Advertentie
Advertentie
reportage

Topeconoom Krugman: 'Simplismes over ongelijkheid kloppen niet'

©© HorstWagner.eu

Minder ongelijkheid is belangrijk om welvaart te creëren, maar niet om de redenen die vaak worden gegeven, zei Nobelprijswinnaar Paul Krugman gisteren in Brussel op een vakbondscongres.

Er zijn simpele economische verhalen te vertellen over hoe minder ongelijkheid tot meer welvaart leidt, maar ze kloppen niet. Het zit moeilijker in elkaar. Het gaat namelijk over politiek. Dat was de rode draad door de speech die Paul Krugman gisteren in The Hotel gaf op een congres van de Europese vakbondskoepel ETUI.

Er zijn veel dingen die we niet weten over ongelijkheid en economie, maar we weten wél veel over ongelijkheid en politiek.
paul krugman
Hoogleraar economie princeton

De Nobelprijswinnaar begon met enkele economische studies te doorprikken. Sommigen beweren dat meer gelijkheid goed is voor de economische groei. Die studies zijn niet stevig genoeg, zei de academicus. Omgekeerd zeggen anderen dat meer gelijkheid nastreven de groei net hindert. Ook daar is geen bewijs voor. Hij raadde de zaal vol vakbondsmensen daarom aan op te passen met hun harde economische argumenten in hun pleidooi tegen ongelijkheid.

Ook andere stellingen over ongelijkheid zijn twijfelachtig. Zo wordt soms gezegd dat wanneer rijken nog rijker worden, ze dat geld vooral sparen. Als armen rijker worden, consumeren ze het. Dat zou dan beter zijn voor de economische groei. Maar dan zou de spaarquote in alle rijke landen op dit moment omhoog moeten gaan en dat gebeurt niet, merkte Krugman op. Een van de problemen van de Europese economie is net dat er te weinig investeringen zijn.

De ongelijkheid doet volgens econoom Paul Krurgman de visie van de rijke elite te sterrk doorwegen in het regeringsbeleid. ©© HorstWagner.eu

Nog zo’n stelling is dat meer ongelijkheid leidt tot meer schulden, omdat de middenklasse gaat lenen om haar levensstijl op niveau te houden. Krugman legde uit dat het subtiel werkt: in de VS gingen gezinnen zich vooral in de schulden steken om een duur huis in een wijk met goede scholen te kunnen kopen. Maar wanneer je andere landen bekijkt, valt de stelling in duigen. Scandinavische landen kennen bijvoorbeeld veel gelijkheid, maar gezinnen hebben er hoge schulden.

Er zijn dus veel dingen die we niet weten over ongelijkheid en economie, zei Krugman, maar we weten wél veel over ongelijkheid en politiek. Hoe ongelijker de samenleving, hoe gepolariseerder de politiek en hoe groter de kans dat je het verkeerde beleid voert voor de bevolking. En die ongelijkheid is er wel degelijk, zei Krugman. Hij steunt de analyse van Thomas Piketty dat de concentratie van welvaart bij de rijkste 0,1 procent op het peil zit van voor de Grote Depressie.

Die grote speech in Davos

De rijke elite heeft andere economische belangen dan het overgrote deel van de rest van de bevolking. De rijken zijn minder bezorgd over werkloosheid maar willen vooral geen inflatie, want ze zijn de eigenaars van obligaties. Ze zijn tegen een grote welvaartsstaat, want ze financieren die grotendeels. Omdat ze machtiger worden, vergoot hun impact op de partijfinanciering en dus op het politieke debat, oordeelt Krugman.

Na de Tweede Wereldoorlog kenden de VS en Europa drie decennia van weinig ongelijkheid. Geen toeval. Dat was omdat de politiek het zo wilde.

Hij raadde aan te kijken naar wat mensen drijft. ‘Het is geen complot. Een regeringsleider is nooit zeker dat hij de volgende verkiezingen overleeft, maar wil op lange termijn zijn toekomstplannen gaaf houden door goed te staan bij de rijke elite. ‘Hij droomt ervan een grote speech te geven over zijn moedige beslissingen op het Wereld Economisch Forum in Davos.’

Volgens Krugman is ook de Europese Commissie daarom in de greep van de gedachten van die rijke elite. ‘Hadden we het handboek economie van Paul Samuelson uit 1948 gebruikt, we hadden deze crisis niet gehad. Maar de Commissie besliste de overheid te doen besparen in tijden van recessie. Dat zijn ideeën die nieuw zijn, zeer innoverend, en compleet verkeerd.’

Het antwoord op ongelijkheid is daarom politiek. Krugman toonde zich daar niet defaitistisch over: ‘Na de Tweede Wereldoorlog kenden de VS en Europa drie decennia van weinig ongelijkheid. Dat was geen toeval. Het was omdat de politiek het zo wilde.’

‘Ik heb deze week in mijn krant, The New York Times, de opiniebijdrage gelezen van de Duitse minister van Financiën Wolfgang Schäuble. Het was ontstellend’, verklaarde columnist Paul Krugman gisteren. ‘Hij heeft niets geleerd.’ Krugman vindt dat de fictie moet ophouden dat Athene in staat is zijn schulden tot de laatste euro af te lossen.

Volgens hem had Griekenland nooit mogen toetreden tot de euro, maar nu dat zo is, kan het er moeilijk weer uit. In 2010 was er nog de optie dat wel te doen, omdat het land dan zijn munt kon devalueren om goedkoper aan het buitenland diensten en goederen te verkopen. ‘Er is echter gekozen voor de pijnlijke weg van jarenlange loonsverlagingen. Na vijf jaar pijnlijke besparingen zou het waanzin zijn toch uit de euro te stappen. Het juridische moeras na een grexit is enorm.’

Anderzijds moet Athene wel hervormingen doen die nu niet gebeuren, vindt Krugman. ‘En ik zou in interviews niet alles zeggen wat de Griekse regering gezegd heeft. Maar ik ben ook niet Grieks.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud