Moeten we bang zijn voor inflatie?

De prijzen van benzine en diesel zijn het jongste jaar sterk gestegen, omdat het herstel van de wereldeconomie en een productiebeperking de olieprijs deden opveren. ©ANP

Een uitspraak van de Amerikaanse minister van Financiën Janet Yellen heeft bij sommige beleggers wellicht de inflatievrees weer doen opflakkeren. Waarom stijgt de inflatie en is die toename duurzaam en verontrustend?

Janet Yellen zei dinsdag dat misschien een lichte rentestijging nodig is om een oververhitting van de Amerikaanse economie te voorkomen. Ze verwees naar de budgettaire stimulus en suggereerde met haar verwijzing naar een mogelijke oververhitting dat ze een hogere inflatie vreest. Later heeft Yellen haar uitspraak wel gecorrigeerd.

Waarom stijgt de inflatie?

De toename van de inflatie heeft meerdere redenen. In de eerste plaats werden sommige grondstoffen fors duurder. De sterke prijsstijging volgt op het krachtig herstel van de wereldeconomie en de stijgende vraag, die dan weer te danken zijn aan het stimulerend monetair en begrotingsbeleid. Maar de hogere grondstoffenprijzen zijn ook een normalisering na de forse prijsdaling vorig jaar, bij het begin van de coronacrisis. Aardolie kost nu ruim dubbel zoveel als een jaar geleden, maar is niet duurder dan net voor het begin van de pandemie.

Bovendien worstelen veel bedrijven met aanvoerproblemen. Onderdelen zoals halfgeleiders zijn schaars en werden duurder. Het transport verloopt soms moeizaam en kost meer, onder meer door een tekort aan containers. Dankzij de sterke vraag kunnen bedrijven die hogere kosten doorrekenen aan hun klanten, blijkt uit peilingen van onder meer De Tijd.

Is de stijging van de inflatie tijdelijk of duurzaam?

De aanvoerproblemen houden wellicht nog een tijdje aan. Voorts is niet uitgesloten dat de prijzen van sommige diensten flink stijgen als sectoren zoals de horeca en het toerisme weer actief worden. De gezinnen hebben tijdens de crisis meer dan ooit gespaard en kunnen hun consumptie de komende maanden fors verhogen. Sommige cafés zijn van plan hun prijzen op te trekken.

Centrale banken en de meeste economen verwachten dat de inflatie de komende maanden verder stijgt, maar volgend jaar terugvalt. De Fed ziet de Amerikaanse inflatie in 2021 stijgen naar gemiddeld 2,4 procent en daarna dalen naar 2 procent. De Europese Centrale Bank voorspelt dat de inflatie minstens tot eind 2023 lager blijft dan de doelstelling van ‘minder dan maar dicht bij 2 procent’. De inflatieprognoses van de meeste economen leunen nauw aan bij die van de centrale banken.

We krijgen wellicht wat meer inflatie, vooral in de VS.
Freddy Heylen
Professor macro-economie UGent

‘We krijgen wellicht wat meer inflatie, vooral in de VS’, zegt Freddy Heylen, professor macro-economie aan de UGent. Hij verwijst net als Yellen naar het stimulerend begrotingsbeleid en het risico dat de Amerikaanse economie oververhit. President Joe Biden lanceerde in maart een stimulusplan van 1.900 miljard dollar. Hij kondigde sindsdien nog een groot investeringsplan en een familieplan aan die de overheidsuitgaven verder zullen verhogen.

Ook Hans Bevers, de hoofdeconoom van Degroof Petercam, verwacht wat meer inflatie. ‘De inflatie zal de komende jaren wat hoger zijn dan de voorbije jaren, bijvoorbeeld 2 of 2,2 procent in plaats van 1,6 procent. Maar het zal meevallen.’

Koen De Leus, de hoofdeconoom van BNP Paribas Fortis, verwijst niet alleen naar het budgettair beleid maar ook naar het soepel monetair beleid. ‘De Fed heeft zijn strategie gewijzigd en streeft nu naar een inflatie van gemiddeld 2 procent.’ Fed-voorzitter Jerome Powell streeft nu naar een inflatie van iets meer dan 2 procent, omdat de inflatie de jongste jaren lager was dan 2 procent.

Voor de komende twee tot drie jaar ziet De Leus nog enkele factoren die de inflatie opkrikken. ‘De ongelijkheid en het populisme zetten overheden onder druk langer een stimuleringsbeleid te voeren. De kwetsbaarheid van de aanvoerlijnen zal de globalisering gedeeltelijk terugdraaien en de vergrijzing doet de beroepsbevolking en dus het aanbod van arbeidskrachten dalen.’

Heylen zet daar tegenover dat de vergrijzing leidt tot meer sparen. 'Duitsland en Japan lopen een tot twee decennia voorop met de vergrijzing. Het spaaroverschot is in Duitsland blijven toenemen en de inflatie bleef laag. Japan kende deflatie, een algemene daling van de prijzen.'

Moeten we ons zorgen maken?

De meeste economen vinden van niet. Bevers: ‘Iets meer inflatie is wenselijk, omdat zo het tekort aan inflatie van de jongste jaren wordt goedgemaakt.’ Ook De Leus verwacht wat meer inflatie, maar geen ontsporing.

Iets meer inflatie is wenselijk, omdat zo het tekort aan inflatie van de jongste jaren wordt goedgemaakt.
Hans Bevers
Hoofdeconoom Degroof Petercam

Heylen ziet verscheidene redenen waarom de stijging van de inflatie zal meevallen. ‘Het stimulerend begrotingsbeleid bevordert de bedrijfsinvesteringen en verhoogt zo het aanbod van goederen en diensten. Ook de overheidsinvesteringen in infrastructuur, onderwijs en vorming verhogen het aanbod.’ Een stijging van het aanbod drukt de prijzen. 'Een sterke arbeidsmarkt zal bovendien de structurele werkloosheid doen dalen. Mensen met een baan bouwen menselijk kapitaal op. Ook dat remt de inflatie.'

Het gevaar van een vicieuze cirkel van stijgende prijzen en lonen is dan ook beperkt, signaleert Heylen. ‘Vroeger dacht de Fed dat een werkloosheidsgraad van minder dan 5 procent leidde tot een snellere stijging van de lonen. Dat gebeurde niet. Nu verwacht de centrale bank pas een versnelling van de lonen als de werkloosheidsgraad onder 4 procent daalt.’ Dat is nog niet aan de orde. De werkloosheidsgraad in de VS bedraagt 6 procent.

Maar sommige economen maken zich zorgen. Lawrence Summers, de voormalige Amerikaanse minister van Financiën, vreest dat de forse budgettaire stimulus in de VS zal leiden tot een sterke stijging van de inflatie.

Hoe kan de overheid de inflatie onder controle houden?

De centrale banken kunnen de rente verhogen als een te hoge inflatie dreigt. Yellen signaleerde dinsdag dat dat misschien nodig zal zijn. 'De rente zal misschien iets moeten stijgen om te garanderen dat onze economie niet oververhit, hoewel de bijkomende overheidsuitgaven relatief klein zijn in verhouding tot de economie.' Later corrigeerde Yellen haar uitspraak. Ze merkte op dat de stijging van de inflatie tijdelijk is en dat ze geen rentestijging voorspelt of aanbeveelt.

De meeste centrale banken streven naar 2 procent inflatie om een veiligheidsmarge te creëren tegenover deflatie. Een algemene daling van de prijzen is gevaarlijk omdat ze kan leiden tot uitstel van consumptie en een recessie. Voorts kunnen centrale banken de economie meer ondersteunen als de inflatie hoger is dan nul. Voor de economie is vooral de reële rente (rente min inflatie) belangrijk. Als de centrale banken bij een inflatie van 2 procent hun beleidsrente verlagen naar 0 procent, zakt de reële rente naar -2 procent.

Heylen vindt de inflatiedoelstelling van 2 procent te laag. ‘Meer inflatie verhoogt de nominale rente en geeft meer beleidsruimte aan de centrale bank. Ik kan gerust leven met een inflatiedoelstelling van 4 procent.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud