terug te betalen zijn. Bovendien kunnen ze niet zomaar een beroep doen op kapitaalmarkten om hun financieringsnoden te lenigen, een groot contrast met het goedkope schuldpapier en de gulle centrale banken die klaarstaan voor westerse economieën. 

En dus gaat de blik naar het IMF en de Wereldbank, de brandweerdienst voor landen die het water aan de lippen staat. Ruim 80 landen vroegen al noodhulp aan het IMF, dubbel zoveel als tijdens de directe nasleep van de financiële crisis in 2008. Rwanda, Kirgizië en Madagaskar kregen elk al ruim 100 miljoen dollar toegewezen. Zambia en Ecuador zitten verder in het sukkelstraatje: daar is sprake van een mogelijke schuldherschikking, de eerste dominostenen van wat een lange reeks kan worden. 

Voor Anthony De Lannoy, de Belgische IMF-bestuurder die een kiesgroep van 15 landen leidt bij de instelling met hoofdzetel in Washington, beloven het drukke tijden te worden. Volgende week begint ook de lentevergadering van het IMF.

Is deze crisis een grotere uitdaging voor het IMF dan de financiële crisis?

Anthony De Lannoy: ‘Niet alleen voor het IMF. In 2008 had je een heel specifieke crisis. Je wist waar de problemen zaten, kon ze isoleren en aanpakken. Nu worden alle sectoren wereldwijd geraakt. Het is geleden van de Tweede Wereldoorlog dat de economie op zo’n schaal stilviel. Alle energie gaat naar overleven. Daarom ook hebben al ruim 80 landen het IMF noodfinanciering gevraagd om enkele weken te overbruggen. Dat zijn typisch landen die beperkte toegang hebben tot de financiële markten. We hebben de limiet voor noodhulp intussen verdubbeld.’

Veel groei- en ontwikkelingslanden gaan deze crisis verzwakt tegemoet. Het IMF trok vorig jaar nog aan de alarmbel over de toenemende schulden in deze landen. Hoe groot is de kans op een schuldencrisis?

De Lannoy: ‘Deze crisis kan een aantal landen voorbij een kritiek punt duwen, waarna ze te weinig inkomsten en valuta hebben om nog langer internationale betalingen te kunnen doen. In dat geval is een langduriger IMF-hulpprogramma nodig in plaats van noodfinanciering. Dat hoeft niet te betekenen dat we gegarandeerd op een schuldencrisis afstevenen. Wel is duidelijk dat de kwetsbaarheden die er al voor de coronacrisis waren op scherp gesteld worden. Daarom is het goed dat nagedacht wordt over een moratorium op schuldaflossingen voor die landen. Dat kan een pauze zijn of een kwijtschelding van de schulden.’

Hoe groot is de slaagkans van zo’n moratorium? En wat met China, dat de grootste schuldeiser is van veel groei- en ontwikkelingslanden? Ruim 200 miljard dollar schulden aan China zou bovendien niet in de officiële cijfers te vinden zijn.

De Lannoy: ‘Het is onaanvaardbaar dat China veel schulden onder de radar houdt. Schuldtransparantie is belangrijk. Het is niet de bedoeling dat een land bij ons aanklopt en het geld dan gebruikt om China af te betalen. Daar komt bij dat landen vaak zelf niet precies weten hoeveel schulden ze hebben tegenover China en zijn vele entiteiten.’ 

Ik heb de indruk dat er steun is voor een moratorium op schulden. Al blijft China de grote onbekende.
Anthony De Lannoy
IMF-bestuurder

‘Ik heb wel de indruk dat er steun is voor een moratorium. Geen enkel Europees land heeft er zich voorlopig tegen gekant. Al blijft China de grote onbekende. Als het land niet meedoet, bestaat het risico dat het geld naar Chinese schuldaflossingen gaat.’

Heeft het IMF voldoende financiële vuurkracht voor deze crisis?

De Lannoy: ‘Een kleine 270 miljard dollar is direct beschikbaar, waarvan 50 miljard voor noodfinanciering aan groei- en ontwikkelingslanden. Daarnaast is nog eens zo’n 527 miljard dollar opvraagbaar bij IMF-leden. Voorlopig hebben we voldoende middelen.’

De coronacrisis gaat gepaard met omvangrijke staatshulp voor bedrijven die zonder inkomsten vallen. Dat sommige van die bedrijven tot voor kort met hun winsten aandelen inkochten en dividenden uitkeerden, vindt u problematisch. Wat stelt u voor?

De Lannoy: ‘Na de financiële crisis hebben we banken verplicht om hun kapitaal te verhogen en buffers aan te leggen om schokken op te vangen. Je moet de vraag stellen of bedrijven ook geen minimale buffers zouden moeten aanleggen zodat ze enkele weken verder kunnen zonder meteen bij de overheid te moeten aankloppen. Zeker in de VS heb je een extreme situatie gehad waarbij bedrijven de belastingverlaging van president Donald Trump aangegrepen hebben om de voorbije jaren massaal aandelen in te kopen en dividenden uit te keren. En nu vragen sommige van die bedrijven miljardenhulp aan de overheid, met de belofte tijdelijk geen mensen te zullen ontslaan.’ 

Je moet de vraag stellen of bedrijven geen minimale buffers zouden moeten aanleggen zodat ze enkele weken verder kunnen zonder meteen bij de overheid te moeten aankloppen.
Anthony De Lannoy
IMF-bestuurder

‘Dat soort privatisering van de winsten en nationalisering van de verliezen wilden we niet meer na de bankenreddingen in 2008. De coronacrisis is niet de schuld van bedrijven, maar blijkbaar functioneren ze zodanig dat ze te weinig of geen reserves hebben om een schok op te vangen. Banken hebben we destijds de steun laten terugbetalen, soms hebben we ook aandelen geëist in ruil voor steun. Eens we in rustiger vaarwater zitten, moeten we bekijken hoe we ook bedrijven weerbaarder kunnen maken.’

De coronacrisis slaat genadeloos toe in de VS, met in een mum van tijd miljoenen werklozen - doorgaans zonder ziekteverzekering. Hoe ervaart U als inwoner die Amerikaanse ‘boom en bust’-economie?

De Lannoy: ‘Het Amerikaanse systeem brengt elke schok onmiddellijk bij de mensen. Vaak sta je meteen op straat als er iets fout loopt, met minimale werkloosheidssteun. Omgekeerd zullen veel van die mensen weer aangeworven worden als de economie aantrekt. De hallucinante taferelen in de New Yorkse gezondheidszorg tonen dan weer wat er gebeurt in een land dat niet investeert in voorzieningen en alles privatiseert.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud