interview

‘In de VS circuleert het idee dat de vastgoedcrisis onterecht was'

Economieprofessor Robert Shiller. ©Bloomberg

Wat als we zeepbellen en economische depressies beter zouden kunnen voorspellen door de oren te spitsen voor de vertellingen waarmee mensen elkaar aansteken? ‘Narrative economics’ kan die ambitie waarmaken, zegt Nobelprijswinnaar Economie Robert Shiller.

Van 0 naar ruim 300 miljard dollar in enkele jaren tijd, om dan plots terug te vallen: zo ziet een epidemie op de financiële markten eruit. We hebben het over de totale marktwaarde van de bitcoin, de cryptomunt die alles had om er een virale vertelling van te maken.

Zoals een prikkelend ontstaansverhaal over anarchistische programmeurs en een mysterieuze uitvinder, Satoshi Nakamoto, die een vleugje human interest en beroemdheid levert. Een kosmopolitische klasse die via het stateloze bitcoin meespringt op de trein van technologische vooruitgang. Een fascinatie voor het weerkerende verhaal dat computers alles zullen overnemen. En natuurlijk vertellingen over slimme speculanten en rijkdom.

Zeepbelexpert

Die cocktail verklaart volgens economieprofessor Robert Shiller, niet toevallig een zeepbelexpert, waarom het bitcoinfenomeen zich als een lopend vuurtje verspreidde via gesprekken op café en de werkvloer, sociale media en nieuwskanalen. Mensen steken elkaar aan, zoals bij een griepepidemie. Shiller haalt er de wiskundige modellen van epidemiologen bij waarmee ze de verspreiding van besmettelijke ziektes in kaart brengen en beter hopen te voorspellen.

Dat laatste is ook de uitdrukkelijke ambitie van narrative economics. Via die nieuwe discipline onderzoekt Shiller de fors onderschatte impact van virale vertellingen op ons economisch gedrag. Hij wil dat economen er aandacht aan besteden in hun modellen in plaats van louter te focussen op data zoals het bruto binnenlands product, indicatoren waarvan de schommelingen vaak voortvloeien uit een veranderende vertelling. Economische voorspellingen moeten erbij winnen, al erkent Shiller hoe moeilijk het is vertellingen en hun impact in te schatten.

Oervertellingen

In het gelijknamige boek waarmee hij de aftrap geeft voor narrative economics presenteert Shiller een reeks economische oervertellingen die regelmatig opnieuw opduiken. Typisch gebeurt dat in een gemuteerde vorm - zoals bij een echt virus.

Virale vertellingen vertonen heel gelijkaardige kenmerken met epidemieën.
Robert Shiller, economieprofessor aan Yale

De angst voor machines en computers die onze jobs zullen wegvagen is een van die oerverhalen. Door te zoeken op trefwoorden in gedigitaliseerde kranten en boeken merkte Shiller dat de vrees voor automatisering en de resulterende ‘technologische werkloosheid’ piekte tijdens de Grote Depressie in de jaren 1930. Dat woog op het vertrouwen, wat een rem zette op de consumptie en investeringen en zo de depressie verlengde, aldus de Yale-professor die in 2013 de Nobelprijs won.

Aan het eind van de jaren 50 volgde een nieuwe epidemie, maar in plaats van spierkracht dreigde hersenkracht toen het slachtoffer van automatisering te worden. De ‘automatiseringsrecessie’ van 1957-58 was het gevolg. Vandaag is artificiële intelligentie de potentiële boeman. Voorlopig overheerst fascinatie, maar dat kan snel omslaan in angst zodra een stevige recessie uitbreekt, zegt Shiller in een gesprek met De Tijd.

In het hoofdstuk over vastgoedzeepbellen schrijft u dat het cruciaal is te luisteren naar wat mensen vertellen als de huizenprijzen fors in de lift zitten. Moeten economen vaker de wereld in trekken? En hoe vertaal je die kennis dan in modellen?
Robert Shiller: ‘Economen moeten meer aandacht hebben voor wat mensen echt bezighoudt in plaats van te veronderstellen dat iedereen rationeel handelt. Tot voor kort was dat moeilijk, maar intussen beschikken we over almaar meer gedigitaliseerde teksten die je kan doorzoeken. Wat nog ontbreekt, zijn opnames van wat mensen elkaar vertellen. Periodieke interviews en het bestuderen van dagboeken kunnen helpen.’

Hoe zetten we de stap naar het voorspellen van de impact van al die rondwarende vertellingen?
Shiller: ‘Je kan deels een beroep doen op de voorspellende kracht van epidemiologische modellen. Virale vertellingen vertonen heel gelijkaardige kenmerken met epidemieën. Het moeilijke blijft om de start ervan te zien. Daarnaast is samenwerking tussen universiteitsdepartementen nodig als je menselijk gedrag - en de link met circulerende ideeën en emoties - wil voorspellen. Ik denk aan geschiedenis, psychologie, sociologie, neurowetenschappen.’

Moeten overheden vertellingen proberen te sturen als die inderdaad zo’n grote impact hebben? Bijvoorbeeld door het vertrouwen te boosten of fake news te counteren?
Shiller: ‘Instinctief doen overheden dat al door tijdens een financiële crisis op hun buikgevoel te vertrouwen en mensen te kalmeren wanneer een ‘bank run’ dreigt. Denk aan het omvallen van de Britse bank Northern Rock in 2008. De overheid stelde zich meteen borg voor de deposito’s van klanten om te vermijden dat een verhaal over wantrouwen in de hele banksector zou ontstaan. Als alle klanten hun geld zouden opvragen, zouden ook goede banken onderuitgaan.’

De Amerikaanse president Franklin Roosevelt had met enkele toespraken een kalmerende invloed tijdens de Grote Depressie. Kunnen we vandaag nog eenzelfde impact verwachten, gegeven het lage vertrouwen in politici en de versnippering van de media met digitale echokamers? En is dat wel een goed idee met populisten aan de macht?
Shiller: ‘Dat is een lastige vraag. De populistische golf die je nu wereldwijd ziet, is een gevolg van het vergeten van het verhaal over de Tweede Wereldoorlog. Door die catastrofe wisten mensen de jaren nadien hun tribale instincten te onderdrukken. Maar net zoals een epidemie ten einde komt, geldt dat ook voor de verspreiding van een vertelling. Mensen vergeten voortdurend, al blijkt dat niet uit de modellen van economen. Tribale instincten kunnen zo weer opspelen. Daarom moet je mensen herinneren aan vroegere vertellingen en hen leren in te zien hoe vertellingen plots kunnen ontstaan. Onderwijs heeft daar een rol te spelen.’

U beweert dat de verlammende vrees voor automatisering de Grote Depressie verlengd heeft en de dubbele recessie van 1957-58 en 1960-61 heeft veroorzaakt. Dat klinkt plausibel, maar blijft het ook niet speculatief?
Shiller: ‘Als je iemand vraagt waarom hij een auto heeft gekocht, kan die geen duidelijk antwoord geven. Aantonen wat de precieze drijfveer was, is erg moeilijk. Economen hebben het moeilijk om te erkennen dat het denkproces dat aan een beslissing voorafgaat gebed is in vertellingen die veranderen doorheen de tijd.’

Voorlopig zijn jonge mensen nog niet verontrust over artificiële intelligentie, maar dat kan snel omslaan zodra een recessie uitbreekt.
Robert Shiller, economieprofessor aan Yale

‘Aandacht voor geschiedenis en sociologie kan je alvast een idee geven. Op basis daarvan lijkt het mij erg waarschijnlijk dat automatisering toen een rol heeft gespeeld, maar ik kan het niet bewijzen. Dat blijft een uitdaging, maar dat is wat wetenschap drijft. Epidemiologen verfijnen hun voorspellingsmodellen al zo’n 100 jaar. Hun inspanningen lonen als je ziet hoe de wereldgezondheid verbeterd is, al blijft vaak een verrassingselement spelen bij epidemieën.’

In de jongste variant is het artificiële intelligentie (AI) die tot massale werkloosheid dreigt te leiden. Hoe komt het dat we ditmaal geen economische impact zien?
Shiller: ‘Het voortdurende gepraat over AI (zie grafiek, red.) draagt bij tot het bitcoinfenomeen, dus er is al enige impact. Jonge mensen vragen zich af hoe een toekomst met AI eruitziet. Ze vragen zich af wat hun rol zal zijn. Voorlopig zijn ze nog niet verontrust, maar dat kan snel omslaan zodra een serieuze recessie uitbreekt en de werkloosheid omhoogschiet. De angst voor AI zal de recessie dan verergeren, zoals bij de Grote Depressie.’

©Mediafin

 

De vastgoedmarkt is een ander vruchtbaar terrein voor aanstekelijke vertellingen. Sinds 2012 is de Amerikaanse huizenmarkt weer beginnen te boomen, nog geen vijf jaar nadat een vastgoedzeepbel de financiële crisis ingeleid had. Welk verhaal doet ditmaal de ronde?
Shiller: ‘Een ander verhaal dan zo’n 14 jaar geleden, toen het ging over hoe je snel rijk kon worden door te investeren in huizen. Nu de prijzen weer stijgen, leeft het idee dat de vorige crisis misschien toch onterecht was, dat er nu geen zeepbel is hoewel de prijzen snel gestegen zijn. Ik zie het als een miniversie van de vorige boom en begin me zorgen te maken over een val van de huizenprijzen.’

‘Daarnaast is er de vertelling van president Donald Trump. De succesvolle zakenman die zegt dat het rendeert om je rijkdom te etaleren, dat je het zo zelfs tot president kan schoppen. Plus een motivational speaker, die de boodschap uitstraalt dat ook jij alles kan bereiken. In de VS - het land van de kansen - is dat een krachtig verhaal. Het gaat terug naar de American dream, die impliceert dat het perfect oké is je succes te etaleren door een mooi huis te kopen. Het is inspirerend.’

Er is veel woede, nog een emotie die economen miskennen maar die wel degelijk impact heeft.

Eerder dit jaar schreef u dat de Amerikaanse aandelenhausse sinds 2009 deels te verklaren is door een hernieuwde bewondering voor zakelijk succes, met figuren als Elon Musk en Trump. Wordt die vertelling niet bedreigd door de groeiende kritiek op de big tech-bedrijven, monopolisten en de Democratische roep om een vermogensbelasting?
Shiller: ‘Tijdens de debatten van de Democratische presidentskandidaten merk ik veel vijandigheid tegenover rijkdom en ongelijkheid. Er is veel woede, een andere emotie die economen miskennen maar die via boycots wel degelijk impact kan hebben.’

‘Een Democratische president als Elizabeth Warren is normaal nadelig voor de aandelenmarkten. De tarieven van bedrijfsbelastingen kunnen weer stijgen, je kan ook meer regelgeving verwachten. Met een klimaatontkenner als Trump heb je dat niet, die doet alles om de aandelenmarkt gaande te houden. Maar het blijft moeilijk te voorspellen wat de beurzen zullen doen. Er spelen zoveel krachten.’

Robert J. Shiller - Narrative Economics - 2019, Princeton University Press, 378 blz., 21,99 euro.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect